Uniek uitgewerkte The Red Turtle laat je kijken als een kind

Een betoverend geanimeerde allegorie over de cyclus van het leven. De vervagende grenzen tussen dood en leven, mens en dier, waar en onwaar moedigen je aan je ratio te laten varen en te kijken als een kind.

Het zijn de kleinste details die het bedachtzame animatiesprookje The Red Turtle in zijn eerste minuten zo mooi tot leven wekken. Kijk naar de zachtjes opwaaiende broek van de naamloze man die zojuist aanspoelde op een onbewoond eiland en uitgeput op het strand ter aarde is gestort. Luister hoe de regen zich in de verte aankondigt met aanzwellend geruis, voor de bui boven een bamboebos in alle hevigheid losbarst.

The Red Turtle. Animatie. Regie Michael Dudok de Wit. 80 min., in 27 zalen.

Van klassiek houvast is in de film geen sprake

In een oogwenk deelgenoot van een volledig op zichzelf staand universum. Belangrijk, want van klassiek houvast is in de film geen sprake: gesproken woorden, op een enkele ondefinieerbare kreet na, ontbreken, evenals een concreet plot. Wat begint als een vrij realistisch opgevoerd overlevingsverhaal - de man gaat op zoek naar eten en drinken, hij probeert meermaals weg te varen met een vlot, hij tuimelt in een spelonk en kan alleen via een griezelig nauwe onderwatergang ontsnappen - ontaardt in een wonderlijke allegorie waarin de grens tussen dood en leven, mens en dier, droom en werkelijkheid gaandeweg steeds troebeler en minder belangrijk wordt.

Wonderlijk vooral, omdat Dudok de Wit, die zijn verhaal samen schreef met de Franse regisseuse-scenariste Pascale Ferran, je met zachte hand aanmoedigt om je ratio tijdens het kijken te laten varen. Om te kijken als een kind eigenlijk, zonder een behapbare verklaring te verlangen voor bijvoorbeeld magisch transformerende karakters, maar eenvoudig mee te bewegen met de onvoorstelbare richtingen die het verhaal bewandelt.

Animatiefilms als gedichten

De animatiefilms zijn niet te vangen voor eenduidige interpretatie

Interview animator Bob Wolkers

The Red Turtle is de eerste lange animatiefilm van Oscarwinnaar Michaël Dudok de Wit. Animator Bob Wolkers, zoon van schrijver Jan Wolkers, werkte eraan mee. 'Dit werk gaat nooit vervelen, althans niet in één mensenleven.' Lees hier het hele interview.

Het is diep graven om een film te ontdekken die ergens aan The Red Turtle doet denken. Niet Cast Away, met Tom Hanks als drenkeling, maar de contemplatieve animatiefilm Angel's Egg (1985) van Ghost in the Shell-regisseur Mamoru Oshii komt enigszins in de buurt - producent Toshio Suzuki staat bij beide films op de credits. Het zijn animatiefilms als gedichten, niet te vangen voor eenduidige interpretatie.

Al even bijzonder is de ontstaansgeschiedenis van The Red Turtle. Die begon negen jaar geleden, met een mailtje van de befaamde Japanse Ghibli-studio, thuishaven van de op leeftijd rakende animatiemeesters Hayao Miyazaki (Spirited Away) en Isao Takahata (Grave of the Fireflies). Of Dudok de Wit, wiens Father en Daughter in hun ogen onder andere opviel vanwege zijn 'onwesterse' behandeling van de dood, er iets voor voelde een lange film voor hen te maken?

Dat leverde een avontuurlijke, betoverd geanimeerde en meeslepend vertelde film op, met een herkijkwaarde vergelijkbaar met de klassiekste sprookjes. Over de cyclus van het leven gaat het onder meer, over hoe herinneringen je tot mens maken en hoe die mens zich tot de natuur verhoudt. Volstrekt uniek uitgewerkt.