1651926
Premier Mark Rutte spreekt op het podium van het bevrijdingsfestival in Utrecht tijdens het startsein voor de nationale viering van Bevrijdingsdag. © ANP

'Bent u een optimist? Dan graag toelichten waarom!'

Opinie Aan ongericht optimisme heeft niemand wat en zonder context is het eigenlijk een vorm van misinformatie, vindt arts Willibrord Beemsterboer.

 
Als je beweert over een bepaalde ontwikkeling optimistisch te zijn, zeg er dan direct bij op welke ontwikkeling je precies doelt. En dat graag zo gedetailleerd mogelijk.
 
Premier Rutte kan wel het vlees geworden optimisme worden genoemd

Het valt op dat over ontwikkelingen op medisch, economisch of politiek vlak deskundigen regelmatig optimistische geluiden laten horen zonder dat voldoende duidelijk is waarop dat optimisme is gebaseerd en waar het precies betrekking op heeft. Daardoor wordt veel van wat via de moderne media aan informatie wordt verstrekt een vorm van misinformatie. Mensen worden zo op het verkeerde been gezet. Van voedingsmiddelen in de supermarkt willen we weten wat de ingrediënten zijn en die staan (wettelijk verplicht) keurig op de verpakking, hetzelfde geldt voor geneesmiddelen, waar we ook nog de bijwerkingen bijgeleverd krijgen. Maar immateriële producten zoals 'nieuws' bevatten vaak hoopgevende berichten, vooral van deskundigen, zonder dat die deskundigen erbij zeggen waarover we hoopvol kunnen zijn en waarom.

Een sprekend voorbeeld hiervan vormen signalen over de voortgang van het kankeronderzoek. Het Human Genome Project heeft onze kennis van het menselijk DNA enorm vergroot en inmiddels is voor veel kankers bekend welke genen daarbij een rol spelen. Toch zijn er nog heel veel vragen, in het bijzonder hoeveel en welke eiwitten een rol spelen in de route van kankergen naar celdeling. En ongebreidelde celwoekering (een betere maar onhandige naam voor kanker) zoekt net als fileverkeer sluiproutes om zijn doel te bereiken. Omdat elke kanker zijn eigen dynamiek heeft, zouden we eigenlijk niet meer over 'kanker' moeten spreken. De reden waarom we dat nog doen is dat celwoekering de gemeenschappelijke noemer van kankers is.

Maar niet alleen van kankeronderzoekers hoor je hoopvolle berichten die vragen oproepen, hetzelfde geldt voor berichten van economen over de ontwikkeling van de economie. Deze gaan evenmin altijd vergezeld van een weergave van de reikwijdte van dat optimisme. Politici mogen zich trouwens ook graag ergens 'positief' over uitlaten. Premier Rutte kan wel het vlees geworden optimisme worden genoemd. Van hem kan alles niet optimistisch genoeg gezien worden, maar hoe kun je als kiezer weten of politiek optimisme gerechtvaardigd is zonder dat daar goede redenen voor worden gegeven?

Ongericht optimisme
'Ik ben een optimist' is de slagzin die je mensen vaak hoort uiten en waar ze eer in leggen. Maar waar gaat dat optimisme eigenlijk over?
Wat kopen we voor ongericht optimisme? Hoe kunnen we weten of dat optimisme het algemeen belang betreft, of een deelbelang, of wellicht alleen het belang van degene die zegt optimistisch te zijn?

Lang niet altijd gaan optimistische geluiden vergezeld van een indicatie van de reikwijdte daarvan. Gaat het optimisme van kankeronderzoekers over de vooruitgang in onze kennis van kanker in het algemeen, de diagnostiek, behandeling of prognose van alle of van bepaalde kankers? Veel van het medisch onderzoek dat wordt verricht strekt niet verder dan verfijning van inzicht over, en diagnostiek van, een bepaalde ziekte. Optimisme over de voortgang daarvan gaat
(nog) niet over verbetering van de behandeling van die ziekte.
Positieve resultaten in dierproeven of bij kleine groepen patiënten zijn in de beginfase alleen onder voorbehoud hoopvol.

In de berichtgeving over de vooruitgang in medisch onderzoek is niet altijd duidelijk waarover men hoopvol gestemd is en waarom. Voor onderzoek door economen geldt hetzelfde. Heeft het optimisme dat zij uitspreken betrekking op de aandelenkoersen, de staat van de Rijksfinanciën of de werkgelegenheid?

Drijfzand
Het optimisme van politici is nog diffuser en daarmee het gevaarlijkst. Want politici kunnen na verkiezingen macht krijgen en als hun eerder geuit optimisme dan op drijfzand gebouwd blijkt te zijn kunnen ze, om het kiezersvolk toch tevreden te stellen, oneigenlijke middelen gaan gebruiken om dat doel alsnog te bereiken. Gelukkig komen corruptie en wetenschappelijke fraude (ook een manier om het eerder uitgesproken optimisme een handje te helpen) vroeg of laat in de openbaarheid en dat maakt het probleem paradoxaal genoeg minder groot. Een groter probleem is wellicht, dat deskundigen over ontwikkelingen in de geneeskunde of de economie verwachtingen wekken waarvan mensen hoopvol gestemd raken, zonder te weten waar die positieve verwachtingen precies over gaan.

Als je beweert over een bepaalde ontwikkeling optimistisch te zijn, zeg er dan direct bij op welke ontwikkeling je precies doelt. En dat graag zo gedetailleerd mogelijk. Is het bijvoorbeeld reageerbuisoptimisme dat niet verder strekt dan de deur van het laboratorium, en nog een heel lange weg te gaan heeft vooraleer de huisarts het recept voor het geneesmiddel voorschrijft dat de kwaal doeltreffend gaat bestrijden? Gaat het om optimisme over de kortetermijn ontwikkelingen van de economie die vooralsnog geen effect zullen hebben op de werkgelegenheid en het begrotingstekort niet substantieel zullen terugdringen? Kortom: aan ongericht optimisme heeft niemand wat en zonder context is het eigenlijk een vorm van misinformatie.

Code
Vandaar een pleidooi voor een code die deskundige optimisten dwingt hun optimisme te nuanceren. Een econoom die zegt dat de economische situatie hem optimistisch stemt wordt geacht aan te geven of dit slaat op bijvoorbeeld de bedrijfswinsten, de werkgelegenheid of de staat van de Rijksfinanciën. Blijkt dat onvoldoende uit zijn artikel of zijn antwoorden in een vraaggesprek, dan schiet hij tekort. De nieuwswaarde van zo'n artikel of interview is dan gering. Net zoals bij boek- en filmrecensies een kwaliteitsindicatie met sterretjes wordt vermeld, wordt bij optimistische geluiden van kankeronderzoekers, economen of politici standaard aangegeven op welke terreinen dat optimisme betrekking heeft. De zorgconsument, burger of kiezer weet dan tenminste waar die deskundigen precies optimistisch over zijn en het zijn lot vandaag al raakt of misschien pas over decennia. Of het klopt zal dan de toekomst leren.

Willibrord Beemsterboer is arts.