Kleiner, harder, maar wel pragmatischer dan zijn broer

PROFIEL, Cees Zoon op 02 augustus '06, 02:48, bijgewerkt 2 augustus 2006 02:48

Hij mist het charisma en het redenaarstalent van zijn broer. Maar dat Raúl de zieke Fidel Castro vervangt, ligt sinds 1976 vast in de grondwet. De jonge broer (75) lijkt pragmatischer en meer geneigd tot hervormingen.

De ziekte van Fidel Castro is de verrassing voor de Cubanen, en niet het feit dat zijn broer Raúl tijdelijk diens belangrijkste functies waarneemt. Dat is tenslotte al vastgelegd in de grondwet van 1976: ‘In geval van afwezigheid, ziekte of dood van de president van de staatsraad, worden zijn functies overgenomen door de vice-president.’ En die vice-president van de staatsraad, zoals de Cubaanse regering heet, is sinds 1971 Raúl Castro.

Fidel heeft bij herhaling gezegd dat zijn vijf jaar jongere broer ‘vanwege zijn ervaring en verdiensten de meest geschikte compañero’ is om hem op te volgen wanneer het moment daartoe zich aandient. Al heeft de almachtige leider recentelijk toegegeven dat de gevorderde leeftijd van Raúl (75) een nadeel is.

Raúl verbaasde in juni dit jaar met het relativeren van zijn rol als gedoodverfd opvolger. ‘Alleen de Communistische Partij van Cuba, als instituut dat de revolutionaire voorhoede bindt en als veilige garantie van de eenheid van de Cubanen, kan de waardige erfgenaam zijn van het vertrouwen dat het volk in zijn leider heeft gesteld’, verklaarde hij. ‘Daarvoor werken wij en zo zal het zijn. De rest is louter speculatie, om geen ander woord te gebruiken.’

Die opmerkingen wekten echter juist speculaties op: over een mogelijk collectief leiderschap na de dood van Fidel Castro.

Raúl Castro is in vele opzichten het tegendeel van zijn grote broer, een lange atletische man begiftigd met redenaarstalenten en gek op het bespelen van de media. Raúl is klein, gesloten, gespeend van charisma en een zwak spreker.

Maar hij is altijd de directe schaduw van Fidel geweest en een verzamelaar van functies onmiddellijk onder die van de leider: tweede secretaris van de Communistische Partij, eerste vice-president van de staatsraad. Zijn macht ontleent hij vooral aan zijn positie van minister van Defensie. Raúl Castro (3 juni 1931, Biran, zuid-Cuba) is van jongs af bij de hand genomen door zijn broer, die ervoor zorgde dat hij dezelfde opleiding kreeg op gedegen jezuïetenscholen. Als student sociale wetenschappen aan de universiteit van Havana raakte hij betrokken bij het verzet tegen dictator Batista.

Hij zwoer het katholicisme af en bekeerde zich tot het marxisme. Op zijn 22ste werd Raúl lid van de Communistische Partij, vele jaren voordat Fidel daarmee in zee ging.

In 1953 deed Raúl Castro mee aan de mislukte aanval op de Moncada-kazerne, het voorspel van de guerrilla die drie jaar later begon. Hij werd veroordeeld tot dertien jaar, maar profiteerde net als de andere opstandelingen in 1955 van een amnestie. Hij vertrok met zijn broer naar Mexico, waar zij samen met Che Guevara de guerrilla voorbereidden. Na de overwinning op 1 januari 1959 werd Raúl belast met het institutionaliseren van de Revolutionaire Strijdkrachten en het opzetten van de nieuwe geheime diensten.

Raúl Castro leidt het Cubaanse leger, een van de pijlers onder het bewind, met ijzeren hand. De laatste jaren heeft het leger door zijn toedoen een steeds grotere rol in de Cubaanse economie gekregen, met name in de toeristensector, waarin het de meeste activiteiten en staatshotels controleert.

Lange tijd gold Raúl als de hardere van de twee broers, maar recentelijk is steeds duidelijker geworden dat hij pragmatischer is en meer geneigd tot hervormingen dan zijn broer. In 2001 opperde hij zelfs de wens tot normalisatie van de betrekkingen met de VS, de erfvijand van het bewind. Een jaar eerder erkende hij dat de democratie in Cuba niet perfect is: ‘Die moeten we blijven perfectioneren.’

Sommige Cubanen zien in Raúl zelfs de mogelijke leider van het begin van de transitie naar een meer open regime, met name op economisch terrein. De afgelopen jaren is hij geregeld naar landen als China en Vietnam gereisd om te kijken hoe ze daar het kapitalisme weer binnenhalen zonder de macht van de communistische partij aan te tasten. In dat opzicht verschilt hij serieus van mening met Fidel die blijft volharden in zijn filosofie van ‘socialisme of dood’.

Stuur dit artikel door
Plaats artikel op MSN Reporter
Plaats artikel op Linkedin
Plaats artikel op Facebook
Plaats artikel op NuJIJ
Plaats artikel op Hyves
Bewaar op Delicious
Plaats artikel op Twitter
E-mail
Printversie
Tags:
POPULAIR