Genadeloos en nors, maar eerlijk

Arie van Os, penningmeester van Ajax, staat bekend als een eerlijke, starre man. Hij was het brein achter de financiële sanering, maar zat na een FIOD-inval 58 uur vast....

WANNEER ze van visclub De Meerhoek - lidmaatschap uitsluitend voor effectenhandelaren - 's avonds, na een dagje vissen op de vaste stek bij Nederhorst-den-Berg, bij elkaar zaten, en de andere leden Arie van Os een beetje jenden met zwart geld en zo, zei Van Os altijd hetzelfde: 'Ik weiger voor Ajax de gevangenis in te gaan. Als het niet gaat zoals ik wil, hou ik ermee op.'

Woensdagavond kwam Ajax' penningmeester weer vrij, nadat hij als verdachte in de belastingfraudezaak tegen zijn club 58 uur had vastgezeten en was ondervraagd. 'Toen ik dat hoorde, moest ik aan die woorden denken', zegt Ton Berkhout, voorzitter van de visclub. 'Dit is diep tragisch. Arie heeft altijd alles gedaan om niet in dit soort zaken terecht te komen.'

Wie je ook vraagt naar het karakter van Arie van Os (63), wat je daarover ook leest, altijd komen dezelfde woorden naar voren. Een directe man, soms op het norse af, maar eerlijk. Een bezeten werker, een keiharde onderhandelaar, maar altijd straight. Een man die vanaf 1958 op de Amsterdamse beurs opklom van loopjongen tot directeur en die samen met zijn compagnon Hans Kroon hoekmansbedrijf Van der Moolen tot het grootste van de beurs maakte. En ondertussen zijn blazoen brandschoon hield.

'Hij is heel rechtlijnig', zegt Kroon, als president-commissaris nog steeds aan Van der Moolen verbonden. 'Hard, maar altijd eerlijk. Ik kan me absoluut niet voorstellen dat hij zich heeft ingelaten met dingen die het daglicht niet kunnen verdragen. Dat past niet bij Arie, dat dóet hij niet. Als er iets is gebeurd, is hij erin getuind.'

Kroon en Van Os brachten Van der Moolen in 1986 naar de beurs, en werden daarmee mannen in bonis. In 1988 beval Kroon, vriend van Michael van Praag, Van Os bij Ajax aan als de gedroomde penningmeester voor het nieuwe bestuur. Dat moest gaan puinruimen bij een voetbalclub die door een belastingaffaire op de rand van de afgrond balanceerde. Samen met Van Praag en de commerciële man Uri Coronel vormde het trio vanaf januari 1989 de redders van Ajax.

Van Os was geen Ajax-fanaat, hoewel hij in De Meer wel over twee business-seats beschikte. 'Maar ik kwam altijd tien minuten voor de wedstrijd en ging tien minuten voor tijd weer weg', zei hij in 1998 tegen HP/De Tijd. Toen hij in zijn nieuwe functie voor het eerst de boeken inzag, schrok Van Os zich rot. De financiële situatie bij de club bleek kritiek, zeker nadat de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) een boete van zeven miljoen gulden had opgelegd en daar ook nog het 'staafincident' en de schorsing voor Europees voetbal overheen kwamen.

De nieuwe penningmeester onderwierp de club onmiddellijk aan een streng regime. Op zijn bevel werden de nieuwjaarskaarten per fiets bezorgd, want dat scheelde portokosten. Hoewel hij zich, toen hij zich in 1987 op zijn vijftigste definitief terugtrok van de beurs, had voorgenomen van zijn geld te gaan genieten, stortte hij zich vijf lange dagen per week op de grote schoonmaak.

Van Os kan dingen moeilijk half doen. Visvriend Berkhout: 'In de manier waarop hij vist, zie je zijn karakter. Arie is een goeie snoeker. Geduldig en fanatiek. Hij wil nooit stilliggen, bestrijkt het hele viswater, op zoek naar de snoek. Zo is Arie. Serieus, hij wil iets bereiken.' Oud-beursvoorlichter Ton Hoedemakers: 'Hij is een harde, strenge man. Werk ging voor alles. Een man zonder kapsones, met hoge professionele standaards. Erg competitief. Altijd proberen anderen voor te zijn.'

Met de ellende van de FIOD-zaak in het achterhoofd, hanteerde Van Os, afkomstig uit de Kanaalstraat in de Amsterdamse Kinkerbuurt, bij transfer- en salarisonderhandelingen strikte en onwrikbare normen. Voetbalmakelaars zag Van Os sowieso als 'onbetrouwbare mensenhandelaren', in een wereld die hem maar matig beviel omdat 'ja er niet altijd ja betekent'.

'We hebben zelf uit het verleden geleerd wat voor problemen je kunt krijgen als je probeert de belasting te ontduiken. Daarom zijn we rechttoe, rechtaan', zei Van Os ooit tegen het blad Sportweek. Anderen noemden dat starheid. 'Ajax liep spelers mis of raakte ze kwijt door die starheid van hem', zegt een makelaar die veel met Van Os onderhandelde. 'Soms moet je een beetje water bij de wijn doen om een speler binnen te halen. Van Os weigerde dat consequent.' Zoals in het geval van de Fransman Vieira, wiens zaakwaarnemer tijdens de onderhandelingen plotseling een miljoen op een buitenlandse bankrekening eiste. 'Sodemieter maar op', zei Van Os. 'Dan maar geen Vieira.'

'Het gaat hem allemaal om het geld', zegt een andere makelaar. 'Hij is niet iemand die bij twintig begint en dan zakt naar tien. Hij begint bij tien om bij tien uit te komen. Hij wil geen cent verliezen en het met niemand delen.' Voor Ajax, niet voor zichzelf. Van Os staat bekend als een sober man. Waar Kroon met zijn miljoenen afreisde naar Monaco, woont Van Os nog steeds in Amstelveen. 'Hij is tevreden met zijn rijtjeswoning en Hollandse visstekkie', zegt een oud-beurscollega. 'Hij rijdt een mooie BMW, maar meer hoeft ook niet.'

Van Os was de spin in het web bij de financiële gezondmaking van Ajax. Bij zijn aantreden bedroeg de jaarbegroting elf miljoen, rond de Champions League-winst van 1995 was die gegroeid tot dertig miljoen en inmiddels is de honderd miljoen gepasseerd. Van Os gebruikte zijn oude beursnetwerk om in 1991 ABN Amro als sponsor binnen te halen, hij was het brein achter de beursgang die in 1998 125 miljoen in het laatje bracht en hij stond aan de basis van de lucratieve overgang naar de Arena.

Met zijn aanpak maakte hij overigens niet overal vrienden. De kilte die Ajax, zeker sinds de overgang naar de Arena, omgeeft, wordt vooral hem aangewreven. Zelfs zijn medebestuursleden werden wel eens gek van zijn genadeloze zakelijkheid. Uri Coronel, inmiddels niet meer actief bij Ajax, in HP/De Tijd: 'Er waren momenten dat ik dacht: sodemieter op, gek. Van Os kan heel charmant zijn, maar ook onmogelijk. Nors, een doordrammer, maar wel eentje met heel veel kwaliteit.'

Spelers, door Van Os regelmatig afgeschilderd als nare geldwolven, werden afgeknepen. Het vroege vertrek van jonge vedetten als Davids, Kluivert en Seedorf wordt vaak toegeschreven aan Van Os' zuinigheid, die werd afgestraft toen de spelers dankzij het Bosman-arrest transfervrij konden vertrekken. Door anderen werd hij zelfs beschuldigd van racisme, omdat met name de zwarte spelers relatief lage contracten hadden. 'Rijkaard was in 1995 de best betaalde speler uit de Ajax-historie', zei Van Os. 'Misschien ben ik kleurenblind, maar volgens mij is die ook zwart.'

Op 1 oktober stapt Van Os op als penningmeester. 'Dat maakt het allemaal nog triester', zegt Hans Kroon. 'Dat hij vlak voor de eindstreep nog aan de schandpaal wordt genageld. Wat er verder ook gebeurt, hij is al veroordeeld. Ik steek mijn hand voor hem in het vuur, maar deze zaak zal hem altijd blijven achtervolgen. Hij is hoe dan ook beschadigd. En dat heeft een kei als Van Os niet verdiend. Een schande is het, zo'n man in de lik te zetten. En een geweldige blunder van de FIOD.'

Van Os was in 1989 nog maar amper in functie, of hij moest zich voor de rechter verantwoorden, vanwege de belastingfraude van zijn voorgangers. 'Verschrikkelijk vond hij dat', zei voormalig Ajax-directeur Maarten Oldenhof in april in voetbalmaandblad Johan. 'Hij heeft bezworen dat hem dat nooit meer zou overkomen.'

Tevergeefs.