'De schat interesseert me niet, wel het verhaal erachter'

Met behulp van een stuk bladmuziek dat een gecodeerde kaart zou zijn, zoekt Karl Hammer al negen jaar naar een schat waarvan het bestaan niet zeker is. Vandaag maakt hij de code openbaar, in de hoop dat anderen hem kraken. 'Mijn familie is het zat elke vakantie met een schepje de Alpen in te trekken. Ze willen een keer naar de Bahama's.'

ALLE INFORMATIE OVER DE 'PASTOORBRIEF' STAAT OP: WWW.CODEBREKERS.NL - Als Karl Hammer zijn ongelooflijke verhaal heeft verteld en zijn bezoek uitgeleide doet, zegt hij: 'Ze zullen me wel affikken.' Goed, tien mensen mogen hem affikken. 'Als ook maar twee mensen me serieus nemen.'

Het ongelooflijke verhaal van Karl Hammer, een onderzoeksjournalist, begint in 2004. Nee, eigenlijk begint het in het Berlijn van 1945. Het verhaal behelst een gecodeerde routebeschrijving naar een schat van de nazi's. Vlak voor de val van het Derde Rijk zou de SS de diamanten van Adolf Hitler, samen met een lading goud, van Berlijn naar een onbekende plaats hebben getransporteerd.

Negen jaar lang ligt de schatkaart nu in de kluis van Hammer (53). Negen jaar heeft hij geprobeerd de code te kraken. Nu geeft hij het op. 'Ik zie het niet meer.'

Vanaf vandaag geeft hij zijn geheim prijs op internet, in de hoop dat anderen er wel in slagen de sleutel te vinden. Hammer looft een beloning van 12 duizend euro uit voor wie dat lukt. In ruil daarvoor wil hij alleen maar de oplossing weten, zodat Hammer zijn verhaal over de schat kan voltooien. 'Die schat op zich interesseert me niet zoveel. Ik zou hem zelf weggeven aan een goed doel. Het gaat me om het verhaal daarachter.'

Hoe bent u de schat op het spoor gekomen?
'Ik raakte op een receptie aan de praat met een zekere meneer Schulz. Ik werkte op dat moment aan mijn boek over de grootste kunstroof uit de geschiedenis, de diefstal van een paneel van Het Lam Gods uit de kathedraal in Gent. Schulz zei: 'Dan heb ik ook nog een verhaal voor u. Het gaat over nazigoud en Hitlers diamanten.' Dat verhaal werd pas echt interessant toen hij de naam Franz Xaver Schwarz noemde. Hij was de boekhouder van Hitlers partij, maar ook zijn eigen financieel raadsman. Schwarz heeft Hitler vanuit het niets financieel naar de top geholpen. Hij had zich destijds ook bemoeid met de kunstroof in Gent. Ik kende die naam dus al.'

Uw interesse was gewekt?
'Jawel, maar er ging nog veel tijd overheen. Ik heb eerst dat andere boek afgemaakt en daarna hebben Schulz en ik veel met elkaar gepraat, ook om elkaar te leren kennen. Voor hetzelfde geld was hij een rechtse extremist en zou ik in iets vervelends terecht zijn gekomen.'

De schatkaart komt op tafel in Scheveningen. Op het eerste gezicht is het een stuk bladmuziek. Marsch Impromptu staat erboven, de componist is Gottfried Federlein. Hammer: 'Eerst zag ik het niet, maar er staan kleine tekens tussen. Dat zijn Germaanse runentekens. En er is tekst bij de muziek geschreven, dus je denkt in eerste instantie aan een lied. Maar dat is het niet. Een belangrijke aanwijzing is de 'm' in het midden.'

U weet zeker dat het document echt is?
'Het probleem met oorlogsdocumentatie is dat niets met zekerheid echt is. Er zijn een paar aanwijzingen, zoals de harde aanslag van de schrijfmachine. Die ging bijna door het papier heen. Tikmachines waren voor de oorlog monsters van apparaten. Maar de 'm' in het midden is heel sierlijk. Die sierlijke 'm' verdween na de oorlog uit getypte tekst.'

Heeft u eraan gedacht een chemische analyse van het papier te laten maken?
'Sterker nog, we hebben ernaar geïnformeerd. Een vervalsing kan niet over zo'n korte termijn worden vastgesteld. Stel dat deze vervalsing in 1955 is gemaakt, dan zou die nooit te onderscheiden zijn van een echt document uit 1945.

'Luister, ik heb zelf altijd een slag om de arm gehouden en dat doe ik nog steeds. Ik kan niet 100 procent instaan voor de authenticiteit. Aan de andere kant: als het nep was geweest, dan moet er een motief achter hebben gezeten. Dat was er niet. Schulz is van al die jaren samenwerking geen cent rijker geworden.'

Hoe kwam die meneer Schulz eraan?
'Dit document was in bezit van Otto, een Duitse pastoor. Hij was een aalmoezenier die contacten had met de nazi's, tot in de hoogste kringen. Hij kwam bijvoorbeeld in de bunker waar Hitler en andere nazi's zich aan het einde van de oorlog hadden verschanst.

'Daar zat ook Martin Bormann, als secretaris van Hitler een machtig figuur binnen het partij-apparaat. Bormann gaf Otto dit document mee, het was bedoeld voor Franz Xaver Schwarz, die in München zat. Met dit document zouden het goud en de diamanten kunnen worden gevonden. Die waren bedoeld voor de financiering van Werwolf, een terreurgroep van de nazi's.

'De afspraak was dat Otto het document naar Schwarz zou brengen als Bormann vast zou komen te zitten in Berlijn. Dat gebeurde en nu komt het mooiste van dit verhaal: Otto komt in gewetensnood. Hij wil niet dat er nog meer bloed wordt vergoten. Hij houdt het document zelf en trekt zich na de oorlog terug in een klooster.'

Waar zit Schulz in dit verhaal?
'Pastoor Otto was weliswaar een antisemiet, maar hij had zich in Berlijn ook bekommerd om een joods jongetje dat was achtergebleven en geen voedselbonnen had. Dat jongetje heeft Otto na de oorlog getraceerd om hem te bedanken. Uit de nalatenschap van Otto is dit document, bekend geworden als de 'pastoorbrief', bij hem terechtgekomen. En de zoon van dit jongetje is dus die Schulz. Toen ik dat hoorde, dacht ik: 'Dit is plausibel.''

Schulz was er al die jaren niet in geslaagd het geheim te ontrafelen. Hij hoopte dat Hammer hem verder kon helpen. Hammer wilde het proberen op voorwaarde dat hij ook de geschiedenis in kaart mocht brengen en dat de schat geen bloedgeld zou zijn. 'Dan ben ik weg.'

In 2008 schreef hij zijn bevindingen al eens op in het boek De tranen van de wolf. Schulz en Hammer loofden toen samen al 25 duizend euro uit voor de oplossing. 'We hebben het niet slim aangepakt destijds. Er was nauwelijks publiciteit.' Dat denkt hij nu beter aan te pakken, onder meer door het boek opnieuw uit te geven.

Na de eerste publicatie van het boek werd de zoektocht een soloproject. Moe van de vergeefse speurtocht haakte Schulz af.

Aanvankelijk zitten ze op een dwaalspoor. Het Schwarzwald in de tekst leidt naar het Zwarte Woud in het zuidwesten van Duitsland. 'Ook omdat Bormann er een buitenhuis had.' Later wordt duidelijk dat de 'm' in het midden van de partituur moet corresponderen met het dorp Mittenwald, 100 kilometer onder München.

De zin Predigstuhl, Kreuz und Kranz in de tekst moet dan verwijzen naar de omringende bergtoppen. En wat blijkt bij nadere bestudering van de kaart? In dit gebied is ook een bos met de naam Schwarzwald.

Daarnaast doet Hammer een belangrijke vondst als hij de partituur scheidt van de tekst en de tekens: links laten de letters 'f', 'x' en 's' zich lezen als de initialen van Franz Xaver Schwarz, de geadresseerde boekhouder.

Verticaal worden in runen de woorden Baum, Stein en Kreuz zichtbaar. Dat tweede woord, zo ontdekte Hammer pas dit weekeinde, verwijst naar de opgestapelde rotsstenen in deze streek. Bij sneeuw dienen ze als wegwijzers.

Ontelbare keren is Hammer al in dit afgebakende stukje Duitsland geweest, speurend naar een kruispunt met als markeringspunten zo'n stapel stenen en een boom. Hij sprak inwoners en hij zocht de logica, maar vond die niet.

Het klinkt als Indiana Jones in Raiders of the Lost Ark.
'Zo avontuurlijk was het niet. We zijn soms levensgevaarlijk verdwaald. Stonden we boven op een berg, met allemaal kliffen om ons heen en de avond viel. Het is nog steeds fascinerend, hoor, maar je wordt er op een gegeven moment zo obsessief van dat je het niet meer ziet.'

Waarom komt u er nu mee naar buiten?
'12-12-12 is toch een mooie datum? We moeten lang wachten voor er weer zo'n datum komt. En ik kan mijn kaarten wel tegen de borst houden, maar het is zulke bijzondere materie. Dit moet toch tot een goed einde worden gebracht?'

Voelt het niet als een nederlaag de partituur openbaar te maken?
'Een beetje wel, natuurlijk. Maar ik wil er van af en dat geldt helemaal voor mijn familie. Die is het zat elke vakantie met een schepje de Alpen in te trekken. Ze willen een keer naar de Bahama's.'

In het zuiden van Duitsland weten ze er vast meer van. Waarom komt u er in Nederland mee naar buiten?
'Ik heb de laatste jaren gemerkt dat het daar moeilijke materie is. Dat hele gebied is nog doordrenkt van het nazisme. Elke vraag in die richting wordt onmiddellijk afgekapt.'

Zoektocht naar nazigoud

'Plausibel', luidt het oordeel van Gerard Aalders over het verhaal van Karl Hammer. Er zijn na de oorlog meer nazischatten opgegraven, ook in het gebied waar Hammer zoekt. Verder staat vast dat de nazi's vaak diamanten gebruikten om de oorlogsindustrie draaiende te houden.

Historicus Aalders werkte tot 2011 voor het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (Niod). Hij schreef het boek Eksters, over de naziroof van goud uit De Nederlandsche Bank.

Hammer heeft Aalders geraadpleegd als deskundige en hem het document getoond. Aalders: 'De authenticiteit is zeer wel mogelijk. Het gebeurde vaker dat de vindplaats in codetaal werd verborgen.' Anders dan Hammer denkt Aalders niet dat Hitlers bezit aan diamanten erg groot is geweest. 'Hitler was niet zo'n inhalig type.'

'Authenticiteit zeer wel mogelijk'

Het werkzame leven van Karl Hammer, geboren in Amsterdam, begon bij de AVRO. 'De studio schoonmaken na een opname van Stuif es in, dat soort dingen.' Langzaam maar zeker klom Hammer op in de rangen van de omroep. In het kielzog van Joop van den Ende vervolgde hij zijn loopbaan bij RTL en TV 10. Hammer ontdekte mazen in de wet, waardoor commerciële radiostations een hoge vlucht konden nemen. Sindsdien is hij financieel 'op orde', zoals hij het noemt. 'Het stelt me in staat me langdurig met onderwerpen bezig te houden die me interesseren. Het is fijn niet te hoeven stoppen omdat er brood op de plank moet komen.'

Zijn boek De grootste kunstroof uit de geschiedenis is in verschillende talen verschenen.

Van studiohulp tot onderzoeksjournalist