De Britse premier David Cameron (L) praat met zijn Franse ambtgenoot  Francois Hollande (R)
De Britse premier David Cameron (L) praat met zijn Franse ambtgenoot Francois Hollande (R) © EPA

'Debatteer over EU-beleid, niet over 'Europa''

In Nederland gaat het debat alleen nog maar over 'voor' of 'tegen' Europa. Wat een intellectuele armoede, zegt Edward Kok.

 
Welke taken en welk beleid de overheid uitvoert, staat ter discussie, maar daarmee nog niet gelijk het bestaansrecht van die overheid zelf

Over twee maandjes vinden verkiezingen voor het Europees Parlement plaats en dus wordt het debat over de EU weer aangezwengeld.

Politici geven weer kritiek op Europa met de roep om afschaffing of inperking hiervan. En vervolgens legt iemand anders ons uit dat de EU ons veel economische voordelen en vrede brengt. Het debat wordt hiermee gereduceerd tot een valse tegenstelling tussen meer of minder en voor of tegen de EU. Maar als je goed kijkt, gaat vrijwel alle kritiek over de invulling van het Europese beleid, niet over het bestaan van de EU. De kritiek komt namelijk vanuit verschillende politieke ideologieën, maar in feite hebben alle partijen kritiek op het beleid, niet op Europese samenwerking.

In het Verenigd Koninkrijk is de 'working-time directive' het symbool van de bemoeizuchtige EU. Een Europese richtlijn die onder andere bepaalt dat werknemers normaal gesproken niet meer mogen werken dan 48 uur per week. Deze regel is de Britse conservatieven een doorn in het oog, want een overheid hoort de vrijheid van bedrijven niet te beperken. Het is logisch dat de conservatieven kritiek hebben op Europa, ze zijn immers tegen uitgebreide regulering van de vrije markt.

Aan de andere kant van het kanaal won François Hollande de presidentsverkiezingen mede door de EU te bekritiseren. Hij vindt het Europese economische beleid te liberaal, vooral inzake de arbeidsmarkt. Franse werknemers leggen het op de arbeidsmarkt af tegen Roemenen of Polen.

Tegengestelde visie
Cameron en Hollande bekritiseren de EU openlijk, maar hebben een tegengestelde visie op het beleid van de EU. De EU onderscheidt zich daarmee niet van nationale overheden. Welke taken en welk beleid de overheid uitvoert, staat ter discussie, maar daarmee nog niet gelijk het bestaansrecht van die overheid zelf.

 
Ondertussen houden vrijwel alle Nederlandse politici het op 'minder maar beter' en sentimenten als 'liever niet maar toch wel'

Er zijn twee hoofdredenen voor een gebrek aan aandacht voor de Europese politieke strijd. De eerste reden is het gedrag van politici en media. Politieke partijen kiezen zelf of ze met een lijstje komen met welke dingen de EU niet mag doen. Ze kunnen ook met een plan komen om de EU in hun ogen rechtvaardiger te maken. Politici stellen niet dat de EU socialer moet en dat de Europese Volkspartijfractie hierin tegenwerkt - maar dat de EU de positie van Nederlandse werknemers bedreigt. Journalisten vertalen de uitspraken van politici naar de as van voor- of tegen-EU. In plaats van aanvallers en verdedigers van de EU te zoeken, zouden ze ook de ideologische tegenstellingen kunnen benadrukken.

De tweede reden is het gebrek aan een duidelijke arena voor het Europese debat. Cameron debatteert immers niet openlijk met Hollande. Dit kan alleen in het Europees Parlement. De peilingen voor de EP-verkiezingen laten een nek-aan-nekrace zien tussen de sociaal-democraat Martin Schultz en de christen-democraat Jean-Claude Juncker.

De winnaar wordt waarschijnlijk Commissievoorzitter. Tegelijkertijd zullen ook deze twee partijen zelf geen meerderheid halen en spelen ook de liberale en groene fractie een sleutelrol. Tussen de commissievoorzitterkandidaten staat al een heel aantal debatten gepland, waarvan twee door de Duitse tv.

Het is nog maar de vraag of Nederland mee gaat in dit Europese debat. De kans is groot dat we hier weer alleen de vraag 'Is de EU goed of slecht?' stellen. Ondertussen houden vrijwel alle Nederlandse politici het op 'minder maar beter' en sentimenten als 'liever niet maar toch wel'. Het wordt tijd dat we het ook in Nederland eindelijk gaan hebben over de richting en inrichting van de EU, daar gaat het immers om in een democratie.

Edward Kok is jurist Europees recht.