Onnavolgbare vernieuwer

Annette Embrechts op 03 juni '08, 16:33, bijgewerkt 03 juni '08, 17:17

AMSTERDAM - Profiel: Choreograaf William Forsythe

William Forsythe stond aan de wieg van een nieuw dansidioom. In zijn recente werk buigt de choreograaf beeld en tekst tot het barst.

Tien jaar geleden maakten drie Belgen een documentaire over de meest innovatieve choreograaf van de afgelopen twintig jaar: William Forsythe (1949). Het resultaat: science fiction waarin geen dans is te zien. Schemerige zwart-wit beelden tonen een onderzoeker die in het jaar 7097 een aantal lichamen uit hun eeuwenlange hypnotische sluimer wekt en ontdekt dat ze bewegen volgens verloren gewaande computerbestanden. ‘Het lijkt chaos, maar ik wed dat er systeem in zit’, meldt de wetenschapper enthousiast aan zijn opdrachtgever.

Dat systeem – Forsythes werkwijze – vindt hij nooit, al blijft hij zoeken. Hoe futuristisch ook, de documentaire legt precies de vinger op het raadsel van het fenomeen Forsythe (‘Billy’ voor ingewijden): telkens als je denkt het in kaart te hebben, verrast hij met iets anders.

Ook nu hij voor het eerst met zijn afgeslankte gezelschap The Forsythe Company naar Nederland komt – in 2004 dwongen bezuinigingen hem zijn wereldberoemde Ballett Frankfurt te ontmantelen – , presenteert hij andersoortige voorstellingen dan dansliefhebbers van hem zijn gewend. Forsythe is vooral bekend vanwege zijn hoekig, razendsnel en complex spitzenwerk, opgebouwd uit de basispassen van het klassieke ballet, maar zonder de gevoelige schoonheid en lieftallige lyriek die er altijd mee gepaard gaat. Met ordeningsprincipes van buiten de dans – toeval bijvoorbeeld, en wiskundige reeksen – puzzelt hij een nieuw en rijk dansidioom in elkaar. Kern daarvan: de buik is niet meer het noodzakelijk centrum van een bewegend lichaam. Bij Forsythe kan het bewegingscentrum overal liggen: bij de elleboog, de voetzool of naast het rechteroor. Bewegingen worden gespiegeld, gedraaid, uitgevouwen en dichtgeklapt, al naar gelang gewrichten het toelaten. De menselijke motoriek beschouwt hij in navolging van de Tsjech Rudolf von Laban als levende architectuur: dansen is breken en bouwen.

Echter, in de twee voorstellingen die tijdens het Holland Festival zijn te zien, Kammer/Kammer (2000) en Decreation (2004), zít bijna geen dans. Wel veel tekst en beeld, waarmee Forsythe eveneens knipt, plakt en spiegelt.

Camera’s registreren in Kammer/Kammer minimale verschuivingen in het lichaam en plakken ze ‘niet kloppend’ aan elkaar op videoschermen hoog boven het publiek. Mobiele wandpanelen, als op een filmset, ontnemen de toeschouwer het zicht op spelscčnes, waarin dansers film- en romanfragmenten citeren. In de twee hotelkamers uit de titel wordt het verlangen binnen een getroebleerde homoseksuele relatie bekeken als door een sleutelgat.

In Decreation spugen dansers woorden en klanken uit, waarin met wat verbeeldingskracht haat te herkennen is, liefde en jaloezie. Als ze al bewegen is het als door een wesp gestoken.

Forsythe probeert op zijn manier duidelijk te maken dat de realiteit van de liefde niet strookt met ons idee erover. Om dat door te laten dringen, moet de geďnteresseerde leek wel over enig doorzettings- en abstractievermogen beschikken.

Net als bij zijn dansvoorstellingen kijk je bij deze twee ‘tekst- en beeldinstallaties’ naar structuren die nooit af zijn, naar puzzels zonder oplossing. De enige die het systeem kent is Forsythe zelf.

Vraag hem echter naar een toelichting en je raakt al snel verstrikt in weinig verhelderende uitspraken. De choreograaf praat zoals zijn werk eruit ziet: in raadsels. Hij springt met het grootste gemak van de hiërarchie in een Japanse tuin naar de geometrie van Franse bruggen in de 17de eeuw, en van Finnegan’s Wake van James Joyce naar de taalfilosofie van Derrida. Een boekenvreter is het, een beeldarchitect. Iemand die er plezier in heeft te puzzelen met algoritmen, taal, tijd, beweging, beeld en betekenis. Die 25 stappen vooruitdenkt, terwijl jij als gesprekspartner er 24 mist. Spreek je hem samen met zijn vaste componist, de Nederlander Thom Willems, groeit de verwarring exponentieel. Je hebt het gevoel hun logica bij lange na niet te kunnen bijbenen.

De meeste Nederlandse oud-Forsythe-dansers vinden zijn lenige geest fascinerend. ‘Volstrekt onnavolgbaar in zijn denken’, zei Nanine Linning nadat ze als 20-jarige stage liep bij Ballett Frankfurt (ze waste zijn sokken, deed boodschappen en maakte video-opnamen).

Forsythe doet een sterk beroep op de scheppingskracht van zijn dansers: hij voert bewuste handicaps in en gebruikt hun oplossingen. Het nemen van mentale en fysiek beslissingen, daar draait het om in Forsythes werk. Waarom doen armen, benen, ogen, voeten, tenen, lippen, spieren, vezels, zenuwen en bloedbanen dat wat ze doen? Hoe beslissen we eigenlijk? Een belangrijke vraag, vindt Forsythe: het leven bestaat voornamelijk uit het nemen van beslissingen.

Wie zich grondig wil verdiepen in Forsythes choreografische systemen kan inmiddels terecht in zijn ‘digitale dansschool’, een database van improvisatietechnieken vastgelegd op de cd-rom Improvisation Technologies, A Tool for the Analytical Dance Eye (1994, gemaakt door interface designer Christian Ziegler).

De danscarričre van Forsythe, geboren op 30 december 1949, startte in 1971 bij het Joffrey Ballet, nadat hij in zijn geboortestad New York zijn klassieke balletopleiding had genoten aan de Jacksonville University en de Joffrey Ballet School. John Cranko, de artistiek leider van het Stuttgart Ballet die ook het choreografisch talent in Jirí Kylián ontdekte, herkende al snel een dansvernieuwer in deze Amerikaanse danser en haalde Forsythe – 23 jaar oud – als choreograaf-in-residentie naar Duitsland. Begin jaren tachtig ontwikkelde Forsythe zijn metier succesvol bij het Nederlands Dans Theater in Den Haag.

In 1984 richtte Forsythe zijn eigen gezelschap op, Ballett Frankfurt. In de twintig jaar dat hij dat zou leiden, trouwde hij driemaal. Zijn tweede vrouw, Frankfurt-danseres Tracy-Kai Maier, overleed begin jaren negentig op 32-jarige leeftijd aan kanker; Forsythe bleef met twee kinderen achter. Het veroorzaakte een sombere periode in zijn werk: loodzware dansvoorstellingen vol donkere muziek, decors en bewegingen. Een tijdje liep hij verloren rond: aangekondigd nieuw werk bleek vaker een remix van bestaand. Zijn enorme productiviteit kwam terug toen hij trouwde met Frankfurt-danseres Dana Caspersen. ‘Nu durft hij weer radicale beslissingen te nemen.’ zei componist Willems destijds in deze krant.

Met zijn verschuiving van dans naar video en gesproken woord markeert Forsythe een nieuwe periode in zijn oeuvre. Het buigen en barsten van ballet is buigen en barsten van beeld en tekst geworden. Door de gedwongen bezuiniging werkt hij nu met een kleiner tableau en vaker op locatie (in kale hallen). Zelf omschrijft Forsythe zijn recente voorstellingen als ‘installaties die functioneren als een choreografie’. Of hij ooit weer terugkomt bij zijn fenomenale (spitzen)dans? Het antwoord is even onvoorspelbaar als zijn werk.

The Forsythe Company met Kammer/Kammer op 2 en 3 juni en Decreation op 7 en 8 juni in de Zuiveringshal/Westergasfabriek. www.hollandfestival.nl www.theforsythecompany.de

Stuur dit artikel door
Plaats artikel op MSN Reporter
Plaats artikel op Linkedin
Plaats artikel op Facebook
Plaats artikel op NuJIJ
Plaats artikel op Hyves
Bewaar op Delicious
Plaats artikel op Twitter
E-mail
Printversie
POPULAIR