Wozzeck laat publiek beduusd achter

Het Nederlands Philharmonisch Orkest werd een personage op zich

Zelden hebben de zangers een dieper psychologisch inzicht in hun rollen getoond, wat resulteert in vocaal opwindende prestaties. Het Nederlands Philharmonisch Orkest werd een personage op zich.

Wozzeck

Opera

Door Nederlands Philharmonisch Orkest olv Marc Albrecht. Regie: Krzysztof Warlikowski.

18/3, Nationale Opera & Ballet, Amsterdam. Aldaar t/m 9/4.

Wozzeck, van de Weense vernieuwer Alban Berg (1885-1935), staat bekend als de eerste opera over de onderklasse. De titel(anti-)held wordt na een roemloze terugkeer uit het leger door iedereen vernederd, eerst door de rijken, dan door zijn overspelige vriendin Marie. Waanzinnig geworden vermoordt Wozzeck Marie en komt daarna zelf om.

Voor Berg was Wozzeck een arme drommel, tot misdaad gedreven door een onderdrukkende maatschappij. Al in de eerste scène zingt hij: 'Ja, als ik een heer was... dan zou ik ook wel deugdzaam zijn!' Maar in de ogen van de Poolse regisseur Krzysztof Warlikowski, die vrijdag zijn langverwachte debuut maakte bij Nationale Opera & Ballet, is er meer aan de hand.

Zo komen we steeds dieper in een duistere, psychologische waanwereld terecht

Voor er één noot gespeeld wordt krijgen we een juniordanscompetitie te zien, met snoezige kinderen in ballroompakjes. Eén jongetje mag echter niet meedoen. De kinderen, nu niet meer zo schattig, pesten hem en zijn vader Wozzeck het podium af.

Het bastaardkind (Jacob Jutte) blijft bijna elke scène in beeld. Hij kijkt toe hoe zijn vader als voetveeg wordt behandeld en hoe zijn moeder door andere vrouwen wordt uitgesloten. Zo verlegt de regisseur het zwaartepunt van het abstracte, politiek-maatschappelijke verhaal naar de wereld van het kind. Wat kan er nog van de zoon terecht komen, als hij dit allemaal heeft gezien? Wat voor jeugd had Wozzeck eigenlijk zelf?

Maar voor een anti-pestreclame is Warlikowski te geniaal. Het wordt ongemakkelijk als Marie (Eva-Maria Westbroek) verschijnt, die er in lakleren jurkje uitziet als een dominatrix. Is Wozzeck (Christopher Maltman) soms een masochist? Ook in de doktersscène lijkt hij van de vernedering te genieten. En zo komen we steeds dieper in een duistere, psychologische waanwereld terecht.

Het Nederlands Philharmonisch Orkest werd een personage op zich

Misschien nog wel het indrukwekkendst aan deze productie is hoe evenwichtig alles samenkomt: Warlikoswki smoort Bergs meesterwerk niet in zijn eigen visie, maar laat ruimte voor interpretatie. De beeldtaal is bevreemdend, maar geen pretentieuze puzzel. Het ingenieuze decor, ontworpen door zijn partner Malgorzata Szczesniak, is een ingetogen mix van Bauhaus en art deco, uit de tijd van de eerste opvoering van Wozzeck. Maar niet alles klopt. Wat doen die urinoirs op het podium? En waarom lijkt Wozzeck op Andy Warhol? De toeschouwer raakt zelf ook in de war.

En dan de personenregie: zelden hebben de zangers een dieper psychologisch inzicht in hun rollen getoond, wat resulteert in vocaal opwindende prestaties. Dirigent Marc Albrecht voelde de emotionele gelaagdheid al even feilloos aan, waardoor het Nederlands Philharmonisch Orkest een personage op zich werd, het broeierige onderbewustzijn van het toneel. Een onthutsende ervaring; het publiek was haast te beduusd om te klappen.