'De zee was altijd sympathiek, zelfs toen zij mijn broer verslond'

Interview Coco Schrijber

Op een dag dook de broer van regisseur Coco Schrijber de zee in, om nooit meer terug te komen. Vijftien jaar later vervlecht zijn zus zijn vermissing met die van twee anderen in de documentaire How to Meet a Mermaid. Ze dacht dat ze zijn dood had verwerkt, maar het filmproces bleek pijnlijker dan gedacht.

Vijftien jaar geleden dook Lex, de broer van Coco Schrijber, aan de Egyptische kust de zee in. Hij had zijn spullen keurig opgestapeld tussen wat stenen - een shirt, daarnaast een zaklamp, een notitieblok, zijn portemonnee. Daarna verdween hij spoorloos.

In How to Meet a Mermaid stapelt Schrijber zijn dingen precies zo op als Lex dat deed. Zijn duikersmes bovenop. Haar broer liet weliswaar geen briefje achter, maar dat mes was voor haar een teken dat hij bewust de dood opzocht. Want duiken zonder mes, dat deed hij nooit.

'De ironie is: ik heb de zee altijd sympathiek gevonden', zegt Schrijber (55). 'Zelfs toen zij mijn broer verslond. Liever de zee dan een trein, of andere narigheid.'

Ze werkt nog aan de geluidsmontage van How to Meet a Mermaid; de laatste aanpassingen voor de wereldpremière tijdens het Idfa, waar haar film meedingt in de competitie. De hele ochtend heeft ze zitten pielen op tien seconden bulderende zee, die de kijker van haar moet 'voelen in zijn buik, diep in het onderbewuste'.

De zee - afwisselend lonkend, overdonderend, angstaanjagend, rustgevend - is de rode draad in drie verhalen die Schrijber in haar film met elkaar verweeft. Naast het verhaal over haar broer is er dat over de Mexicaan Miguel, die ondanks gevaarlijke haaien en de kustwacht op zijn surfplank de illegale oversteek naar Amerika waagt. En dat over de Britse Rebecca, een 24-jarige medewerker van een Disneycruise die op de Grote Oceaan vermist raakte. Drie mensen die, vanaf een voor anderen juist paradijselijke plek, verdwenen in zee, hun familie vertwijfeld achterlatend.

Zijn duikersmes was voor haar een teken dat hij bewust de dood opzocht. Want duiken zonder mes, dat deed hij nooit

Nee, de film begon niet met haar broer, vertelt Schrijber. Het idee voor haar essayistische documentaire kwam in 'brokjes en stukjes'. Het startpunt lag ergens tijdens een middagje YouTubevideo's kijken en een vaag opborrelend idee over gemoedstoestanden, perceptie en werkelijkheid. Ze wilde iets met de zee, omdat we 'onze gedachten erop projecteren, onze verlangens en ons verdriet'.

Miguel, de American Dream-dromer op zijn surfplank, kende ze al van een vakantie. Ze las over Rebecca en leerde dat er elke twee weken wel iemand verdwijnt tijdens een cruise. Het plan kreeg meer vorm, de contouren werden zichtbaar. Waarom verdwijnen mensen in de zee?

'En toen zei iemand: 'En jouw broer dan?' Nou ja, dacht ik, wat heeft dát er nu weer mee te maken?'

Zo werkt de geest blijkbaar, lacht ze. Meteen afkappen, dat idee. Niet dat ze bang is om persoonlijk te worden in haar documentaires. Integendeel: haar films beginnen altijd bij haarzelf. Het essayistische Bloody Mondays & Strawberry Pies bijvoorbeeld, een documentaire over verveling en nietsdoen, bedacht ze omdat ze zichzelf zo goed kon vervelen. First Kill, over het verlangen om te doden, kwam voort uit een persoonlijke fascinatie. 'Maar dat betekent niet dat het meteen over mijn eigen familie moet gaan. Natuurlijk, iedere filmmaker maakt ooit een egodocument. Heb ik ook gedaan: Een doodgewoon gezin. Net zoals iedere beginnende filmmaker een film over zwervers maakt - dat deed ik ook. Maar daarna is het tijd voor the real shit.'

Toch, zo realiseerde Schrijber, zou het verhaal van haar broer een te mooie verhaallijn zijn om te laten liggen. Dus bedacht ze waar ze het wilde filmen en hoe; wat de rode draad zou worden. Precies zoals ze had gedaan bij Miguel en Rebecca.

Lex' dood had ze wel verwerkt, dacht ze. 'Hij was mijn lievelingsbroer; ik ben het verdriet echt wel aangegaan. Bovendien is zijn lichaam nooit gevonden, dat betekent dat je het huis niet kunt verkopen, het gas niet kunt afsluiten. Ik ben zeven jaar lang elke dag met hem bezig geweest. Dan deal je er wel mee.'

Coco Schrijber

Coco Schrijber studeerde aan de Rietveld Academie in Amsterdam. Sinds 1994 regisseert ze uiterst visuele documentaires. Haar debuut, de korte film In Motion, was een portret van saxofonist David S. Ware. In de korte documentaire Een doodgewoon gezin (1996) portretteerde ze haar eigen familieleden, die compleet van elkaar vervreemd waren geraakt. In haar eerste lange documentaire First Kill (2001) vertellen Vietnamveteranen over de kick van het doden. Met haar poëtische film Bloody Mondays & Strawberry Pies (2008), een ode aan de verveling, won ze een Gouden Kalf voor beste documentaire. Die film was de Nederlandse inzending voor de Oscars. In 2015 verscheen haar boek De Luchtvegers.

Normaal gesproken, zegt Schrijber, parkeer je als regisseur emoties, omdat je alle energie in de film stopt. Maar dat lukte niet toen ze op de plek stond waar hij in zee verdwenen was en de laatste dingen zag die hij gezien moet hebben. In de kleding die ze net als hij opstapelde op het strand, hing zijn geur nog. 'Ik had er echt geen rekening mee gehouden dat het zo pijnlijk zou zijn. Elke dag heb ik wel een keer gehuild. Tot mijn eigen verbazing kon ik niet alleen regisseur zijn, maar was ik ook gewoon zus.'

Uiteindelijk is ze zelf meer in de documentaire te zien dan de bedoeling was. Dat komt door cameraman Lars Skree, die haar bleef filmen, ook op de moeilijke momenten. En door editor Gys Zevenbergen die haar, tegen haar gewoonte in, een middagje wegstuurde en met het materiaal een ingetogen emotionele scène in elkaar zette. 'Toen ik het zag, dacht ik: ja, oké, dat heeft wel wat. Je moet er mee uitkijken, het wordt snel melodramatisch.'

How to Meet a Mermaid gaat niet over haar verdriet of de verwerking ervan. Evenmin zoekt Schrijber in haar film naar verklaringen. Wat ze wil is het ongrijpbare schetsen. 'Het verhaal is groter dan deze drie personages. Je hebt zo veel films die uitgaan van het verlangen om te leven. Maar het verlangen om te sterven is net zo sterk. Wist je dat er per jaar achthonderdduizend mensen sterven door zelfmoord? Als je alle doden van oorlogen en natuurrampen bij elkaar optelt, dan haal je dat aantal niet. We vermoorden onszelf. Het kan gewoon heel erg zwaar zijn om in leven te blijven. Dat wilde ik onderzoeken.'

Schrijber begrijpt het verlangen naar de dood goed, zegt ze. Ze was zelf ook suïcidaal, tussen haar 25ste en haar 30ste. Ze weet hoeveel moeite het kan kosten om er níét naar te handelen, al heb je het ogenschijnlijk goed voor elkaar. Ze kwam eruit dankzij een goede psychiater. 'Ik denk dat iemand die zelfmoord pleegt, niet per se dood wil, maar verlangt naar een ander leven. Daarom hoort Miguel ook in deze film: wat hij doet is levensgevaarlijk. Met de moed der wanhoop scheurt hij die zee op om er iets beters van te maken.'

Dit zijn de topdocumentaires tijdens IDFA

Al aan het agendaworstelen voor het komende documentaire festival IDFA? Onze filmredactie selecteerde met het oog op de voorverkoop alvast 23 hoogtepunten uit de 303 films die er te zien zullen zijn. Hier vind je de selectie.

Omdat ze het gevoel kent, is ze niet boos op Lex. 'Mensen die boos zijn op iemand die er een eind aan maakt, zijn eigenlijk boos op zichzelf, denk ik. 'Hebben we wat gemist?', zeggen achterblijvers weleens. Ja man, ik dacht het wel. Wat mijzelf het meest verbijsterde, was dat mensen het bij mij niet zagen. Zelfs als ik zei: ik loop liever vandaag onder een auto dan morgen. We kijken helemaal niet goed naar elkaar.'

Het zintuiglijke How to Meet a Mermaid stipt nogal wat dingen aan, zegt Schrijber. 'Heldere, rechtlijnige documentaires kunnen prachtig zijn, maar het boeit me niet lang genoeg om zelf zo'n verhaal te maken. Alles hangt met elkaar samen. In een dag ervaar je een scala aan emoties en verwerk je een stroom aan informatie. Waarom zou je dat bij een film niet aankunnen? Ik wil dat How to Meet a Mermaid een overweldigende ervaring is. Iedereen moet uitgeput de bioscoop uitkomen.'