Als Noord-Brabant tegenstemt, kan dat de hele deal tegenhouden. De provincie heeft een belang van 30,8 procent in Essent. RWE heeft gezegd dat het minimaal 80 procent van de aandelen verlangt.
Partijleider Marianne Thieme van de PvdD liet woensdag weten dat de partij ‘principieel tegen’ de overname is. Eerder deze week zei het Brabantse Statenlid van de partij, Birgit Verstappen, nog twijfels te hebben. ‘We hebben nu samen besloten helderheid te verschaffen’, zegt Thieme. Zij is principieel tegen, ‘omdat de markt heeft bewezen niet goed te functioneren’. Thieme: ‘We moeten zuinig zijn op het belangrijkste dat we hebben: onze energiebedrijven.’
Vorige week kwam de verkoop van Essent op losse schroeven te staan nadat de Brabantse VVD – een coalitiepartij – zich ertegen had gekeerd. Nu lijken alleen CDA en D66 zeker voor de verkoop te stemmen, en de PvdA onder voorwaarden. Zij vertegenwoordigen 27 van de 55 zetels en dus één stem te weinig voor een meerderheid.
Een van de belangrijkste vragen van de nee-stemmers is waarom Essent niet alleen verder kan. Gisteren hebben de Brabantse Gedeputeerde Staten in een brief geprobeerd dat nog eens uit te leggen.
Een groter bedrijf zou kosten kunnen besparen door grootschalige inkoop, lagere overhead en een betere afdekking van prijsfluctuaties. Daarnaast zou het kapitaalkrachtiger zijn en makkelijker kunnen lenen, waardoor het meer kan investeren in onder meer duurzame energie.
In de brief staat ook dat er weinig te doen is tegen het feit dat RWE, in tegenstelling tot Essent, geen volledig gesplitst energiebedrijf is. Vooral de VVD maakt hiertegen bezwaar, omdat daardoor geen sprake is van een level playing field.