Portret van VPRO-presentator Wim Brands.
Portret van VPRO-presentator Wim Brands. © ANP Kippa

Wim Brands: 'Als die kinderen mij tegenkomen willen ze me neerschieten'

Schrijfster Donna Tartt is in het land en John de Mol krijgt voor The Voice een aanklacht. Wat vindt Wim Brands, dichter en VPRO-presentator van het televisieprogramma Brands met boeken, van het nieuws van de dag?

 
Het lijkt me vreselijk als je op je sterfbed ligt en dan nog steeds denkt: dat ideetje van Lingo, dat was van mij!

Er is een officiële aanklacht tegen Talpa: The Voice is jatwerk. Komt dat ook wel eens in het boekenvak voor?
'Cultuur is voor een deel altijd imitatie. Denk bijvoorbeeld aan de debuutroman van Hugo Claus, de Metsiers: hij imiteerde bewust Faulkner. Gerrit Komrij heeft in dat verband weleens opgemerkt dat cultuur niet alleen een vorm van imiteren is maar ook van handig pikken. En dat had hij weer van de dichter T.S.  Eliot die schreef: 'onvolwassen dichters imiteren, volwassen dichters stelen.'  Je hebt andere stemmen nodig om je eigen stem te vinden.'

'We hebben het bij literatuur overigens over kunst, dat zit iets ingewikkelder in elkaar dan de televisiewereld, waar een ideetje heel belangrijk is, en waar je het niet over grootse scheppingen hebt die de aarde uit haar baan verplaatsen. Het lijkt me vreselijk als je op je sterfbed ligt en dan nog steeds denkt: dat ideetje van Lingo, dat was van mij! Een televisie-ideetje kun je jatten maar het idee van een boek of film valt niet te jatten, daarvoor zit het DNA van kunst iets te ingewikkeld in elkaar.'

'Stel ik verzin het programma: 'vlieg er eens uit', waarbij vier mensen in een vliegtuig zitten en er één uitgegooid moet worden. De publieke omroep wil het maken, want die weten tegenwoordig van gekheid ook niet meer wat ze moeten doen, maar dan komt John de Mol: 'dat was mijn ideetje!' Je ziet het zo gebeuren toch? Dat zegt genoeg.'

 
Nu deze heruitgave er is, zou dát de sensatie moeten zijn, omdat het een ode is aan de verbeelding op een manier die zeldzaam is. Dit boek zal waarschijnlijk weer 'onderduiken' omdat de boekenmensen met z'n allen aan het Tartten zijn

Iets anders. De nieuwe roman van Donna Tartt kreeg vijf sterren in de Volkskrant en twee sterren in NRC. Wat moeten we eigenlijk met die sterren?
'Ik heb me verbaasd over de Donna Tartt-hype, ik gun haar het beste hoewel ik niet weet of dit een meesterwerk is. Zelf ben ik eraan begonnen maar na honderd bladzijden gestrand, ik betwijfel of het vijf sterren waard is. Wat er rond Tartt gebeurt, heeft te maken met het sterren-systeem. Overigens: jullie boekencriticus, Arjan Peters, heeft Tartt op de avond die de Bezige Bij rond haar organiseerde geïnterviewd, ik vraag me dan af: vinden jullie bij De Volkskrant dat een criticus ook zulke interviews mag doen?'

Peters heeft niet de recensie van het boek gedaan.
'Nee, niet van dit boek. Maar hij recenseert voor jullie. En ik vind dat recensenten zich verre moeten houden van televisie, radio en podia, tenzij ze gevraagd worden als recensent. Ze moeten niet interviewen, hoe goed ze dat misschien ook kunnen. Dat doen ze dan thuis maar. Ik ben geen recensent maar als ik het zou gaan doen in kranten, zou ik meteen stoppen met mijn televisieprogramma en met mijn interviews op de radio - daar ben ik rechtlijnig in.  Je krijgt zo namelijk voor je het weet rare toestanden. Door dat interview in de Stadsschouwburg en die vijf sterren krijg je het gevoel dat de Volkskrant meedoet aan de publiciteitsmachine rond Tartt. Het is een typisch product van de huidige hypecultuur die rond zo veel dingen in onze samenleving heerst. Het treurige is dat uiteindelijk niemand erbij gebaat is: de schrijver niet, de lezer niet, de recensent niet, de uitgever niet.'

Hoezo niet? De uitgever denkt toch vooral: met al die aandacht verkoop ik meer boeken.
'Dat is misschien zo maar alle aandacht richt zich zo volkomen op Tartt dat ze als een slagschaduw over alles heenvalt. Het is een bestseller voor het een bestseller is. Hoewel, dat moeten we nog afwachten ook. En begrijp me: ik gun het haar, er kunnen niet genoeg boeken worden verkocht. Je moet alleen oppassen dat je niet in een cultuur belandt die door New Yorker-schrijver George Trow ooit werd beschreven als: in de contekst van geen contekst.

Waar moet dan de aandacht naar uit?
'Ik heb meegewerkt aan een avond rond de heruitgave van het boek 'Het eiland van het tweede gezicht' geschreven door Albert Vigoleis Thelen. Thomas Mann noemde het in 1953 één van de indrukwekkendste boeken uit de twintigste eeuw. Maarten 't Hart zelfs 'het mooiste boek van de twintigste eeuw'. Nu deze heruitgave er is, zou dát de sensatie moeten zijn, omdat het een ode is aan de verbeelding op een manier die zeldzaam is. Dit boek zal waarschijnlijk weer 'onderduiken' omdat de boekenmensen met z'n allen aan het Tartten zijn.'

Was dat dan twintig jaar geleden anders?
'Nee, dat weet ik niet en ik wil ook helemaal niet twintig jaar terug in de tijd - je moet eens weten hoe modern ik ben;  ik vind dat we ons moeten herbezinnen. Ik  zou zeggen: lees dat boek van Tartt rustig, laat het bezinken... er wordt nu gereageerd alsof het een Talpa-format is waar je iets van moet vinden. Het boek wordt ook echt niet beter van deze zucht naar aandacht, dat wordt nog wel eens vergeten.'

'Vroeger las ik iedere maandag in de Volkskrant de stukken van literatuurcriticus Kees Fens. Hij besprak de boeken die hij zelf had aangeschaft, dat kon ook een boek zijn over 18de eeuwse kerken in Engeland. Een biografie over Flaubert, ga zo maar door. Ik snap dat je als krant de actualiteit moet volgen maar die artikelen mis ik. Simpelweg omdat ook de literatuurredacties zich tegenwoordig gaan gedragen als de redacties van tv-programma's die eigenlijk de actualiteit willen voor zijn en dan daarna een actualiteit willen scheppen. Als ik dat had geweten toen ik al weer eeuwen geleden op de School voor de Journalistiek zat.'

 
Weet je wat eindeloos lang een Amerikaanse bestseller was? Een poëziebundel voor kinderen, terwijl de kinderen die van die poëzie hielden van de middelbare school komen met een levenslange hekel aan poëzie
 
ik denk dat middelbare scholen er goed in zijn geslaagd om het genoegen dat je kunt beleven aan literatuur voor altijd gigantisch om zeep te helpen

De boekverkoop in Nederland daalt. Hoe komt dat?
'Dat is de moeilijkste vraag die je hebt gesteld: ik kan daar niet zomaar een antwoord op geven.'

Wel een idee?
'Laat ik een eens iets opperen dat nog waar is ook: ik denk dat middelbare scholen er goed in zijn geslaagd om het genoegen dat je kunt beleven aan literatuur voor altijd gigantisch om zeep te helpen. Door de manieren van analyseren en de methodiek wordt een boek voor kinderen nooit meer een levend kunstwerk waar je je tot kunt verhouden. Waarom worden grote Nederlandse schrijvers als Couperus en Multatuli niet levend gehouden in het Nederlandse onderwijs? Waarschijnlijk hoort dat ook bij de huidige cultuur waar iedereen als kippen zonder kop op zoek is naar die ene graankorrel.'

Kinderboekenschrijver Jacques Vriens schreef vorige week in een opiniestuk dat we qua leesplezier al op de basisschool onderaan hangen.
'Ik heb zelf poëzielessen gegeven op de lagere school waar mijn vrouw werkt. Door kinderen zelf dingen te laten uitproberen ontstaat een tastbaar plezier. Een gedicht van mij wordt gebruikt op een middelbare school, ik heb de opdracht die scholieren hierover krijgen opgevraagd. Mijn god, wat een ellende. Als die kinderen mij tegenkomen willen ze me neerschieten. Weet je wat eindeloos lang een Amerikaanse bestseller was? Een poëziebundel voor kinderen, terwijl de kinderen die van die poëzie hielden hier van de middelbare school komen met een levenslange hekel aan poëzie.'

Hoe bent u zelf als scholier in aanraking gekomen met literatuur?
'We hadden geen boeken thuis, ik kom uit een totaal ongeletterd milieu. Ik ben zelf al lezend in andere werelden terechtgekomen. Ik had een paar docenten die boeken voor mij meenamen en ik ging veel naar de bibliotheek. Op jonge leeftijd las ik Jan Wolkers. Een nog grotere indruk maakte Gerard Reve met 'Nader tot u' en 'Op weg naar het einde'. Ik weet nog dat ik met mijn ouders met vakantie naar Schoorl ging, ik had de boeken van Reve bij me. Daar begon iemand tot mij te spreken. Ik hoorde een ongekende stem, die sensatie heeft mij tot een levenslange veellezer gemaakt.'

Heeft u nog om iets kunnen lachen vandaag?
'Wat ik het fijnste begin van de dag vind, is de tocht van brievenbus naar voordeur. Voor ik de krant aan mijn vrouw geef, en ik koffie ga maken - dat is ons ochtendritueel  - lees ik Arnon Grunberg - al dralend - op de voorpagina. Hem vind ik een voorbeeld van iemand die een stem heeft waarvan ik denk: goed dat hij er is. De meeste mensen lopen steeds vaker achter dezelfde sproeiwagen aan maar hij is oorspronkelijk: hij probeert de sproeiwagen nog weleens de andere kant op te krijgen of onklaar te maken.'

Dit is aflevering 170 van de dagelijkse 4 Uur Nieuwsbreak. In deze rubriek nemen we iedere dag met een interessant, bekend persoon het nieuws van de dag door.

naschrift: zie hier reactie Arjan Peters