Tunesische salafisten protesteren bij hun universiteit tegen gemengde klassen en willen verplichte boerka's voor vrouwen op school
Tunesische salafisten protesteren bij hun universiteit tegen gemengde klassen en willen verplichte boerka's voor vrouwen op school © ANP

'Religie en wetenschap moeten ver uit elkaars buurt blijven'

Religie en wetenschap moeten ver uit elkaars buurt blijven, betoogt de Tunesische natuurkundige Faouzia Charfi. Want godsdienst is gebaseerd op absolute waarheid en wetenschap, dat is twijfel, altijd zekerheden ter discussie stellen.

 
De orthodoxie gaat ervan uit dat de rede slechts kan bestaan bij de gratie van de openbaring, de boodschap van de profeet. Waarom? Omdat de rede anders twijfel zou kunnen uitlokken. En zodra je gaat twijfelen, loop je het risico het geloof te verliezen
De Tunesische natuurkundige Faouzia Charfi

Als hoogleraar heeft zij dagelijks met ze te maken in de collegezalen van de Universiteit van Tunis, de salafistische studenten die niets willen horen van Darwin en de evolutietheorie, die menen dat de oerknal het werk van God was, die beweren dat alle wetenschappelijke kennis tot en uit de Koran te herleiden is.

Faouzia Charfi gruwt ervan. Voor haar is het geen academisch vraagstuk, de verhouding tussen wetenschap en islam, het is een permanente strijd. Wetenschap en religie moeten bij elkaar uit de buurt blijven, vindt de natuurkundige. Wetenschap, dat is 'twijfel, vragen stellen, het onderzoeken van hypothesen, teleurstelling soms, altijd zekerheden ter discussie stellen'. In de wetenschap, zegt ze, 'bestaat nooit een definitieve waarheid'.

Absolute waarheid
Wel in de godsdienst, althans in de stellige varianten daarvan. Godsdienst is gebaseerd op een absolute waarheid. De rede is daaraan ondergeschikt. 'De orthodoxie gaat ervan uit dat de rede slechts kan bestaan bij de gratie van de openbaring, de boodschap van de profeet. Waarom? Omdat de rede anders twijfel zou kunnen uitlokken. En zodra je gaat twijfelen, loop je het risico het geloof te verliezen.'

Charfi schreef er een boek over, La Science voilée (de gesluierde wetenschap), onlangs uitgekomen bij de Franse uitgever Odile Jacob.

Daarin beweert ze niet dat wetenschap en islam elkaar uitsluiten. Ze herinnert aan de eeuwen - zo tussen 800 en 1250 - waarin de islamitische wereld voorop liep in de wetenschap, met Arabische geleerden als de wiskundige, filosoof en astronoom Ibn al-Haytham (ook wel Alhazen, 965-1040), een van de grondleggers van de optica. Of de jurist, arts en filosoof Averroes (Ibn Rushd, 1126-1198), homo universalis en de grote commentator van Aristoteles. Er was sprake van een 'grote intellectuele rijkdom', die alleen kon bestaan dankzij de vrijheid van denken.

 
Voor de islamisten is zekerheid de kern van het geloof. Ze kunnen bepaalde wetenschappelijke inzichten wel aanvaarden, maar ze menen dat alle theorieën al bestonden in de tekst van de Koran, dat de Koran reeds de gehele wetenschap omvat.
Faouzia Charfi

De Koran
'Voor de islamisten is zekerheid de kern van het geloof', zegt Charfi in haar woning in Tunis, waar ze zojuist is teruggekeerd van haar boekpresentatie in Parijs. 'Ze kunnen bepaalde wetenschappelijke inzichten wel aanvaarden, maar ze menen dat alle theorieën al bestonden in de tekst van de Koran, dat de Koran reeds de gehele wetenschap omvat.

'We noemen dat concordisme - het op elkaar afstemmen van godsdienst en wetenschap. Islamisten interpreteren de verzen zo dat die bijvoorbeeld de oerknal verklaren. Het vers over het scheiden van de aarde en de hemel - voor hen is dat de Big Bang. Op het internet zijn tal van sites waarop dat wordt uitgelegd.

'Je zou kunnen zeggen: nou ja, dat is niet erg. Maar het is heel erg. Ik probeer aan te tonen dat het concordisme gevaarlijk is. Waarom? Omdat de koranische tekst misbruikt wordt. De Koran is geen natuurkundeboek. En de wetenschap wordt gepresenteerd zonder enige wetenschappelijke basis.'

'Geloof is een intieme zaak'
Zelf is Charfi 'van cultuur moslim', zoals ze de vraag naar haar religie beantwoordt. 'Het geloof is een intieme zaak, een persoonlijke kwestie die ieders diepe geheim blijft.'

In haar boek zet ze de Pakistaanse wetenschapper Abdus Salam in het zonnetje, in 1979 winnaar van de Nobelprijs voor natuurkunde. Zijn medeprijswinnaar Steven Weinberg was een uitgesproken atheïst. Toch kwamen beiden in hun onderzoek naar elementaire deeltjes tot hetzelfde resultaat. Dat bewijst, zei de moslim Salam, dat het geloof in onze wetenschappelijke activiteit geen enkele rol speelde.

Charfi richt haar pijlen niet alleen op de islam. Andere religies met een absolute waarheidspretentie kampen in principe met hetzelfde probleem. Ze wijst op evangelische christenen in de VS die de evolutietheorie uit het onderwijs willen bannen. Op de propaganda in Europa voor het door haar verafschuwde intelligent design. Op de strapatsen van het Vaticaan. Op het obscurantisme waarmee menig Poolse katholiek is behept.

Als tegenpool daarvan noemt ze abt Georges Lemaître (1894-1966), een Belgische kanunnik, tevens astronoom, wiskundige en natuurkundige, van 1960 tot 1966 voorzitter van de Pauselijke Academie voor de Wetenschappen. Lemaître is de grondlegger van de oerknaltheorie. 'Hij noemde dat de theorie van het 'primitief atoom'. Het woord 'primitief' kan godsdienstig worden uitgelegd. De toenmalige paus, Pius XII, zei: het is een theorie die au fond strookt met de geest van de kerk.'

Lees het volledige interview met de Tunesische natuurkundige Faouzia Charfi in de weekendbijlag Vonk in de Volkskrant: 'In mijn boek toon ik aan hoe rampzalig de invloed is geweest van de islamisten op het onderwijs.'