Aerodynamische Huizenga stijgt boven zichzelf uit

Coureurs die bij de WK baanwielrennen de duuronderdelen voor hun rekening nemen, flirten vroeg of laat allemaal eens met een bestaan op de weg....

De 23-jarige Fries hoefde woensdagavond in Manchester alleen de regerend wereld- en olympisch kampioen Bradley Wiggins voorrang te verlenen bij de individuele achtervolging. In de kwalificaties had hij de extraverte Brit nog de stuipen op het lijf gejaagd door hem in de laatste ronde voorbij te stuiven. Huizenga won die reeks in een Nederlands record, 4.16.343, met een gemiddelde van meer dan 56 kilometer per uur. De oude toptijd (4.24.480) stond op naam van Jens Mouris, die in het Velodrome woensdagavond veertiende werd. Het was in vier kilometer een onvoorstelbare verbetering die Huizenga zelf ook versteld deed staan. Nooit was hij sneller geweest dan 4.24.6. ‘Het ging de afgelopen dagen eigenlijk helemaal niet lekker tijdens de training’, zei hij bedremmeld. ‘Ik fietste met overschot.’De achtervolger liet zich tijdens het middagprogramma oppeppen door de loting die hem in de kwalificatie aan Wiggins, wegrenner bij High Road, koppelde. Hoewel hij in het baanmetier nog een betrekkelijke nieuwkomer is en de onervarenheid hem tijdens de wereldbeker nog wel eens parten speelde, zag Huizenga die krachtmeting als een enorme uitdaging. ‘Je rijdt als achtervolger misschien zes grote wedstrijden in een jaar, dan is het toch geweldig dat het lot je in Manchester aan de uittredende wereldkampioen uit Groot-Brittannië koppelt?’, reageerde Huizenga verbaasd op de suggestie dat het duel hem ook had kunnen verlammen. ‘Daar werd ik echt niet nerveus van.’Drie uur later klonk hij al even zelfbewust toen hem met de zilveren medaille om de nek werd gevraagd zijn sterke punten op te sommen. Huizenga zei blij te zijn dat hij geen krachtpatser is, dat hij het moet hebben van zijn souplesse en dat hij misschien een kleinere versnelling reed dan Wiggins, maar dat hij niet van plan was de concurrentie te kopiëren. ‘Ik wil geen spierbundel worden.’Bert Oosterbosch was in 1979 de laatste Nederlandse wereldkampioen achtervolging. Huizenga moet de komende jaren in staat worden geacht in diens voetsporen te treden. Hij richt zich pas anderhalf jaar op het baanwielrennen. Het uitstapje naar de weg beviel hem minder. Pas nadat hij bondscoach Peter Pieters vroeg of hij het een keer op de baan mocht proberen, lag zijn toekomst vast. Huizenga profiteert optimaal van een ongekende flexibiliteit in zijn bovenlijf. De andere achtervolgers in de nationale selectie volgen altijd met verbazing de bochten waarin hun jonge collega zich wringt. Hij is 1 meter 85 lang, maar op de fiets lijkt hij een onderdeurtje. Daar kruipt hij in elkaar. Die aangeboren lenigheid helpt hem bij het zoeken naar een aerodynamische positie, in de achtervolging van levensbelang. Huizenga is er een pietje precies in. In de zomer testte hij dagenlang samen met bewegingswetenschapper Albert Smit nieuwe posities. Hij liet zijn moeder daarnaast een pak naaien waarbij de handschoenen aan de mouwen waren geregen. Huizenga was ervan overtuigd dat het sneller zou zijn. Dat was het niet. Het pak verdween in de hoek. Maar de poging deed wel meer ambitie vermoeden dan Huizenga op het eerste oog lijkt prijs te geven. In de selectie van Pieters hield hij zich de afgelopen maanden nog op de vlakte. Hij liet de ervaren Jens Mouris en Peter Schep de lijnen uitzetten voor de ploegenachtervolging. Na de WK zal hij mogelijk meer zijn eigen plan trekken, kondigde hij aan. Huizenga heeft in mum van tijd recht van spreken gekregen. Zelfs Chris Boardman, legende op de achtervolging en technisch adviseur van de Britse achtervolgers, kwam hem in Manchester complimenteren. ‘Ik zei: misschien kun je me nog iets leren. Maar daar wilde hij niet aan.’ Dat Huizenga het in de finale moest afleggen tegen Wiggins was ingecalculeerd. De twee achtervolgingen waren amper drie uur na elkaar gepland. Het tengere lijf van Huizenga bleek beduidend meer hersteltijd nodig te hebben. Hij vond het alvast een geruststellende gedachte dat in Peking bij de Spelen er een halve dag zit tussen de kwalificatie en de finales. ‘En dan nog zal het moeilijk worden om Wiggins te verslaan’, voorspelde Huizenga. Wat snelheid en diep gaan betreft deed hij niet voor hem onder, vond de renner uit Franeker. Wiggins beschikte wel over veel meer inhoud dan hij. De Brit heeft dan ook geen hekel aan wielrennen op de weg.