1090225
Mensenmassa vandaag, exact een jaar nadat de revolutie begon, op het Tahrirplein. © REUTERS

Een jaar na de Egyptische revolutie heerst de onvrede: Er is nog weinig te vieren

De mensen die vorig jaar met elkaar op het Tahrirplein in Caïro stonden, hadden één ding met elkaar gemeen: een diepe haat tegen het regime van Hosni Mubarak. Het was echter maar een kleine groep die vocht voor idealen als democratie, gelijkheid en vrijheid van meningsuiting. Een groter deel was gefrustreerd omdat er het leven hen geen enkele kans bood. Ze hadden geen geld, geen werk, en geen perspectief.

De gezamenlijke droom is uitgekomen: het regime van Mubarak is gevallen en de dictator wordt nu berecht voor zijn misdaden. Maar het volk blijft morren. Volgens de revolutionairen gaat de politieke transitie veel te langzaam en worden vreedzame protesten hiertegen op de ouderwetse manier (met harde hand) neergeslagen.
 
Maar ook het leven van de grote meerderheid is in geen enkel opzicht verbeterd - en vaak zelfs verslechterd. 'Iedereen, van de taxichauffeur tot de winkeleigenaar in de lokale bazaar, van de hotelmedewerker tot het kleine jongetje dat losse velletjes papier verkoopt op straat, lijdt hieronder', schrijft Mariz Tadros van het Instituut van Ontwikkelingsstudies in de Britse krant The Guardian.

Broeien onder het oppervlak
Het land is min of meer failliet, waardoor subsidies op voedsel en energie dreigen te worden gekort. Jongeren zijn nog steeds werkloos. Conflicten tussen moslims en christenen, maar ook tussen gematigde moslims en salafisten, broeien onder het oppervlak. Vrouwen, jongeren en minderheden worden ook na de eerste vrije verkiezingen die zijn gehouden, bitter slecht vertegenwoordigd in het parlement.

Mohammed Abbas gelooft niet dat straatprotesten alleen 'de broodnodige systematische veranderingen' zullen brengen. Hij is een van de 30 jongeren die uit de jeugdafdeling van de Moslimbroederschap is gestapt om de Egyptische Hedendaagse Partij op te richten. De partij heeft geen enkele zetel gewonnen, maar Abbas is ervan overtuigd dat zijn jonge beweging de komende jaren steeds belangrijker gaat worden.

'Er is nu nog niet veel te vieren', zegt hij tegen het Amerikaanse tijdschrift Foreign Policy. 'We worden nog steeds geregeerd door militairen, activisten worden nog steeds gearresteerd en burgers worden nog steeds berecht door een militaire rechtbank. We hebben nog een lange weg te gaan.'

De prominente blogger Mahmoud Salem (die al jarenlang op het internet is te vinden als Sandmonkey) wijst met beschuldigende vinger naar de islamitische partijen en de militaire interim-regering en voorspelt dat ze uiteindelijk ten onder zullen gaan omdat ze de economische neergang niet kunnen stoppen. 'Degenen die de rem op de revolutie hebben gezet omdat ze willen houden wat ze zelf hebben, zullen uiteindelijk oogsten wat ze nu zaaien', zegt hij tegen Foreign Policy.

Niet gemakkelijk
Salem heeft aan den lijve ondervonden dat het niet gemakkelijk is om zelf verantwoordelijkheid te nemen en veranderingen op een andere manier af te dwingen. Hij heeft dit najaar namens de seculiere partij Vrije Egyptenaren meegedaan aan de verkiezingen, en kreeg slechts 16.000 stemmen.

Salem zegt nu te zien hoe ver de idealen van revolutionairen als hijzelf (juridische en politieke hervormingen en civiele controle op het leger) af staan van de gewone man. 'Je zit toch in een soort van bubbel', zegt hij. 'Je spreekt over het volk, en in naam van het volk, maar eigenlijk ken je het volk helemaal niet.'

Salem staat vandaag weer op het Tahrirplein, exact een jaar na de eerste protesten daar. Maar hij werkt nu ook aan de opening van twee kunstcentra voor jonge graffiti-artiesten en onderhandelt over een eigen talkshow op televisie die zich richt op Egyptische jongeren. 'Pas als normen en waarden veranderen, verandert het systeem', zegt hij.

Hieronder staat een filmpje waarin revolutionairen hun gevoel verbeelden. Het gevoel dat islamisten, politieke partijen en de militairen 'hun' revolutie hebben gestolen.