Vanaf links: Conny (Frédérique Sluyterman van Loo), Jasperina (Hanneke Drenth) en Adèle (Ellen Pieters)
Vanaf links: Conny (Frédérique Sluyterman van Loo), Jasperina (Hanneke Drenth) en Adèle (Ellen Pieters) © Roy Beusker

Een voorstelling om te koesteren

Theater (musical) - Adèle, Conny & Jasperina: De Grote Drie

Het allermooiste van het Nederlandstalig amusementsrepertoire, vrijwel perfect begeleid door pianist Nico van der Linden; dat is De Grote Drie. Een voorstelling om te koesteren.

Adèle, Conny & Jasperina: De Grote Drie

Musical
Door: Dommel-Graaf & Cornelissen Entertainment.
Regie: Paul van Ewijk.

13/2, Stadsschouwburg Utrecht. Tournee t/m 19/5.

'Jij kwam na mij bij Lurelei.' Adèle Bloemendaal is er duidelijk op uit even een anciënniteitstikje uit te delen naar de vijf jaar jongere Jasperina de Jong. Het antwoord van de chique arrogante De Jong laat niet lang op zich wachten: 'Ja, en toen begon het succes.'

Even later haalt Bloemendaal uit naar Conny Stuart, omdat zij aan de zijde van Wim Sonneveld vrolijk heeft doorgespeeld tijdens de Duitse bezetting. Maar ook Bloemendaal krijgt het voor haar kiezen van haar collega's: ze verzon de krankzinnigste excuses om onder een contract uit te komen en vocht op een bijna trieste manier tegen het lichamelijk verval.

Ze stonden nooit gezamenlijk op het podium, maar deze omissie wordt goed gemaakt in de zeer smakelijke en soms ontroerende voorstelling

Ze gelden als de vrouwelijke Grote Drie van het theateramusement van de vorige eeuw: Conny Stuart, Adèle Bloemendaal en Jasperina de Jong. Geen vriendinnen van elkaar, maar onbewust hebben ze elkaar opgestuwd en gestimuleerd. Ze stonden nooit gezamenlijk op het podium, maar deze omissie wordt goed gemaakt in de zeer smakelijke en soms ontroerende voorstelling, naar een idee van Hans Cornelissen.

De drie dames krijgen het aanbod voor een vorstelijk bedrag gezamenlijk op te treden voor een Nederlands diplomatiek publiek in Timboektoe. Voor de pauze zien we de moeizame aanloop naar het optreden, vol hatelijkheden over en weer, na de pauze groeien de drie grote ego's in de woestijn naar elkaar toe.

Behalve voor het idee verdient Cornelissen lof voor zijn casting. Hanneke Drenth (de helft van cabaretduo Dames voor na Vieren en vaste zangeres van het radioprogramma Spijkers met Koppen) heeft de perfecte hautaine blik in haar ogen voor Jasperina de Jong en levert een waar kunststukje af met de Minutenwals. Bij Frédérique Sluyterman van Loo staat 'zeur niet' op haar voorhoofd geschreven, het lijflied van Conny Stuart.

We krijgen het allermooiste voorgeschoteld van het Nederlandstalige amusementsrepertoire

De absolute klapper is Ellen Pieters. Zij hangt enigszins verveeld op de chaise longue en klaagt over haar woning. Terwijl ze een meewarige blik op haar eigen kruis werpt, zingt ze: 'De huisbaas valt niet te vermurwen. Niet door lekkage, niet door spit.' Als ze cynisch uitgejeremieerd is, volgt die knallende, uit duizenden te herkennen schaterlach. Ze is net overleden, maar Adèle Bloemendaal is alweer uit haar graf opgestaan.

Het is vrijwel onmogelijk om drie rijke levens in één voorstelling te proppen. Voor de pauze schiet scriptschrijver Lars Boom daarom voornamelijk oneliners af. Ze typeren de karakters heel behoorlijk, maar erg diep gaat het niet. In de tweede helft wordt er wat minder gevochten en wordt de sfeer wat warmer door de liefdesverhalen en de relatie tot hun zonen.

We krijgen het allermooiste voorgeschoteld van het Nederlandstalige amusementsrepertoire, vrijwel perfect begeleid door pianist Nico van der Linden - alleen bij het ingetogen Jaloezie gaat hij veel te barok te keer. Maar o wat mooi zijn De bokken en de schapen (Adèle), 't Is over (Conny) en Je laat ze echt niet in de steek (Jasperina). Drie vrouwen om te koesteren, een voorstelling om te koesteren.

De Grote Drie: hier kent u ze van

De een kreeg de musical in Nederland van de grond, de ander was de spil in komische tv-series en de derde had volgens Wim Kan te weinig talent.

Conny Stuart (1913-2010)
Stuart begint in de jaren dertig als zangeres van Franse chansons. Vervolgens groeit ze uit tot radioster, speelt ze ruim vijftien jaar in het cabaret van Wim Sonneveld en is zij de leading lady in vijf musicals. Producent John de Crane, componist Harry Bannink en schrijver Annie M.G. Schmidt hebben in haar de ideale artiest om dit nauwelijks bekende genre in Nederland van de grond te krijgen.

Adèle Bloemendaal (1933-2017)
Via het amateurtoneel in de Jordaan komt Bloemendaal eind jaren vijftig bij het maatschappijkritische cabaretgezelschap Lurelei terecht. Met haar levenslange vriend Leen Jongewaard vormt zij de spil in twee komische tv-series; 't Schaep met de 5 Pooten (1969) en Citroentje met suiker (1973). Als haar zoon in 1979 het huis verlaat, durft ze artistieke risico's te nemen en is ze te zien in solo's.

Jasperina de Jong (1938)
In 1959 doet De Jong auditie bij cabaretier Wim Kan. Die ziet te weinig talent in haar. Na een cabaretcursus meldt ze zich bij Lurelei. Als zij dit gezelschap is ontgroeid, richt ze zich op haar musicalcarrière. Zij heeft dan inmiddels haar vaste tekstdichter Guus Vleugel 'ingeruild' voor Ivo de Wijs, die meer persoonlijk repertoire voor haar schrijft. In 2002 stopt ze met optreden.