PVV-leider Geert Wilders legt de eed af tijdens de inhuldiging van koning Willem-Alexander in de Nieuwe Kerk.
PVV-leider Geert Wilders legt de eed af tijdens de inhuldiging van koning Willem-Alexander in de Nieuwe Kerk. © ANP

Senaatsvoorzitter hield Wilders weg bij koning tijdens inhuldiging

Eerste Kamervoorzitter Fred de Graaf heeft in de aanloop naar de inhuldiging van koning Willem-Alexander een kunstgreep toegepast om te voorkomen dat PVV-leider Geert Wilders in de nabijheid van de koning op tv zou verschijnen. Door een onvoorziene samenloop van omstandigheden was Wilders op 30 april bijna een van de vijf volksvertegenwoordigers geweest die Willem-Alexander in de Commissie van In- en Uitgeleide mochten vergezellen bij zijn entree in de Nieuwe Kerk. Daar stak De Graaf een stokje voor.

 
Als het waar is, heeft De Graaf zijn onpartijdigheid te grabbel gegooid en moet hij opkrassen.
Geert Wilders

Achter de schermen was de samenstelling van de Commissie van In- en Uitgeleide een van de grootste gevechten voorafgaand aan de plechtigheid. Dat blijkt uit diverse gesprekken met betrokkenen bij de inhuldiging. Een van de bronnen spreekt van 'politiek met een heel kleine p'.

Politiek gedoe
De Graaf erkent tegenover de Volkskrant dat hij Wilders er liever niet bij had vanwege diens problematische relatie met het Koninklijk Huis, waarop de PVV'er vaak harde kritiek heeft. 'In mijn achterhoofd heeft zeker meegespeeld dat het beeld van Wilders naast de koning veel aandacht zou hebben getrokken.' Onwenselijk, meende de senaatsvoorzitter, die een plechtigheid zonder politiek gedoe beoogde.

Het dreigende probleem riep De Graaf over zichzelf af. In 1980, bij de inhuldiging van Beatrix, leidden de fractievoorzitters van alle politieke partijen de koningin en prins Claus de kerk in en uit. Maar De Graaf, als voorzitter van de Eerste Kamer tevens op 30 april voorzitter van de Verenigde Vergadering van de Staten-Generaal waarin de koning werd ingehuldigd, bekeek de oude beelden en vond dat het er rommelig uitzag. Nu, met nog meer politieke partijen dan toen, dat zou 'geen goed plaatje' zijn.

De Graaf stelde Tweede Kamervoorzitter Anouchka van Miltenburg daarom voor het ontvangstcomité klein te houden: zij als Kamervoorzitter, plus één Tweede Kamerlid en één senator. Dat vond zij te weinig. Het compromis werd: de Kamervoorzitter, twee Tweede Kamerleden en twee senatoren.

Verschillende politieke kleuren
De volgende vraag was: hoe te kiezen? Besloten werd voor beide Kamers lijstjes te maken met de anciënniteit van de leden en die als uitgangspunt te nemen. Waarbij als voorwaarde gold dat de vier van verschillende politieke kleuren moesten zijn. Dat de beide voorzitters al van de VVD waren, zou een ondergeschikte rol spelen: zij waren in hun functie immers neutraal en stonden boven de partijen.

Het lijstje in de Eerste Kamer leverde de volgende top-3 op: SGP-senator Gerrit Holdijk was de langst zittende (toen 8.366 dagen), daarna volgden ex aequo (5.062 dagen) René van der Linden (CDA) en Heleen Dupuis (VVD). Het leek logisch Holdijk en Van der Linden, immers tevens oud-voorzitter, af te vaardigen. De Graaf verzekerde zich ervan dat beiden beschikbaar waren.

Maar op het lijstje van Van Miltenburg rees een probleem. De vier Kamerleden die het eerst in aanmerking kwamen, met een gelijk aantal Kamerdagen (toen 5.448), waren (alfabetisch) Harry van Bommel (SP), Mariëtte Hamer (PvdA), Kees van der Staaij (SGP) en Jan de Wit (SP).

Afvallen
Naarmate de weken verstreken, bleek dat de SP'ers bedankten voor de eer. Hamer zei wel ja, maar Van der Staaij zou moeten afvallen omdat partijgenoot Holdijk al was aangezocht. Er moest dus verder op de lijst worden gekeken. Op plaats vijf volgde PvdA'er Kadija Arib (5.357), maar als partijgenoot van Hamer was ook zij geen optie. Wie volgde op plaats zes? PVV-leider en voormalig VVD'er Geert Wilders (5.286).

Om dat te voorkomen, besloot De Graaf zich opnieuw tot Holdijk te wenden. Of hij alsnog plaats wilde maken voor senator Dupuis, zodat zijn voorman Van der Staaij als Tweede Kamerlid in de commissie kon. De orthodoxe christen betoonde zich gezeglijk en loste zo het probleem voor De Graaf op.

De senaatsvoorzitter erkent dat hij het 'heel moeilijk' had gevonden als Wilders in de commissie had gezeten. Hij rechtvaardigt zijn ingreep met het argument dat Van der Staaij ook meer recht had op de plek, omdat de SGP'er bijna 200 dagen langer dan Wilders Kamerlid is.

Wilders gaat om opheldering vragen
Geert Wilders schrijft:
'Mijn secretaresse is op een gegeven moment gebeld door een secretaresse van Kamervoorzitter Van Miltenburg. Of ik er rekening mee wilde houden dat ik in de Commissie van In- en Uitgeleide zou komen. Dan moet je namelijk een jacquet aan, en dat heb je niet zo één-twee-drie. Daarna bleef het een maand stil. Toen mijn secretaresse navraag ging doen, werd ze overal afgewimpeld. Tot we uiteindelijk hoorden wie er in die commissie zaten.

Wij gaan opheldering vragen bij het presidium van de Tweede Kamer en Marcel de Graaff, de voorzitter van onze senaatsfractie, zal aan de voorzitter van de Eerste Kamer vragen of dit verhaal klopt. Als het waar is, heeft De Graaf zijn onpartijdigheid te grabbel gegooid en moet hij opkrassen.'