De golfbaan lijdt onder de vrije jongens

Het traditionele lid van de golfclub maakt plaats voor de vrije golfer. Doordat die minder speelt, staan de inkomsten onder druk....

Velsen-Zuid ‘We hadden gehoopt 2009 af te sluiten met zo’n zevenhonderd clubleden. Dat hebben we helaas niet gehaald’, zegt Hanny van de Sande, manager van golflcub Dirkshorn. De baan met 18 holes is nog geen jaar open. Dirkshorn is een ‘echte verenigingsbaan’ met bijbehorende etiquette. ‘Géén negatieve invloed van commercieel baangebruik’, meldt de website. Leden kunnen zich voor 4.450 euro inkopen om vervolgens jaarlijks een contributie van 900 euro te betalen.

Om het tegenvallende ledenaantal te compenseren, heeft de club de poorten geopend voor dagjesgolfers, de zogenoemde greenfeespelers, die voor 45 euro gebruik mogen maken van de baan. ‘Natuurlijk spring je daar op in. Maar we hebben goede hoop, misschien naïef, dat het ledenaantal groeit. Dan wordt het een traditionele besloten ledenbaan.’

Dat een golfclub het zich kon permitteren golfers de deur te wijzen, is verleden tijd. Het overgrote deel van de golfbanen in Nederland heeft geen wachtlijst meer. Want het traditionele clublid (vaak gepensioneerd met geld en veel tijd omhanden) maakt plaats voor de ‘vrije’ golfer (jong met een brede interesse die zich niet aan één lidmaatschap wil binden). En deze oprukkende vrije golfer speelt veel minder vaak dan clubleden, waardoor de inkomsten dalen.

Door deze veranderende golfmarkt en de economische crisis staan de inkomsten van de golfverenigingen onder druk. Bezuinigingen in de zakelijke markt leiden tot minder zakelijke evenementen, zoals bedrijfsclinics en sponsordagen. De winstmarge voor een doorsneebaan fluctueerde vijf jaar geleden nog tussen de 4 en 18 procent. Vandaag de dag heeft die winst plaatsgemaakt voor een verlies van 3 procent, blijkt uit een onderzoek dat consultant Horwath HTL heeft uitgevoerd in opdracht van de Nederland Vereniging van Golfaccommodaties (NGV). Het onderzoek is gebaseerd op de gegevens van een kwart van alle Nederlandse golfbanen.

‘Wij herkennen ons niet in deze cijfers’, zegt Egbert Mulder, bestuursvoorzitter van Golf Management Group (GMG), met zeven banen een van de grootste commerciële exploitanten in Nederland. Volgens Mulder hebben de GMG-banen vorig jaar een omzetgroei van 5 tot 6 procent gekend.

Toch werd ook hier de economische crisis gevoeld. ‘Zonder crisis hadden we het dubbele aan omzet verwacht.’ Mulder zag de grote zakelijke evenementen minder worden, waardoor de inkomsten uit die bedrijfstak met 20 procent terugliepen. GMG is voor eenvijfde afhankelijk van de inkomsten uit het bedrijfsleven.

Nederland telt 360 duizend geregistreerde golfers. Met ruim 30 duizend nieuwe spelers in 2009 is golf nog steeds de snelst groeiende sport. Desondanks wordt er dit jaar voor het eerst minder gespeeld op de 153 golfbanen die Nederland telt. De bezetting van de baan nam gemiddeld af met 14 procent. Volgens de branche is dit vooral te wijten aan de oprukkende vrije golfer, die gemiddeld maar zo’n vier rondes per jaar speelt. Een stuk minder dan het vaste clublid, dat 23 rondes speelt.

Het is de kunst de greenfeespeler aan je te binden. De hoop is dat deze speler naarmate hij of zij ouder wordt en meer tijd heeft om te spelen, overstapt op een lidmaatschap.

‘De strijd om de greenfeespeler wordt harder’, zegt Renate Roeleveld, general manager Golfbaan Sluispolder in Alkmaar. ‘Het is de trend is om flexibel te zijn. Niet alleen achttien holes aanbieden, maar ook negen want men heeft minder tijd.’

De drempel naar een lidmaatschap van de Noordhollandse golfclub die op Sluispolder speelt, wordt zo klein mogelijk gemaakt. Zo biedt de golfclub sinds kort ook een proefabonnement aan.

Dat steeds meer verenigingen zich openstellen voor greenfeepelers, beaamt ook zegt Jos Giskens van de Nederlandse Golf Federatie (NGF). ‘Het werd al mondjesmaat gedaan, maar greenfeespelers werden door leden vaak als indringers van hun domein gezien.’

Bij de traditionele golfclubs, ook wel de ‘oude negen’ genoemd, zoals de Hilversumsche, de Haagsche, de Kennemer in Zandvoort en de Noordwijkse golfclub, kunnen het zonder greenfeespelers. ‘Die hebben nooit moeite mensen te vinden’, aldus Gieksens. Daar bepaalt een ballotagecommissie of iemand lid mag worden. Ook hier kan een bezoeker, mits met een handicap van 24, vanaf 85 euro een rondje komen spelen. Maar vaak niet in het weekend en leden krijgen voorrang.

Michel Hennequin (35) was vier jaar lang ‘vrije golfer’. Pas per januari dit jaar is hij lid geworden van golfclub Spaarnwoude van de gelijknamige commerciële baan in Velsen-Zuid. In spijkerbroek, groene fleecetrui en met een grijze wollen muts staat hij op de driving range. Na zijn werk als assistent-bedrijfsleider bij een supermarkt komt hij hier driemaal in de week een balletje slaan. Hij betaalt zijn lidmaatschap in termijnen van negentig euro per maand. ‘Zo’n bedrag in een klap was lastig geweest. Ik zat toen net tussen twee banen in.’

De besloten vereniging verderop zou hij nooit kunnen betalen. Maar dat wil hij ook niet. ‘Die ruitjesbroekmentaliteit is niets voor mij. Golf was voorheen natuurlijk toch wel een kaksport.’ ‘Maar hier’, hij wijst om zich heen, ‘gaat het er hetzelfde aan toe als in de plaatselijke voetbalkantine, waar hij al sinds zijn 6de komt. ‘Muziek aan en een geintje hier of daar.’

Spaarnwoude, ook wel ‘de fabriek’ genoemd, is een van de grootste banen van Europa. ‘Er komt hier van alles’, zegt ook medewerker Marleen te Pas. Van Willem van Hanegem, een Amsterdamse wethouder tot een vrijgezellenfeestje. De gezelligheid kent wel grenzen: geen joggingbroek of blote bast op de baan. Ook al is het hier wat volks, golf behoudt toch een zekere etiquette.