Russen dansen beklemmend 'njet'

Ann Van den Broek is meesterlijk in het creëren van indringende sferen en beelden.

Elk zichzelf respecterend festival heeft tegenwoordig niet alleen voorstellingen, maar ook meet & greets met kunstenaars, workshops, feestjes, arrangementen met wodka en wijn en zelfs stadswandelingen. Cadance, het tweejaarlijkse festival voor moderne dans met dit keer maar liefst 26 premières, bood zaterdag een tochtje Hofkwartier aan. Vijf choreografieën op vijf bijzondere locaties. Strakke planningen beter thuislaten, anders mis je nummer vijf geheid.

Banjerend door de natte sneeuw ging het van het Venduehuis (het oudste veilinghuis van Nederland) naar de Oud Katholieke Kerk, een voormalige broodfabriek (Quartair) en de Doopsgezinde Paleiskerk. Los van de belegen kwaliteit van sommige choreografieën, valt op hoe weinig er met de ruimtes werd gedaan. Alleen de jonge Jasper van Luijk bespeelt met licht en beweging de hele zaal die hij in Quartair heeft gekregen (het bouwwerk dat twee van zijn dansers samen vormen is van sculpturale kwaliteit!) en oudgediende Kenzo Kusuda lijkt zelfs onder de huid van de barokke schuilkerk van de katholieken te zijn gekropen.

In zijn Everporapture steken wiebelende tenen uit een kerkbankje omhoog. Als van een baby die in zijn wieg ligt te spelen. Handen volgen, een kaal hoofd. De eerste, voorzichtige stap op de houten vloer vervult het hele lijf van de altijd even in zichzelf gekeerde, mysterieuze Kusuda met verwondering. Je voelt hoe de sensatie van het immense en het onbekende zijn zintuigen prikkelt. Intimiderend is het ook, het grote altaar doet hem achterover vallen. Hij is hier een kwetsbaar, maar ook nietig figuur. Hoe onverwacht en mooi is dan de donkere brul die hij de ruimte in laat rollen. Hoe anders dan de fijne tokkels van de harpiste die binnen is komen lopen. De kerk omarmt beider hartenkreten, maar zuigt hen ook leeg. Vleesetende kerkbankjes? Sinds zaterdag bestaan ze.

Stille hartenkreten kwamen van de Russen. Choreograaf Ann Van den Broek maakte op uitnodiging van het dans- en performanceplatform TsEKH uit Moskou een stuk voor Cadance. Nu is Van den Broek in haar oeuvre al niet de vrolijkste noot, maar in combinatie met het cliché van de zwartgallige en zwaarmoedige Russische volksaard, is Kamepa ('cel') wel erg nihilistisch geworden. Nou is dat op zich geen enkel probleem - Van den Broek is juist zeer consequent in het leggen van vingers op zere plekken; de wereld is geen Walt Disney-sprookje- maar deze choreografie is ook qua dansmateriaal wel erg kaalgestript en leeggeplukt.

In wezen kijken we een uur lang naar zeven jonge mannen en vrouwen, trendy gekleed in enkel zwart en wit, die op en rond zeven geluidsboxen hangen, waar de grommende, ronkende en bonkende klanken van de livegitarist (geweldig!) door naar buiten worden gespuugd. Hun blik: apathisch. Hun contact: niet of agressief. Hun bewegingen: staccato, alsof een onzichtbare kracht hen schopt, stompt en duwt. De onvermijdelijke fles wodka gaat leeg, een van hen is de bullebak. Alles is hoekig en lelijk, getuigt van 'njet', 'njet' en nog eens 'njet'.

Kamepa laat een dubbel gevoel achter. Van den Broek is meesterlijk in het creëren van indringende sferen en beelden. Maar wat jammer dat die sferen en beelden zo eenduidig zijn.