Vodafone adverteert niet meer bij nepnieuws en haatspraak
┬ę AFP

Vodafone adverteert niet meer bij nepnieuws en haatspraak

Een advertentie voor een mobiel abonnement bij een vrouwonvriendelijke site of een plek met nepnieuws? Vodafone wil dat niet meer.

Het telecombedrijf neemt maatregelen die ervoor moeten zorgen dat zijn advertenties niet meer op dubieuze plekken verschijnen. De wereldwijde aanpak is opvallend, omdat het concern niet langer vertrouwt op puur geautomatiseerde oplossingen.

Tot nu toe maakte Vodafone - net als heel veel andere bedrijven - gebruik van de algoritmes van Facebook en Google om zijn uitingen bij precies het juiste publiek te bezorgen. Jonge tweeverdieners die van Ikea, Apple en Renault houden en die in de Randstad wonen bijvoorbeeld. Dat heeft veel voordelen gehad, zegt Vodafone, maar heeft ook tot schadelijke effecten geleid.

Het telecombedrijf wil niet dat zijn advertenties in digitale achterafsteegjes verschijnt. Specifiek noemt Vodafone sites die opzettelijk vrouwen of kwetsbare minderheden als minderwaardig neerzetten en sites met nepnieuws. Bij dat laatste gaat het niet om opinie of satire, maar om die sites die er op het eerste gezicht wel betrouwbaar uitzien, maar toch onzin verspreiden. Het bedrijf wil er ook niet aan meewerken dat die sites geld verdienen met advertenties.

Porno

Om dit voor elkaar te krijgen maakt Vodafone gebruik van een zogenoemde white list: een lijst met vooraf goedgekeurde plekken. Deze komen bovenop de maatregelen die al langer golden. Veel bedrijven geven aan dat ze hun advertenties niet bij bepaalde categorie├źn willen. Porno bijvoorbeeld. Dat is relatief eenvoudig; de - niet-openbare - witte lijsten van Vodafone zijn mensenwerk. Hiervoor wordt samengewerkt met advertentiebedrijven, Google en Facebook.

In Nederland gaat het volgens een woordvoerder van het gecombineerde VodafoneZiggo alleen om advertenties van Vodafone. Ziggo heeft een ander beleid. Vodafone heeft wereldwijd een jaarlijks advertentiebudget van ongeveer 860 miljoen euro. Hiervan wordt volgens de Britse krant The Guardian 460 miljoen online gespendeerd.