1436654
Een delegatie van de Arabische Liga in een ziekenhuis in Gaza-stad, vorige week. © EPA

'Omarming van Turkse regering door mensen die de Palestijnse zaak steunen is ongeloofwaardig'

Opinie Het valt Zihni Özdil en Özcan Akyol op dat de Turkse regering zo wordt geprezen om hun steun aan de Palestijnse zaak, in het conflict met Israël. En niemand rept met een woord over de Koerden.

Premier Recep Tayip Erdogan beschuldigde Israël afgelopen week van etnische zuiveringen in de Gazastrook. Volgens de Turkse regeringsleider schendt Netanyahu het internationaal recht en maakt de Joodse staat zich schuldig aan terroristische aanslagen. Deze harde retoriek is de zoveelste deuk in de relatie tussen Turkije en Israël. Maar heeft Erdogan recht van spreken?

Een jaar geleden werden vierentwintig Turkse soldaten gedood tijdens aanvallen van Koerdische rebellen op Turkse politie- en legerposten. Turkije besloot wraak te nemen en viel met grondtroepen en gevechtsvliegtuigen Irak binnen. Met dit buitenproportionele geweld zei de Turkse regering: 'Niemand moet vergeten dat degenen die ons laten lijden nog veel meer zullen lijden.' Maar was deze militaire invasie dan geen schending van het internationale recht?

Er is heel goed een parallel te trekken tussen het Palestijns-Israëlisch conflict en de situatie in Oost Turkije. De Koerden vechten, net als de Palestijnen, voor een eigen grondgebied, maar krijgen al jaren nul op het rekest. Turkije wijst elke vorm van Koerdische soevereiniteit af. Pas tien jaar geleden werd met tegenzin en vooral onder druk van de Europese Unie Koerdisch toegestaan op een door de staat gecontroleerde TV-zender.

Dinsdag bezocht een delegatie van de Arabische Liga het gebombardeerde gebied in de Gazastrook. Alle aandacht werd gericht op de Turkse minister van buitenlandse zaken, Ahmet Davutoglu, toen hij, bij het aanzicht bij een rouwende vader, zijn tranen niet kon bedwingen en voor de camera's in huilen uitviel. Deze krokodillentranen leveren, net als Erdogans felle optreden tegen de Israëlische president Peres in Davos drie jaar geleden, veel sympathie op bij zowel het Turkse electoraat als de publieke opinie in het Midden-Oosten. En dat is begrijpelijk. Elke steun, hoe oppervlakkig ook, is welkom als je wordt aangevallen door een van de modernste legermachten in de wereld.

Collateral damage
Maar de blinde omarming van de Turkse regering door mensen die de Palestijnse zaak steunen in het westen is ongeloofwaardig. Het valt ons op dat veel Turks-Nederlandse jongeren zich enorm opwinden over de Palestijnse slachtoffers in Gaza, maar tegelijkertijd de vierendertig Koerdische kinderen die in december 2011 werden doodgebombardeerd door het Turkse leger met 'Israëlische' retoriek bagatelliseerden; het is collateral damage. En sommigen reageerden zelfs net als een rechtse Israëlische havik zou doen over Palestijnen: 'Koerden bestaan niet, hun afkomst is onzeker'.

Daarnaast blijkt maar weer dat veel progressieve, linkse activisten het principe van consequentheid niet hanteren. Op veel (social) media worden de beelden van de huilende Davutoglu en de Pro-Palestijnse retoriek van Erdogan verspreid. Er zou daarbij op zijn minst een kanttekening moeten worden geplaatst over het feit dat deze leiders geen enkele traan lieten voor de Koerdische slachtoffers van Turkse bommen. Of voor de vele Turkse journalisten, mensenrechtenactivisten en studenten die in het gevang zitten; Turkije is momenteel letterlijk koploper in de wereld als het gaat om het vervolgen van intellectuelen.

Toen Nelson Mandela in 1992 - het 'hoogtepunt' van de etnische zuivering op de Koerden van Turkije - de Atatürk-vredesprijs aangeboden kreeg door de Turkse regering stuurde hij het linea recta terug: 'Het zou hypocriet zijn van mij om deze prijs te accepteren terwijl Koerden in Turkije worden onderdrukt'.

'Koerden-meppen'
De Koerden zijn in feite de Palestijnen van Turkije. Maar thans lijkt voor veel pro-Palestijnse activisten het principe van Mandela niet te gelden. Voor hen is het principe eerder; de vijand van mijn vijand is mijn vriend. Het maakt hen net zo hypocriet als Geert Wilders die voor het bezoek van de Turkse president Gül twitterde over 'Koerden-meppen'.

De onderdrukking van de Koerden heeft kunnen plaatsvinden dankzij de beslissende politieke en militaire steun van de Verenigde Staten en Israël gedurende de afgelopen dertig jaar. Onder het regime van de AKP zijn de handels- en militaire betrekkingen met Israël zelfs toegenomen. Tot voor kort was Turkije bijvoorbeeld een grote afnemer van onbemande bommenwerpers van Israëlische makelij, van hetzelfde type dat werd ingezet in Gaza. Sinds het flotilla-incident  - een Turkse activistenvloot werd door Israël onderschept waarbij negen activisten omkwamen - koopt Turkije drones van de Verenigde Staten.

De PVV zal het nooit in zijn hoofd halen om Israël te veroordelen voor deze steun, net zo min als een groot deel van de pro-Palestina activisten de deplorabele staat van de mensenrechten en de onderdrukking van de Koerden in het huidige Turkije wil benoemen. Immers, Turkse ministers huilen voor Gaza.

Zihni Özdil is historicus en publicist
Özcan Akyol is schrijver en publicist. Zijn debuutroman Eus is net verschenen