Vreemdelingen in Frankrijk moeten zich toch registreren

De Franse regering schaft de omstreden registratie van vreemdelingen niet af. Begin dit jaar was het zogenoemde 'certificat d'hébergement' nog inzet van grote politieke turbulentie....

Van onze correspondent

Martin Sommer

PARIJS

Belangrijkste wijziging: op Franse bodem geboren kinderen van niet-Franse ouders krijgen weer op hun achttiende jaar automatisch de Franse nationaliteit, het zogenoemde 'droit de sol'. Onder de vorige regeling was daarvoor een 'wilsdaad' noodzakelijk: het Franse staatsburgerschap moest worden aangevraagd.

Anderhalve week geleden werd het 'voorontwerp-van-wet' van de betrokken minister van Binnenlandse Zaken, Chevènement, bekend. Dat voorstel viel al slecht bij de organisaties die zich het lot van vreemdelingen op Franse bodem aantrekken.

De omstreden wet-Debré bleek, anders dan beloofd tijdens de verkiezingscampagne dit voorjaar, niet te worden ingetrokken, maar slechts geamendeerd.

Het voorstel waar het kabinet nu mee naar de Assemblée wil, blijkt nog dichter bij zijn rechtse voorganger te liggen. Chevènement had nog in gedachten het 'certificat d'hébergement', de voorgeschreven registratie van buitenlandse bezoekers, in te trekken. De minister vond de regeling nutteloos. Maar Jospin heeft ervoor gekozen de registratie van buitenlanders te handhaven, zonder twijfel omdat hij zich meer bekreunt om steun van het midden dan om de kritiek van links en zeer links.

Een ander onderdeel van het wetsvoorstel is nog strenger dan dat van zijn voorganger onder minister-Debré. De tijd dat een illegale buitenlander in administratieve hechtenis mag worden gehouden, wordt verlengd van tien tot veertien dagen. De termijn van tien dagen, in 1983 ingevoerd onder minister Pasqua, was al bekritiseerd door de Constitutionele Raad die wetten toetst aan de grondwet. Jospin heeft het risico van een nieuwe berisping genomen met het argument dat 'alle Europese landen werken met veel langere termijnen'.

Terwijl de achterban mort over het fletse linkse profiel van het kabinet, kregen Jospin en de zijnen deze week steun uit onverwachte hoek: het invloedrijke Amerikaanse zakenblad The Wall Street Journal (in Le Monde als 'ultraliberaal' gekenschetst) overlaadde het Franse kabinet met complimenten. 'Franse socialisten slikken een dosis economische realiteitszin', stond woensdag op de voorpagina boven een groot artikel dat opsomde waar Lionel Jospin zoal de lijn van zijn rechtse voorganger Juppé had voortgezet.

Het was een flinke lijst. De regering koerst op een begrotingstekort van 3 procent; de regering stemde in met de sluiting van Renault-Vilvoorde; de regering heeft de omstreden wet-Debré niet wezenlijk aangetast. Niet alleen The Wall Street Journal was tevreden, ook de Parijse beurs heeft zijn aanvankelijke zorgen over deze regering helemaal laten varen. Dinsdag steeg de CAC-index met meer dan 4 procent, na berichten dat de regering heeft ingestemd met de verkoop van aandelen France Télécom.

'We zijn eraan gewend dat regeringen, links en rechts, ideologisch campagne voeren om vervolgens te buigen voor de harde werkelijkheid', zei Pascal Perrineau, een vooraanstaand politicoloog, in The Wall Street Journal. 'Maar de socialisten gaan verder dan dat. Jospin geeft zelfs toe dat hij zich niet aan zijn verkiezingsbeloften houdt. Ze zijn zeer pragmatisch.'