Vice-premier Lodewijk Asscher.
Vice-premier Lodewijk Asscher. © ANP

Asscher: akkoord met Marokko over uitkeringen

Uitkeringen die vanuit Nederland naar Marokko worden geëxporteerd gaan flink omlaag. Ze worden aangepast aan het Marokkaanse welvaartsniveau. Dat komt neer op een korting van 40 procent.

Met die afspraak, die minister Asscher van Sociale Zaken dinsdagavond bekendmaakte, komt een einde aan een jarenlang slepende ruzie tussen Nederland en Marokko. Asscher, aangespoord door een meerderheid van de Tweede Kamer, wilde al in 2011 dat de uitkeringen zouden worden verlaagd conform het 'woonlandbeginsel'. Met 19 andere landen zijn daarover al afspraken gemaakt. Daartoe moest het Sociale Zekerheidsverdrag tussen Nederland en Marokko uit 1972 worden aangepast, maar Marokko weigerde daaraan mee te werken.

Aanpassingen

Asscher en de Kamer wilden dat de hoogte van de uitkeringen in Marokko zou worden aangepast aan het prijspeil daar. Dat betekent een verlaging van verschillende uitkeringen. De meeste wijzigingen gaan begin volgend jaar in. Het gaat om uitkeringen op basis van de Algemene Nabestaandenwet, de gedeeltelijke arbeidsongeschiktheidsuitkering (WGA), toeslagen in het kader van arbeidsongeschiktheid en de kinderbijslag. De vergoeding van de kosten van medische zorg (bij tijdelijk verblijf) wordt beëindigd.

De nieuwe afspraken betekenen niets voor de Marokkaanse-Nederlanders die nu al recht hebben op een uitkering. Ze worden toegepast op mensen die vanaf begin volgend jaar recht hebben op een van de uitkeringen. Ze worden verlaagd met percentages tussen de 10 en de 40 procent.

Diplomatiek conflict

Uiteindelijk dreigde Asscher het hele verdrag dan maar op te zeggen, waardoor de export van uitkeringen naar Marokko sowieso onmogelijk zou worden. Daarna dreigde het uit te lopen op een diplomatiek conflict. De Marokkaanse ambassadeur sprak van 'een onvriendelijke daad' door Nederland. 'Veel Marokkanen vinden het discriminerend. Ze zien het als ondankbaarheid, omdat ze sinds de jaren zestig hebben bijgedragen aan de Nederlandse economie.' Hij waarschuwde Asscher ook dat het uiteindelijk geen besparing zal zijn, omdat het nogal wat Marokkanen in Nederland zal houden. Nu remigreren jaarlijks zo'n duizend mensen naar Marokko.

Na meer dan een jaar onderhandelen is er nu toch een akkoord. De meeste wijzigingen gaan begin 2016 in en gelden voor nieuwe uitkeringen. Bestaande uitkeringen lopen gewoon door.

Het gaat om uitkeringen op basis van de Algemene Nabestaandenwet, de gedeeltelijke arbeidsongeschiktheidsuitkering (WGA) en toeslagen in het kader van arbeidsongeschiktheid. Daarnaast kan vanaf 2021 de kinderbijslag niet meer worden uitgevoerd naar Marokko. De vergoeding van de kosten van medische zorg (bij tijdelijk verblijf) wordt beëindigd.

Soepeler overgangsregime

Om de medewerking van Marokko te krijgen heeft Asscher onder meer ingestemd met een wat soepeler overgangsregime. Volgend jaar gaat er 10 procent van de nieuwe uitkeringen af, het jaar daarop 20 procent, totdat vanaf 2019 de uitkeringen 40 procent lager zijn dan in Nederland.

Ondanks Asschers dreigement om het verdrag helemaal op te zeggen, komt het voor het kabinet-Rutte niet ongelegen dat het nu toch blijft bestaan. Door het verdrag is controle in Marokko mogelijk. Bijvoorbeeld om te kijken of iemand daar vermogen heeft, een huis of grond. Dat is belangrijk voor de vraag of iemand hier in Nederland recht heeft op bijstand.

Ook leefden binnen het kabinet zorgen over andere mogelijke gevolgen. Zo vreesde het ministerie van Veiligheid en Justitie dat Marokko zou gaan weigeren mee te werken aan het uitzetten van criminele of illegale Marokkanen. Ook de gezamenlijke aanpak van radicalisering en terrorisme dreigde averij op te lopen.