Peter de Waard: is kunstmatige intelligentie onze vijand of bondgenoot?
©

Peter de Waard: is kunstmatige intelligentie onze vijand of bondgenoot?

De Kwestie

Het is twintig jaar geleden dat de slimste mens ter wereld het onderspit dolf tegen een computer.

Garri Kasparov, de geniale wereldkampioen schaken, verloor in een match over zes partijen met 3,5 tegen 2,5 van Deep Blue, een door IBM ontwikkeld computerprogramma.

Kasparov kon de nederlaag toen moeilijk verkroppen. Niet alleen zijn eigen reputatie lag aan diggelen, maar ook die van de sport. Hij riep dat Deep Blue had valsgespeeld, omdat hij de partijen van de tegenstander niet had kunnen bestuderen en Deep Blue die van hem wel. Hij eiste revanche - iets waar toenmalig IBM-topman Lou Gerstner na de geslaagde pr-stunt en de forse koerswinst van het aandeel geen zin in had.

Anno 2017 zijn grootmeesters voor schaakcomputers een even sterke tegenstander als iemand van 55 die voor het eerst een tennisracket vasthoudt voor Rafael Nadal.

Dat machines na de banen voor de arbeidersklasse nu ook de banen van de middenklasse vernietigen, is niet te stoppen

Elke twee jaar verdubbelt de rekenkracht van computers, zoals de Wet van Moore voorschrijft. Het heeft de romantiek van de schaaksport die ouderen zich nog herinneren van de koudeoorlogsmatch tussen Fischer en Spasski in 1972 deels tenietgedaan (geen afgebroken partijen meer, geen nachtelijk beraad met secondanten).

Vorige maand bracht Kasparov in de VS het boek Deep Thinking uit, waarin hij terugkijkt op de match tegen Deep Blue in 1997. Hij is tot bezinning gekomen en vindt dat de mensheid de machine niet meer als vijand moet zien maar als bondgenoot. Kunstmatige intelligentie en machinaal leren (computers programmeren zichzelf) hebben niet alleen de schaaksport naar een hoger plan getild - 'jonge spelers worden beter doordat ze met computers kunnen sparren' - maar helpen de beschaving (zorg en mobiliteit) vooruit. Dat machines na de banen voor de arbeidersklasse nu ook de banen van de middenklasse vernietigen, is niet te stoppen. 'Daarover klagen is hetzelfde als klagen dat antibiotica de banen van grafdelvers overbodig maakt', aldus Kasparov.

De mens moet er alleen voor waken de resultaten van computermodellen klakkeloos over te nemen

Hij denkt dat de mens de computer de baas kan blijven. Hierbij grijpt hij terug op de Paradox van Moravec, die zegt dat machines slecht zijn in dingen die voor de mens eenvoudig zijn. Computers kunnen weliswaar briljante zetten uitdenken, maar de stukken zelf niet verplaatsen op een bord. Ze missen de zintuiglijke en motorische vaardigheden van de mens. Het duurt nog lang voordat er een robot is die een einde maakt aan de zegereeks van Nadal op gravel. Ook qua strategisch inzicht en analytisch vermogen blijft de mens superieur, verwacht Kasparov. Topschakers met een gewone computer verslaan nog steeds schaakcomputers.

De mens moet er alleen voor waken de resultaten van computermodellen klakkeloos over te nemen. Dat gebeurde tijdens de kredietcrisis, toen financiële handelaren zich bij hun beleggingen uitleverden aan computermodellen.

Als de mensheid zijn kritische geest behoudt, is zij de computer nog enige decennia te slim af.