Digitaal leven

Vol overtuiging besteden we het complete digitale huishouden uit aan bedrijven en overheden.

Lekker makkelijk toch?

Als leidinggevende van een middelgroot gezin laaf ik me al jaren aan de digitale revolutie. Dat begon met Girotel, een Middeleeuws computerprogramma waarmee je contact kon maken met de Middeleeuwse Postbank (via een zogeheten 'inbelmodem'), wat het einde van de 'overschrijvingskaarten' betekende. Inmiddels is het leven zo gedigitaliseerd, dat het huishouden wordt bestuurd met twee smartphones, de mijne en die van mijn vriendin, die 's nachts met elkaar liggen te synchroniseren.

Zonder digitale revolutie was dit gezin eerlijk gezegd allang het spoor bijster geraakt, al hebben we er aardig wat voor moeten opofferen. We praten niet met elkaar maar versturen berichten via sociale netwerken, we regelen kinderfeestjes online, we bestellen boodschappen online en denken erover een gps-tracker in de jassen van de kinderen te naaien, zodat we ze op Google Maps realtime kunnen volgen. De kinderen leven een draadloos leven. Toen ik mijn zoon vroeg de batterijen te vervangen in de konijnen, begreep hij niet dat het een grap was.

In een heel oud boek uit de vorige eeuw, Digitaal Leven, voorspelde Nicholas Negroponte wat de wereld te wachten stond. De aarde zou niet langer uit moleculen bestaan, schreef hij (in 1995!), maar uit bits. Het is wonderlijk hoeveel van zijn voorspellingen waarheid zijn geworden. 'Ik ben van nature optimistisch', schreef hij, 'Maar elke technologie of gift der wetenschap heeft een duistere zijde (..). In het volgende decennium zullen we gevallen meemaken van misbruik van intellectueel eigendom en aantasting van de privésfeer.'

Ook daarin kreeg hij gelijk. Op mijn smartphone volgde ik vorige week de nachtelijke persconferentie waarin minister Donner vertelde dat mijn digitale huishouden op straat lag. Ik heb het in handen gegeven van bedrijven en overheden die bezweren dat alles veilig is opgeborgen achter firewalls en wachtwoorden terwijl ze zelf geen idee hebben, en vertrouwen op bedrijven die zelf ook geen idee hebben. Wie vertrouwt in godsnaam een bedrijf dat zichzelf DigiNotar noemt, een naam die van George Orwell had kunnen komen?

Minister Donner, het woord 'certificaten' uitsprekend alsof het oorkondes zijn van geschept papier, voorzien van lakzegels als rozetten.

Maakt u zich vooral geen zorgen, zegt Donner. Er is voorshands nog geen enkele reden om ongerust te zijn. Uw digitale leven en dat van uw gezin is nog steeds in veilige handen van de Rijksoverheid en de bedrijven-met-de-rare-Orwelliaanse-namen. Die e-mails bewaren we alleen voor uw eigen veiligheid, die telefoons luisteren we alleen maar af om criminaliteit tegen te gaan, de ov-chipkaart is onkraakbaar en de reisgegevens die erop staan gaan we bij Trans Link Systems echt niet gebruiken voor andere doeleinden, en nee, TomTom zal uw data ook nooit verkopen aan de politie. Ben je gek. Het digitale leven is even veilig als het analoge, daar zorgt de Rijksoverheid wel voor, geholpen door de rare bedrijven. Dat we alles aan elkaar kunnen koppelen, met het Burger Service Nummer als stralend middelpunt, de magneet waar alle data samenkomen, is alleen maar in uw eigen voordeel. Die naam is niet voor niets gekozen. Het Burger Service Nummer: louter bedoeld om het digitale leven van de burger verder te vergemakkelijken!

Heerlijk toch, dat je bij de belastingaangifte niets meer hoeft op te zoeken omdat je bruto loon, je fiscale partner en je WOZ-waarde zomaar op het scherm verschijnen. Dat de digitale boekwinkel onthoudt welke boeken je hebt gekocht, het reisbureau welke tickets, de speelgoedwinkel welk speelgoed voor welke verjaardagen van de kinderen. Af- en bijschrijvingen, TAN-codes - geheimen zijn onhandig.

Het is helemaal niet erg dat iedereen alles van me weet, en van mijn gezin. Dat is helemaal niet erg, totdat het een keer wel erg wordt.