Busch Trio is verschikkelijk goed
©

Busch Trio is verschikkelijk goed

Met de eerste cd van het jonge Busch Trio is iets wonderlijks aan de hand. Beluister hem één keer en je weet: dit is verschrikkelijk goed. De musici bereiken een schitterend evenwicht tussen de passie waarmee Dvorák zijn werken overgoot en een lichtheid die zelfs de dichtstbeschreven passages een transparant karakter geeft.

Beluister hem nog eens en de uitvoeringen van Dvoráks pianotrio's Opus 65 & 90, met de bijnaam 'Dumky', geven steeds meer geheimen prijs. Je hoort in de strakke ritmes een cellomelodie opgloeien, je ontdekt in een bijna onderkoelde vioollijn een verborgen, onderhuidse passie.

De cd van het in 2012 opgerichte Busch Trio is de eerste van wat een serie van vier schijfjes moet worden, met de complete werken van Antonín Dvorák voor strijkers en piano, op het label Alpha Classics.

De cello- en pianospelende broers Ori en Omri Epstein, en de Nederlandse violist Mathieu van Bellen zijn de namen achter het pianotrio dat is vernoemd naar Adolf Busch, de legendarische Duitse violist. Ze zijn twintigers, winnaars van meerdere concoursen - Van Bellen kreeg vorig jaar nog de Grachtenfestivalprijs en is deze zomer als artist in residence uitgebreid op het Amsterdamse festival te zien, als solist en als lid van het Busch Trio.

Mooi om ook live te gaan horen waar de drie klanktovenaars toe in staat zijn. Mooi ook om mee te maken dat de viool van Adolf Busch, een Guadagnini uit 1783, nu door de rasmusicus Mathieu van Bellen wordt bespeeld.