Independence Day: Resurgence bewijst dat er nog meer kapot kan
©

Independence Day: Resurgence bewijst dat er nog meer kapot kan

Independence Day: Resurgence

Twintig jaar na de eerste versie is de buitenaardse invasie nog heftiger in Independence Day: Resurgence. Maar de mens is vindingrijk.

Geen regisseur vernietigde zo vaak de wereld als Roland Emmerich, de Duitser die de rampenfilm begin jaren negentig nieuw leven inblies met Independence Day. Nu, twintig jaar later, presenteert hij het vervolg op zijn B-sciencefictionklassieker. Er kan altijd nog meer kapot.

Het zat er in. De boosaardige buitenaardsen, in 1996 nog zo knap verdreven onder leiding van die geïnspireerd speechende Amerikaanse president ('Today, we celebrate our Independence Day!'), komen twintig jaar later verhaal halen.

Regen van wolkenkrabbers

Independence Day: Resurgence (***). Sciencefiction. Regie. Roland Emmerich. Met Jeff Goldblum, Bill Pullman, Liam Hemsworth, Maika Monroe, Jessie Usher, Charlotte Gainsbourg, Judd Hirsch. 121 min., In 120 zalen.

Met inzet van groter materieel. Enkel de zwaartekracht van het reusachtige, over de aarde zwevende ruimteschip, is ditmaal al voldoende om een continent of twee, drie te ontmantelen. Gebouwen, oceaanstomers, jumbojets, auto's, bevolkingen, werkelijk álles wordt omhoog gezogen en verderop neergekwakt. Kenmerkende wolkenkrabbers uit Singapore en Dubai regenen neer op Londen; andermaal verlegt Roland Emmerich de destructielat.

Want er kan altijd meer kapot, leert het oeuvre van de filmmaker die zich in eigen land onbegrepen achtte. De 60-jarige Duitser week uit naar Hollywood, regisseerde daar het eerste speelfilmdeel van de populaire en als franchise uitgebouwde B-ruimtesaga Stargate (1994), maar vestigde zijn naam pas echt met zijn blockbuster over de afgeslagen buitenaardse invasie. Independence Day, goed voor ruim 800 miljoen dollar aan recettes, een Oscar voor de special effects en de complimenten van collega Spielberg, die Emmerich voorspelde dat diens film de komende tien, twintig jaar zou worden nagevolgd. De Duitser herintroduceerde een vergeten genre: de rampenfilm van de jaren zeventig. Spoedig volgden er meer: Armageddon (1998), The Perfect Storm (2000).

Appelleren aan angsten

Rampenfilms bieden een catharsis

Roland Emmerich

En Emmerich bleef zijn niche trouw: hij trakteerde de wereld op een nucleaire reuzenhagedis in z'n Godzilla-remake (1998), op extreme vrieskou in The Day after Tomorrow (2004) en door de Maya's vooraangekondigde megazee- en aardbevingen in 2012 (2009).

Je kunt de regisseur niet dieper beledigen dan zijn films te relateren aan de huidige hausse aan superheldenfilms, die immers ook vaak worden weggezet als simpel vermaak. Zijn films mogen grotesk zijn, of B-films, maar de angsten waaraan ze appelleren zijn nog altijd stukken reëler dan de beslommeringen van superhelden. Wat als E.T. zich morgen meldt? Wat als de magnetische polen verschuiven? Wat als er een nieuwe ijstijd aanbreekt?

Rampenfilms zijn goed voor de mens, is de stellige overtuiging van de cineast, die zich in 2013 over het onderwerp liet interviewen door de BBC. 'Ze bieden een catharsis. Eerst is er die destructie, maar aan het slot komt het goed, dankzij de juiste mensen.'

Vindingrijk, solidair en opofferingsgezind

Witte Huis driemaal verwoest

Alhoewel hij ook films maakte die niet over rampen gingen, zoals zijn min of meer historische Shakespeare-thriller Anonymous (2011), zal de Duitse filmmaker Roland Emmerich (60) worden herinnerd als de man die drie keer het Witte Huis verwoestte. Eerst als buitenaards laserkanon in Independence Day, daarna met een vloedgolf in 2012, en ook door rechtse terroristen in White House Down. Independence Day werd in 1996 speciaal voorvertoond voor toenmalig president Bill Clinton, in het Witte Huis en in het bijzijn van de regisseur.

Will Smith was zo iemand, als branievolle straaljagerpiloot in Independence Day. Maar Smith vroeg 50 miljoen dollar (44 miljoen euro) voor een optreden in twee vervolgdelen, wat de studio aan de hoge kant vond. Dus is zijn held ongespecificeerd overleden in het vervolgdeel. Wel is er zijn eveneens jachtvliegende zoon (gespeeld door Jessie Usher), die de familienaam mag hooghouden.

Emmerich, die zich er in eerdere interviews vaak op liet voorstaan dat hij nooit in zijn carrière een vervolgdeel opnam, structureerde Independence Day: Resurgence zo veel mogelijk naar het origineel. Wederom demonstreert de buitenaardse vijand eerst een overgewicht in schaal, verpulverende vuurkracht en (telepathisch) intellect. Vervolgens blijkt het restant van de mensheid dan toch voldoende vindingrijk, solidair en opofferingsgezind om partij te bieden.

Niet storen aan logica

Alhoewel de wereld wederom spectaculair (bijna) ten onder gaat, overdondert en amuseert Independence Day: Resurgence toch minder dan het origineel. Dat zit 'm, behalve in de voorspelbare scenario-opzet, in de hoeveelheid personages: het vervolg is te druk bevolkt, met naast een restant helden uit het eerste deel (Jeff Goldblum als computerexpert, Judd Hirsch als zijn irritante vader, Bill Pullman als oud-president), óók nog de nieuwe vrouwelijke president, een sympathieke Congolese warlord, een blik jonge vliegeniers (inclusief excuus-Chinees) en Charlotte Gainsbourg in haar eerste blockbusterrol als een uit het beeld huppelende Franse arts ('enchanté!')

We leven in 2016, in Independence Day deel twee, maar die wereld is niet de onze: de Verenigde Naties hebben hun voordeel gedaan met de achtergebleven technologie van de verslagen wezens. Een verdedigingsring van kanonsatellieten dient de aarde voortaan te beschermen.

Emmerich stoort zich niet al te zeer aan logica: de hoogontwikkelde aliens tonen zo weinig strategisch inzicht dat het een wonder is dat ze de aarde überhaupt twee keer vonden. Ze hebben pech, ook nog. Als het er écht om gaat, is het toeval steeds heel even flink op hand van de mens. En al vallen er tientallen miljoenen doden, de onderlinge sfeer blijft goed; die paar schouders waarop het voortbestaan van de mensheid rust, hebben tijd voor onderling geflirt en (meta)grapjes ('dit is groter dan de vorige keer!').

Dat is dan ook de lol van Independence Day, dat zich in een minder ernstig universum afspeelt dan Ridley Scotts Alien-opvolger Prometheus (2012) of Christopher Nolans meer pretentieuze rampfilm Interstellar (2014). Zo redt Emmerich, naast de aarde, toch ook zijn B-film.