1517670
Heerenveen-doelman Kristoffer Nordfeldt (L) schudt handen met FC Utrecht-trainer Jan Wouters. © ANP

'Challenger' FC Utrecht: de echte top is vrijwel onbereikbaar

De Zestien Na drie overwinningen op rij sinds de winterstop is FC Utrecht de club van het moment. @SimonGleave onderzoekt of Utrecht de strijd met de top-vier aankan, of dat ze net als Vitesse vechten om de titel 'beste van de rest'.

Jan Wouters is geen dromer, zo bleek vorig weekend na de overwinning uit bij FC Twente. Terwijl om hem heen euforie aan het uitbreken was, deed de Utrecht-coach zijn uiterste best die euforie de nek om te draaien. PSV en Ajax, zei Wouters, zijn 'onbereikbaar voor ons'. 'Omhoog kijken doen we altijd. Ik schiet in de lach als we kampioenskandidaat worden genoemd.'

Ik kom weleens in de Galgenwaard. En misschien is het daarom dat ik ook geen dromer ben. En de cijfers geven ook al weinig aanleiding tot fantaseren. Wouters heeft niet alleen gelijk dat PSV en Ajax buiten bereik blijven. Ook Twente en Feyenoord zullen boven Utrecht eindigen, ook al liggen ze op dit moment maar drie en twee punten voor. Noem me een pessimist, maar ondanks alle lof zal Utrecht hard zijn best moeten doen om op de plek te blijven die ze nu bezetten, vijfde.

Dit blijkt al uit de verhouding schoten voor en tegen, die we kunnen meten met het begrip TSR, dat we twee weken geleden introduceerden. TSR is een prima indicator van de kwaliteit van de 18 eredivisieteams.

Kijken we opnieuw naar de TSR-grafiek van dit seizoen, dan zien we dat er sindsdien weinig is veranderd. De huidige top vier is veel beter dan de rest van de competitie. Zelfs bij Twente - de minst sterke van de vier met gemiddeld 57 procent van de kansen in hun wedstrijden -  komt niemand van die rest in de buurt. En dus lijken de eerste vier clubs in de eindstand nu al onvermijdelijk: PSV, Ajax, Twente, Feyenoord.

Ofwel: Utrecht kan het eigenlijk niet beter doen dan vijfde worden. Nu is dat geen geringe prestatie: het zou het beste seizoen in 11 jaar zijn. (En we zullen echt erg blij moeten zijn in De Galgenwaard, ook al is dat niet ons grootste talent.) Om dat voor elkaar te krijgen, moet Utrecht wel zijn waarschijnlijke rivalen voor plaats 5 voor zich houden; Vitesse en NEC.

Gaat dat lukken? Hiervoor is het nuttig om te kijken naar de resultaten van vorig seizoen. Utrecht heeft een voorsprong van negen punten op NEC. Dat verschil wordt bevestigd door te kijken naar de ISG coëfficiënt, die de resultaten van dit seizoen vergelijkt met de resultaten van vorig seizoen in dezelfde wedstrijden. Utrecht heeft 9 punten meer behaald dan in dezelfde wedstrijden vorig seizoen, de hoogste verbetering in de eredivisie. NEC doet het 1 punt beter dan vorig seizoen. Voor NEC zit er dus nog wat rek in, maar dat moet Utrecht redden.

Vitesse dan. Vitesse doet het net als Utrecht ook veel beter dan vorig seizoen, met een ISG coëfficiënt van +7. Het verschil is alleen dat de Arnhemmers vorig seizoen 53 punten verzamelden, en Utrecht maar 43 punten. Dat betekent dat Utrecht nog wel wat werk te doen heeft. Het moet het blijvend beter moet doen dan vorig seizoen. Een flinke opgave.

Ter illustratie: vorig seizoen haalde Vitesse 22 punten tegen de tegenstanders waar ze dit seizoen nog tegen moeten spelen. Als ze dat weer doen, eindigen ze op 60 punten. De taak voor Utrecht is dus om het in de resterende 13 wedstrijden nog eens 8 of 9 punten beter te doen dan vorig seizoen. Thuis liggen er kansen: Utrecht won vorig jaar thuis niet tegen NEC, ADO, NAC en Heracles.

Maar of dat genoeg is? Utrecht moet ook nog op bezoek bij drie van de huidige top-6; twee van de top-6 van vorig seizoen; en bij PEC Zwolle1.  Uit die wedstrijden haalde Utrecht vorig jaar maar een (1) punt (uit tegen Feyenoord). En ook de overige wedstrijden maken het een zwaar programma: NEC is zondag de tegenstander, en Vitesse-uit moet ook nog.

Laten we ten slotte kijken naar de ontwikkeling van de Totale Schoten Ratio van NEC, Utrecht en Vitesse - om ze direct met elkaar te kunnen vergelijken. In deze grafiek zie je de ontwikkeling van de TSR over de laatste 34 wedstrijden, een vrij nauwkeurig maatstaf voor kwaliteit.

1 Voor de wedstrijd tegen PEC Zwolle (vorig jaar eerste divisie) hanteren we het resultaat tegen De Graafschap (3-0 verlies).

Vitesse is sinds 2010 elk seizoen beter geworden, zoals ik eerder al schreef. NEC zakt wat terug, en Utrechts progressie brengt het dichtbij NEC. Hun TSR is bijna hetzelfde, met het verschil dat Utrecht in een opgaande lijn zit, en NEC in een licht dalende. Maar Vitesse is duidelijk beter dan zowel NEC en Utrecht.

Utrechts verbetering zit 'm in de afname van het aantal schoten dat ze tegen krijgen. Aan het begin van het seizoen was het gemiddelde aantal schoten tegen (over de laatste 34 wedstrijden) 14,5, maar dat is gezakt tot 13. Zelf is Utrecht iets vaker op doel gaan schieten, en er is nog een verbetering: Utrecht is het team met het hoogste percentage reddingen. Slechts 1 op de 12 schoten gaat erin tegen Utrecht. Kortom, de verdediging is dus de sleutel tot Utrechts opmars.

Het zou mooi zijn voor de club als ze dit niveau kunnen volhouden. Maar dan nog zal Utrecht het waarschijnlijk moeten doen met een plaats in de Europa League play-offs. Vitesse is nog te sterk, en lijkt een stap verder: een subtopper die in het proces zit om een topclub te worden, zoals AZ en Twente eerder deden. En zoals AZ weet, volgt daarna een nog zwaardere taak: topclub blijven.

Simon Gleave is hoofd analyse van Infostrada Sports Group. Twitter: @SimonGleave