959535
Hella Haasse in 2009 in theater Carré in Amsterdam, tijdens de slotmanifestatie van Nederland Leest. © ANP

Schrijven was voor Hella Haasse een manier van leven

De kwaliteit van Haasses werk is boven iedere twijfel verheven. Zij was een schrijfster die gelezen en bewonderd werd door een groot publiek, maar zij werd ook hogelijk gewaardeerd door de literaire kritiek en de academische literatuurbeschouwers. Zij was zo'n 'klassieke' auteur wier werk door iedereen gelezen en begrepen kon worden. Haar tijdloze werk is even helder en toegankelijk als diepzinnig en erudiet, en daardoor zeer goed vertaalbaar. Vrijwel haar gehele oeuvre is vertaald in het Frans, Duits en Engels.

Waarnemen, ervaringen die ze met zich meedraagt onder woorden brengen, samenhang aanbrengen in haar observaties, beschouwde ze als de voornaamste taak van een schrijver. Hella S. Haasse ging daarmee door zolang haar gezondheid het toeliet. Haar oeuvre was nooit 'af'. Schrijven was haar manier van leven; schrijvend verstond zij zich met de wereld. In beschouwingen en interviews herhaalde ze het vele malen: 'Ik besta pas als ik iets heb gedaan met wat ik waarneem.' Dat zou pas ophouden bij haar dood.

(...)

Oeroeg, in wezen een tijdloos, universeel verhaal over vriendschap die verstoord wordt door ideologie, heeft gedurende het hele leven van de schrijfster tot discussies geleid. Kon een kind van 'totoks', de bevoorrechte, koloniale kaste, iets begrijpen van de vernedering en het vrijheidsverlangen van de 'inlander'? Het was de kritiek die de schrijver Tjalie Robinson bij verschijning van de novelle uitte, en de echo van die kritiek klonk ruim vijftig jaar later nog. In een interview met Arjan Peters in de Volkskrant (20-11-2009) gaat Haasse er, met een zucht, nog eenmaal op in: 'Een buitengewoon oude koe werd daar uit de sloot omhoog getakeld. Het is geen dode koe meer, het is een skelet! De verteller zegt meteen dat Oeroeg 'onbegrijpelijk anders' is dan hij; daarmee pleit hij er voor, niet te pretenderen dat je de ander zomaar kunt kennen, al is het je beste vriend. Hij is niet blij met die scheiding, hij stelt vast dat die bestaat.'

(...)

Ook als essayiste was Haasse groot. Zij is een van de weinige Nederlandse auteurs die zich diepgaand heeft beziggehouden met het werk van collega-schrijvers, zoals Simon Vestdijk, Anton Koolhaas en Jan Wolkers. Zij schreef onder meer over achttiende-eeuwse vrouwen, over kastelen in Nederland en Frankrijk, over reizen naar haar geboorteland en over detective- en horror-romans. Zelf was ze verzot op romans waarin het onverklaarbare, het duivelse en spookachtige een rol speelt. Ze beoefende dat genre zelf ook - in De meester van de neerdaling (1973), De wegen der verbeelding (1983) en Fenrir (2000) - zij het op een literaire, typische Haasse-manier: een spel met werkelijkheid, verbeelding en begoocheling.

Morgen een uitgebreid postuum van Hella Haasse, reacties en nog veel meer in de Volkskrant.