Rowwen Hèze speelt op het achterplan.
Rowwen Hèze speelt op het achterplan. © Ben van Duin

Rowwen Hèze is grootste troef van theaterstuk over Pinkpop

Muziektheater - Pinkpop (Toneelgroep Maastricht en Rowwen Hèze)

De landelijk-melancholische liedjes van Rowwen Hèze (teksten: Jack Poels) en hun liveoptreden zijn van grote klasse, de bijna soapachtige, onpoëtische toneelscènes over Wiel en zijn vrouw Lies zijn helaas flinterdun.

Venlo kleurde roze afgelopen weekend. Vanwege de voorstelling Pinkpop in theater De Maaspoort. Roze loper, roze ballonnen, roze posters, de verslaggever van Omroep Limburg droeg een roze stropdas. Het popfestival in Landgraaf inspireerde Toneelgroep Maastricht tot een voorstelling die eigenlijk twee dingen in één is: een miniconcert met acht nieuwe liedjes van de neder-Limbo-band Rowwen Hèze en een toneelstuk over Wiel, een gewone Limburgse man van 62 die aan Alzheimer lijdt.

Eigenlijk staan die twee elementen zo los van elkaar dat van hecht muziektheater nauwelijks sprake is. De landelijk-melancholische liedjes van Rowwen Hèze (teksten: Jack Poels) en hun live optreden zijn van grote klasse, de bijna soapachtige, on-poëtische toneelscènes over Wiel en zijn vrouw Lies zijn helaas flinterdun. Huub Stapel en Henriëtte Tol kunnen daar dan ook nauwelijks iets meer van maken dan tamelijk rechtlijnig, realistisch acteren.

De anekdote is simpel: Wiel en Lies gingen in 1979 voor het eerst samen naar Pinkpop, samen met jeugdvriend Tjeu. Lies koos eerst voor Tjeu, een charmant lefgozertje, dat later ten onder gaat aan niet uitgekomen dromen en drugs. Daarna koos ze voor de brave Wiel, die nog bij zijn moeder woonde en fysiotherapeut werd. En dan, op zijn 62ste, verdwijnt hij langzaam uit zijn eigen leven. Hoe muziek en de herinnering daaraan af en toe nog voor een leefbaar moment zorgt - dat is het uitgangspunt van Pinkpop.

Regisseur Servé Hermans is niet bang voor de grote zaal en de nodige effecten, en dat is zijn kracht

Gelukkig beschikt regisseur Servé Hermans over een grote theatrale fantasie. Hij is niet bang voor de grote zaal en de nodige effecten, en dat is zijn kracht. Er is voortdurend van alles te zien en te horen. Plensregen, een confettikanon, jurkjes met lichtjes erin, een voorbij rijdende pinguïn, projecties van historische Pinkpopoptredens. Dat alles gevat in het verdriet van Limburg, met de sluiting van de mijnen en de ontploffing in 1975 bij DSM ter illustratie. Wat restte was een regio die behoefte had aan iets vrolijks, iets anders, iets waar de hele wereld naartoe zou komen. Dat werd dus Pinkpop.

Deze op zich gedurfde vorm van eigentijds volks- en muziektheater vraagt om een uitvergrote vorm. Die komt wat de acteurs betreft vooral van Michel Sluysmans die van de jonge Tjeu in de flashbacks een geweldig personage maakt. Iets tussen een geilneef en drugsverslaafde in. Grootste troef is Rowwen Hèze zelf, met als hoogtepunt het nummer Blieve loepe dat eerst op de Pinkpopbeelden uit 1992 is te zien, waarna de band het 25 jaar later in de voorstelling van nu overneemt. Dat is een krachtig en ontroerend statement: hoe de tijd verglijdt en kwaliteit blijft.

Lees ook het interview met Jack Poels van Rowwen Hèze

Rowwen Hèze: zes jongens uit dezelfde kroeg van America met als leider Jack Poels. Nou ja, leider. Hij heeft een broertje dood aan vergaderen, aan 'onze loopgravenoorlogen'. (+)