En alweer een nieuwe melkverpakking

Al jaren verschijnen er nieuwe verpakkingen voor melk en verwante produkten. Maar steeds viel er iets op af te dingen....

HET VERPAKKEN van zuivel blijft een dynamische bezigheid. Een jaar of vier geleden vond de milieubewuste melkdrinker een nieuwe glazen fles met kneep in het koelvak bij de melkboer. Hij verving het plompe model dat sinds de jaren twintig dienst had gedaan. Het nieuwtje heeft inmiddels echter zijn langste tijd alweer gehad: glas verdwijnt en daarvoor in de plaats komt plastic.

Campina Melkunie introduceert volgend jaar een fles van polycarbonaat. 'Eerst alleen voor halfvolle melk, maar in de loop van 1996 moeten de andere zuivelprodukten, zoals volle melk, yoghurt en vla, eraan geloven', zegt commercieel directeur B. Jansen van de vestiging in Woerden.

De andere zuivelbedrijven zullen wel volgen. Ook Coberco onderzoekt de mogelijkheid de fles in te voeren. Friesland Dairy Foods (Melkprodukten van Frico) volgt de ontwikkeling belangstellend en stapt erin als de resultaten van de proeven goed uitvallen.

Goedbeschouwd is de ontwikkeling zo vreemd nog niet. Glas is namelijk niet de beste manier om melk te verpakken, zeker als milieu-overwegingen de doorslag geven. Dan is plastic beter, zowel voor wegwerp- als voor statiegeldverpakking. Winnaar is het plastic kussentje van dunne folie.

Deze plastic zakken kwamen in de jaren zestig in de winkel, als alternatief voor de zware fles. Die verloor meer en meer terrein aan een eigentijdse wijze van verpakken. Statiegeld raakte uit, wegwerpen werd mode. Praktisch was deze verpakking overigens niet: ongemakkelijk voor de klant en een ramp voor de winkelier. Regelmatig knapte een zak, waarna de jongste bediende de koelvitrine kon schoonmaken.

Beter was het kartonnen pak. De eerste variant leek op een piramide, waarvan de top moest worden verwijderd om de inhoud te kunnen bereiken. Daarna kwam het model baksteen en tegenwoordig zit zo'n negentig procent van de melk en aanverwante produkten in een langwerpig pak met een dakje erop.

Later ging het milieu meetellen en werd het pak het symbool van een spilzieke samenleving. In Nederland gaan jaarlijks 1,3 miljard pakken met melk, vla en yoghurt langs de kassa, bijna negentig per persoon. Ze kunnen niet bij het oud papier, door het laagje plastic aan de binnenkant, en dragen derhalve flink bij aan de afvalberg.

De laatste jaren zijn veel studies uitgevoerd om de meest milieuvriendelijke methode te vinden voor het verpakken van melk. Een duidelijk antwoord bleef uit, glas en karton ontlopen elkaar niet zo veel. Het grote nadeel van de eerste is het gewicht. De vrachtwagens moeten per liter veel meer kilo's verplaatsen dan bij melk in karton. Dat kost brandstof.

Bovendien nemen flessen veel ruimte in. Om zestig liter in glas te vervoeren, zijn vijf kratten nodig, tegen drie voor de kartonnen verpakking. De vrachtwagens kunnen per rit dus meer pakken vervoeren en het koelvak in de supermarkt kan kleiner blijven. Bovendien moet glas terug naar de fabriek (nog meer brandstof) om daar met agressieve schoonmaakmiddelen te worden gereinigd.

Het grote nadeel van karton is dat er veel water nodig is om het te maken. Bovendien ontstaat er veel afval bij de produktie. De milieugeleerden kwamen er niet uit en iedereen kon uit het onderzoek halen wat hij wilde.

Hoe vaak een fles meegaat, bepaalt uiteindelijk wie van de twee wint. De onderzoeken hielden ruime marges aan, omdat het aantal keren dat wordt gevuld niet precies bekend is. Bij ongeveer tien tot vijftien keer, zo zeggen de kartonfabrikanten, ontlopen karton en glas elkaar niet zoveel. Dus waarom zou je je druk maken. De milieubeweging stelt echter dat een fles vaker meegaat, wel dertig tot veertig keer, en dan komt glas beter uit de bus. De fabrikanten hielden zich op de vlakte als hierover vragen werden gesteld.

Het zelftapsysteem, waarbij mensen in de winkel melk uit een container tappen, komt overigens als winnaar uit de bus. Daarmee zijn experimenten in supermarkten gedaan, maar die mislukten. De mensen maakten hun bussen niet goed schoon, waardoor de verse inhoud snel verzuurde. Het onpraktische plastic kussentje scoorde ook hoog (licht en stapelbaar), net als de kunststof polycarbonaat.

'Die nieuwe fles is nodig', zegt Jansen van Melkunie. Glas verliest nog steeds aan het pak. Begin jaren zeventig zat meer dan zeventig procent van de melk-achtige produkten in glas. Het was de tijd van kleine winkels, melkboeren die zuivel aan huis afleverden en klanten die nog tijd hadden om met flessen in de weer te zijn.

Eind jaren tachtig was het percentage tot vijftien gedaald. Met de actie 'Weiger Wegwerp', wilde de milieubeweging de afbrokkeling van het marktaandeel stoppen. Tevergeefs. Jansen: 'Nu zit 8 procent in glas en 92 procent in karton. De nieuwe fles moet de negatieve trend tot staan brengen. Als hij het marktaandeel weer vergroot, is dat mooi meegenomen.'

De nieuwe kunststof is al lang bekend en wordt onder meer gebruikt om cd's en navulbare drankflesjes voor kinderen te maken. In 1990 introduceerde producent General Electric Plastics in Bergen op Zoom het materiaal als mogelijkheid om zuivel te vervoeren.

Het heeft nog vijf jaar geduurd voordat Campina Melkunie de stap aandurfde. Er waren wat problemen. Het schoonmaakmiddel voor glas maakte het plastic dof, dus is er een aparte zeep ontwikkeld om polycarbonaat te reinigen. Ook moest de ideale vorm worden gevonden. De nieuwe, onbreekbare fles lijkt op het bekende melkpak, alleen zijn de hoeken afgevlakt, waardoor een elegant model ontstaat. 'Het heeft te maken met het vullen op de lopende band', zegt Jansen.

Het voordeel van de vierkante vorm is dat er, net als met het pak, in een bepaald volume meer melk kan worden vervoerd. De fles valt efficiënt te stapelen, de hoeveelheid lucht in het krat is minimaal. Bovendien weegt de plastic verpakking slechts tachtig gram. Ter vergelijking: de glazen kneepfles weegt vierhonderd gram en de ouderwetse ruim zeshonderd. Een kartonnen pak is dertig gram.

Ook is de levensduur van plastic lang. Melkunie schat dertig tot veertig keer vullen, milieustudies noemen cijfers van vijftig tot tachtig keer. Het is afwachten. 'We weten niet hoe de fles er na dertig keer gebruik uitziet, misschien vol met krassen. Dan moet hij worden vervangen', zegt Jansen. Het afdankertje kan dan in tal van andere toepassingen opnieuw worden gebruikt.

Een nieuwtje is verder dat de kunststof fles goed dicht kan. De glazen exemplaren hebben een aluminium capsule en moeten staan in de koelkast. De nieuwe fles heeft een schroefdop. Over die nieuwe sluiting is heel wat afgetobd. De eerste doppen hadden aan de binnenkant een laagje pvc, een plasticsoort die niet mag van de milieubeweging. Dus moest er wat anders worden gezocht, wat veel tijd heeft gekost. De keus is gevallen op een minder schadelijke kunststof.

De fles van polycarbonaat, statiegeld een gulden tegen vijftig cent voor glas, is het afgelopen najaar in de Hoekse Waard getest en voldoet aan de verwachtingen. Directeur Jansen: 'We merkten dat een aantal karton-gebruikers is overgestapt op plastic. Heel mooi, maar we hebben voor de landelijke introductie toch vooral als doel dat het plastic het glas overneemt.'

In bijvoorbeeld Duitsland en Oostenrijk is de nieuwe fles al in sommige regio's geïntroduceerd. Jansen meent echter niet dat Nederland achterloopt. 'We hadden een systeem met glas en dat liep naar behoren, dus introduceer je minder snel een nieuw systeem.' Bovendien zijn in die regio's maar een paar honderdduizend polycarbonaat-flessen in omloop. Melkunie denkt twee tot drie miljoen flessen nodig te hebben. Het ombouwen van de produktielijn kost daardoor meer tijd.

De milieubeweging zou de komst van de moderne verpakking moeten toejuichen. De lichtgewicht fles kan immers geducht concurreren met karton, hoewel dan het prijsverschil (139 tot 159 cent voor een liter halfvolle melk, tegen 99 tot 112 cent voor een pak) moet afnemen.

Maar nee, Milieudefensie is niet tevreden. Op het plastic valt weinig aan te merken, maar aan het produktieproces, waarbij chloor wordt gebruikt, des te meer. Volgens de milieubeweging is er een alternatief om polycarbonaat zonder chloor te maken. Dat wordt bijvoorbeeld in Japan gebruikt. Maar de fabriek in Bergen op Zoom wil er niet aan.

'Zolang het bedrijf vasthoudt aan de huidige produktiewijze, zullen de milieu-organisaties de fles niet omhelzen als het milieuvriendelijke alternatief', staat er streng in het meinummer van Milieudefensie. 'We willen chloorvrij. Pas dan is het een echt goed alternatief.'

Marc van den Broek