Modebiënnale: Visies op vorm en volume

In de vrouwencollectie voor zomer 2008 van Jil Sander vond Piet Paris, artistiek directeur van de Arnhem Modebiënnale, het thema voor de derde editie. Al een paar seizoenen zag hij dat decoratieve, verhalende mode op z’n retour was. De pure vormentaal van de kleren van Jil Sander-ontwerper Raf Simons – volumineuze stukken, opgebouwd uit vele laagjes, in geometrische vormen geknipte zijde – deed hem beseffen dat er inderdaad een nieuw modetijdperk was aangebroken. Een waarin het op de eerste plaats gaat om vorm en volume: Shape.

Net als de vorige editie is deze modebiënnale, die vrijdag werd geopend door prinses Máxima, een groot, ambitieus, indrukwekkend evenement; de worsteling om de sponsoring rond te krijgen is er niet aan af te zien. Musea hebben speciale tentoonstellingen, er zijn filmvoorstellingen, optredens (afgelopen weekend danste Introdans in kostuums van jonge Nederlandse modeontwerpers), symposia, tijdelijke winkels. Het is de komende maand onmogelijk in Arnhem rond te lopen zonder met mode in aanraking te komen.Stellage
Het hart van de biënnale is de tentoonstelling Shape. Het eerste deel daarvan bevindt zich op een vijf meter hoge stellage die om het stadhuis van Arnhem loopt, waarop negen houten huisjes staan. In elk daarvan wordt een aspect van de vormentaal van de huidige mode uitgelicht. Het begint met een roze creatie van Jil Sander (‘geometrie’) en eindigt met een hologram-animatie van Stacey Rookhuizen in een jurk van Viktor & Rolf (‘verschijningsvorm’). Vijf ‘voetbaljurken’ uit de huidige collectie van Commes des Garçons verbeelden fantasie, de dramatische wollen creaties van Sandra Backlund en Rodarte vertellen over de invloed van materiaal. Een groot deel van het inrichtingsbudget ging naar speciaal gemaakte poppen: hun hoofden zijn exacte replica’s van een vrouwelijk en een mannelijk Nederlands fotomodel, gemaakt van siliconen en echt haar, en steeds uitgevoerd met een andere kleur haar en ogen – weer een heel andere interpretatie van vorm.Het tweede deel van Shape bevindt zich in de Eusebiuskerk. Ook hier houten huisjes, maar de invulling is anders. Tientallen ontwerpers – zowel bekende internationale en Nederlandse namen als jong talent – is gevraagd hun visie te geven op het thema ‘vorm’. Het antwoord varieert van de inmiddels bekende molensteenkraag-ontwerpen van Klavers van Engelen (ditmaal uitgevoerd in felgekleurde transparante zijde en gedragen door lichtgevende poppen) tot de waslijn van Thomas Voorn, waaraan overhemden hangen die zo gevouwen zijn dat ze het woord ‘Welcome’ vormen, en de driedimensionale schetsen van papier en hout van het Britse Boudicca. Opmerkelijk is dat maar één ontwerper het thema rechtstreeks betrekt op het lichaam – in de ruimte van Rick Owens speelt een rauwe video waarin een zwaar gehandicapte vrouw wordt opgemaakt en in een jurk van Owens wordt gekleed.Poppenhuis
In Historisch Museum Arnhem werd het poppenhuis van Lizzy Ansingh, het pronkstuk van het museum, als uitgangspunt genomen. De kamers in het museum zijn veranderd in een soort uitvergrote poppenhuiskamers, waarin – soms lastig te doorgronden – verbanden worden gelegd tussen moderne kunst, historische voorwerpen en de mode van onder anderen Martin Margiela en Fong Leng.In het Museum voor Moderne Kunst verkent het duo Freudenthal/Verhagen, waarvan ook werk te zien is op Shape zelf, de grenzen van de (mode)fotografie. Op een van hun foto’s lopen de voor- en achterkant van een model in een jurk van Lanvin in elkaar over, op andere foto’s gaan gordijnen en kleren over in echte stukken geplooide stof. Op tegenover elkaar geplaatste foto’s, waarop animaties zijn geprojecteerd, draaien een zingende man en vrouw hun hoofden helemaal rond, op een video wordt een jong model door afwezige handen aangekleed in de tere ontwerpen van het Nederlandse Painted Series en weer uitgekleed. Het zijn werken van een soms ontroerende schoonheid, die tot de hoogtepunten van de biënnale behoren.