De Fuente de Chapultepec, het beginpunt van het aquaduct dat oorspronkelijk door de Azteken werd gebouwd om water naar de stad te brengen. Het ligt nu midden in Mexico-Stad.
De Fuente de Chapultepec, het beginpunt van het aquaduct dat oorspronkelijk door de Azteken werd gebouwd om water naar de stad te brengen. Het ligt nu midden in Mexico-Stad. © Marcel Van Den Bergh

Mexico-Stad is verrassend én hip

Mexico-Stad is enorm: 22 miljoen inwoners, druk en vies. Maar het is ook een verrassend vriendelijke, traditionele én hippe stad.

Vanuit het vliegtuigraampje lijkt Mexico-Stad een ontembaar monster. Er komt geen einde aan de zee van gebouwen, auto's verdringen elkaar op de vijfbaanswegen en de zachtgele deken van smog beneemt je bij voorbaat de adem. De 8.000 vierkante kilometer stad, met haar 22 miljoen inwoners, doen duizelen. Zo snel mogelijk weg hier, is de gedachte die zich opdringt tijdens het landen.

Voorheen gaven veel toeristen gehoor aan deze vluchtdrang. Mexico-Stad had een slecht imago: te groot, te gevaarlijk, te vies en te chaotisch. Liever reisden ze vanaf het vliegveld direct door naar de paradijselijke stranden aan de Caraïbische kust of naar kleurrijke koloniale steden als Oaxaca of San Cristóbal de las Casas. Mexico heeft veel moois te bieden, dus waarom tijd verspillen in een door smog vervuilde megastad?

Maar ben je eenmaal geland, dan ziet de wereld er een stuk rooskleuriger uit. 'Welkom in Mexico', zegt de migratiepolitie op het vliegveld, met een voor deze beroepsgroep ongekend stralende glimlach. Ook buiten komt de stad uitnodigend over. De vrolijk gekleurde huizen en de warme vriendelijkheid van de bevolking maken korte metten met het paniekgevoel.

De hoofdstad overslaan, is allang geen optie meer. Mexico-Stad is uitgegroeid tot de culturele hoofdstad van Latijns-Amerika met een overweldigend aanbod aan musea en galerieën, een levendig nachtleven en een intrigerende keuken. En overal mengen eeuwenoude invloeden zich met het moderne stadsleven. Mexicanen zijn trots op hun voorouders, koesteren hun tradities en blazen oude gebruiken nieuw leven in.

Geesten

'El Gran Tenochtitlan', zo noemen de inwoners van Mexico-Stad hun woonplaats liefkozend. Tenochtitlan was de hoofdstad van de Azteken, een van de grootste beschavingen uit de geschiedenis. In 1519 arriveerden de Spanjaarden, om in enkele jaren een einde te maken aan het Azteekse rijk. Ze maakten Tenochtitlan met de grond gelijk en bouwden op haar ruïnes de hoofdstad van hun overzeese imperium.

De stad heeft in de loop van de jaren complete dorpen opgeslokt, maar in wijken als Tlalpan en San Angel is de provinciale sfeer nog springlevend. De geur van versgebakken maistortilla's hangt in de straten. Bij de bakkerij staan vrouwen in bloemetjesschorten kletsend op hun beurt te wachten, van huis meegenomen mandjes in de hand. Een messenslijper rijdt voorbij op een bakfiets, een oude dame veegt haar stoep en probeert voorbijgangers tot een praatje te verleiden.

Ook de geesten van de Azteken hebben Mexico-Stad nooit verlaten. Ze wonen in de keukens van trendy restaurants, waar chefkoks wonderen verrichten met mais, cacao en chili-pepers. Ze dolen rond in muziek- en dansscholen waar jongeren zich de ritmen van hun pre-Columbiaanse voorouders eigen maken. Ze verschijnen als tatoeages op lichamen, als graffiti op muren, als namen op gebouwen, straten en metrostations. Het geeft de stad, in al haar moderniteit, haar typisch mystieke karakter.

Toen de Azteken er in 1325 arriveerden, bestond Mexico-Stad uit eilandjes. De Azteken gebruikten kano's om zich te verplaatsen tussen de verschillende delen van de stad. In de zuidelijke wijk Xochimilco zijn de oude waterwegen nog intact. 'Ontdek het oude Mexico', roept een man vanaf een felgekleurde gondel in het haventje. Een zwaarlijvige Mexicaan onderhandelt even en stapt dan met vrouw en kinderen in de gondel. Mariachimuzikanten bieden vanaf kano's hun diensten aan. Andere bootjes doen goede zaken als varende taco-takeaway.

Vijftig kilometer ten noordoosten van de hoofdstad ligt de heilige stad Teotihuacan. De naam betekent 'plaats waar goden ontstaan'. De stad is gebouwd in de eerste eeuwen na Christus, lang voordat de Azteken op het toneel verschenen. Schoolkinderen dwalen in hun rood-grijze uniformpjes rond tussen de tempels en beklimmen de piramides. 'Hier werden eeuwenlang mensen geofferd aan de goden', vertelt de leraar, wijzend op de stenen bovenop een piramide.

De Spanjaarden vulden de stad met indrukwekkende koloniale gebouwen en imposante kerken.

Opmars

Zelfs de hipstercafés van Mexico-Stad ontkomen niet aan de rondwarende geesten van de voorouders. De lokaal gebrouwen biertjes hebben namen in de taal van de Azteken, het Nahuatl. Aan de muur hangen felgekleurde doodshoofden en op menukaarten staan eeuwenoude gerechten. Zoals in café El Mexicano, waar een ober met een sierlijke zwaai een bakje chapulines op tafel zet. De geroosterde sprinkhanen zijn zout, pittig en knapperig. 'We hebben ook verse pulque', zegt hij. Pulque is gemaakt van gefermenteerde agave, de plant waarvan ook tequila wordt gemaakt. In de tijd van de Azteken was pulque de drank van priesters en welgestelden. De Spanjaarden moesten niets hebben van het melkachtige goedje. Na de onafhankelijkheid in 1810 werd het populair onder de allerarmsten, want het verjaagt honger en het geeft een roes. Het drankje is de laatste jaren aan een enorme opmars bezig, zelfs in de chicste buurten verrijzen pulquerias. 'Pulque geeft je de kracht van de goden', zegt een student tijdens zijn vierde glas in El Mexicano. 'De Spanjaarden met hun wijn hebben dat nooit begrepen.' Hoe later op de dag, hoe glibberiger de vloer. De eerste slok pulque wordt traditioneel op de grond gespuugd om Moeder Aarde te bedanken.

Na een dag Mexico-Stad zijn alle zorgen uit het vliegtuig meer dan verdampt. Het ontembare monster blijkt een vriendelijke reus. De Spanjaarden vulden de stad met indrukwekkende koloniale gebouwen en imposante kerken. In de tweehonderd jaar sinds de onafhankelijkheid bouwden de Mexicanen vijfbaanswegen, een uitgebreid metrostelsel, glimmende wolkenkrabbers en grootse monumenten. En de Azteken gaven de stad haar trots, karakter, en ziel.

Tip 1: taco's eten

Taco's vormen het hart van de Mexicaanse eetcultuur. Er zijn taqueria's in alle soorten en prijzen. De leukste plek om taco's te eten, is op straat. Mexicanen zitten gemoedelijk op plastic krukjes bij de kraampjes. Het aanbod varieert per stalletje. Er is vaak gegrild varkensvlees, maar voor de avonturier zijn er ook taqueria's waar darmen, nieren of kippenklauwen vanuit een pan kokende olie in een taco worden gestopt. In hippe buurten als Roma zijn vegetarische tacostalletjes. Por Siempre Vegana bijvoorbeeld, op de hoek van Calle de Chiapas en Manzanillo.

Tip 2: mezcal drinken

Mezcal is gemaakt van agave, maar wordt in tegenstelling tot tequila ambachtelijk geproduceerd. Het drankje is minstens vijfhonderd jaar oud en aan een opmars bezig. De beste mezcalería van de stad is Bósforo (Luis Moya 31, Centro), een lange, smalle bar in het centrum. Bósforo begon als illegale bar, en heeft nog altijd een wat mysterieuze sfeer.

De hectiek van de stad valt van je af zodra de zware rode gordijnen die als deuren dienst doen achter je sluiten. Het barpersoneel neemt graag de tijd de verschillen uit te leggen. Ook het enige gerecht op de menukaart is het proberen waard. Blauwe maistortilla's met geroosterde sprinkhanen en kaas, royaal geserveerd met bonen en gebakken cactusbladeren.

Tip 3: haute cuisine genieten

Mexico's beroemdste chefkok is Enrique Olvera, vorig jaar uitgelicht in de Netflix-serie Chef's Table. Olvera gebruikt traditionele ingrediënten als mieren en sprinkhanen en serveert een mole (traditionele saus van cacao, chilipepers en kruiden) die hij duizend dagen laat trekken. Om een plek te veroveren in zijn restaurant Pujol (Calle Tennyson 133, Polanco) moet je weken of zelfs maanden van tevoren reserveren. Een alternatief is Nicos (Avenida Cuitláhuac 3102, Azcapotzalco). Ook hier steekt chef Gerardo Vazquez eeuwenoude gerechten in een nieuw jasje, zoals konijn in pulque of krab in amarantsaus. Nicos is minder snel volgeboekt dan Pujol, de sfeer is informeler en de prijzen betaalbaarder. Chef Vazquez opende in 2016 ook een eigen restaurant, Fonda Mayora (Campeche 322, Condesa).

Tip 4: pulque

Pulqueria Templo de Diana (Avenida Cinco de mayo 65, Xochimilco) staat bekend als een van de beste van de stad. Voor wie de zurige smaak van de oude Aztekendrank te heftig vindt, zijn er pulque-smoothies met aardbei, mango, kokos, munt of havervlokken. Enkele deuren verder (Francisco Madero 59) verkoopt de bejaarde doña Cande al veertig jaar verse pulque vanuit een grote aardewerken pot die ze dagelijks midden op de stoep zet. Nadat ze je beker heeft volgeschept, opent ze de poort achter haar. Die biedt toegang tot een rommelige schuur met houten krukjes.

Tip 5: universiteitsterrein

De Nationale Autonome Universiteit van Mexico (Unam) is de grootste universiteit van Latijns-Amerika. De campus is groot en groen en er hangt de inspirerende energie van jonge intellectuelen.

Op het universiteitsterrein zijn verschillende kunstwerken van Mexicaanse muralistas te bewonderen. Deze stroming van muurschilderaars ontstond begin 20ste eeuw en combineert elementen uit de pre-Spaanse culturen met nationalistische symboliek. Diego Rivera, de echtgenoot van schilder Frida Kahlo, beschilderde het universiteitsstadion van de Unam.

De universiteit heeft ook een eigen museum met moderne kunst. Het Muac (Museo Universitaria de Arte Contemporáneo) huist in een gebouw van glas en beton, ontworpen door de Mexicaanse architect Teodoro González de León. Het museum opende eind 2008, en is uitgegroeid tot Mexico's belangrijkste instituut voor hedendaagse kunst.

Tip 6: hippe wijken Condesa en Roma

De wijken Condesa en Roma liggen ten zuidwesten van het centrum, en zijn Mexico's bohémienbuurten. In de goed onderhouden statige art-decopanden vind je trendy winkels, cocktailbarretjes en hipstercafés. Er wonen veel kunstenaars en buitenlanders en er is een ruim aanbod aan theaters, bioscopen en galerieën.

Een van Mexico's belangrijkste kunstgalerieën is Proyectos Monclova (Colima 55), een voormalige biljarthal waar nu werk van veelbelovende Mexicaanse artiesten is te zien. Ook Galeria de arte Arredondo/Arrazerena (Praga 27) toont hedendaagse kunst van jonge Mexicanen. EDS Galeria (Calle Atlixco 32) legt de nadruk op interdisciplinair werk.

Tip 7: stad vol muziek

Mexico-Stad is vol muziek. Zoals op het Garibaldiplein (Plaza Garibaldi), waar mariachimuzikanten in hun strakke, met goud versierde pakken rondhangen en tegen betaling verzoeknummers spelen. Verderop ligt Alameda Central, een park waar op zondagmiddag cumbia wordt gedanst. De feestjes zijn populair bij de oudere inwoners, die er dansend uitzien alsof ze voor het eerst verliefd zijn. In Mambocafé (Insurgentes Sur 644) waan je je in Cuba. Niet alleen omdat de salsamuziek wordt afgewisseld met Cubaanse son en mambo, ook omdat de dansvloer steevast is gevuld met uitmuntende dansers. Voor jazz kun je terecht in Zinco (Motolinea 20), in het centrum van de stad. In de kelder van wat ooit een bank was, hangt de lome sfeer van een jazzclub uit de jaren vijftig.

Tip 8: centrum

Nadat de Spanjaarden Tenochtitlan veroverden, maakten ze van Mexico-Stad de hoofdstad van hun overzeese imperium. Het Zócalo, een plein van bijna 60 duizend vierkante meter, vormt het hart van de stad. Bovenop de ruïnes van een Aztekentempel bouwden de Spanjaarden de grootste kathedraal van het westelijk halfrond, ernaast verrees een paleis waarin nog altijd de regering huist.

Op het Zócalo heerst een prettige chaos: straatverkopers, zakkenrollers, zelfbenoemde sjamanen en anti-regeringsdemonstranten vormen het vaste meubilair van dit plein. Vanaf het terras van Balcón del Zócalo (Avenida 5 de mayo 61) heb je een fantastisch uitzicht op alle bedrijvigheid.

Het historische centrum heeft de afgelopen vijftien jaar een metamorfose ondergaan. Vervallen koloniale panden zijn opgeknapt, met name dankzij investeringen van Carlos Slim, de rijkste man van Mexico. Er kwamen autoloze straten als Calle Regina, vol restaurantjes en eetcafés. De leukste is El Mexicano (Regina 29A). Het kleine terras is ideaal om in de namiddag neer te strijken en te kijken naar de eindeloze stroom mensen die na een werkdag huiswaarts keren.