Het gebruik van omstreden marteltechnieken, zoals waterboarding, lekte uit. Evenals het supergeheime project van de National Security Agency (NSA), bedoeld om telefoongesprekken in de VS af te luisteren. Zelfs het bestaan van geheime CIA-gevangenissen in het buitenland werd in de afgelopen acht jaar onthuld.
Dus wat spookten de medewerkers van de antiterrorismeafdeling van de CIA uit, zo was maandag de grote vraag in Washington, na de onthulling dat een geheim programma van de inlichtingendienst jaren op last van vicepresident Dick Cheney verborgen werd gehouden voor het Congres?
En wel met zo’n groot succes dat zelfs de nieuwe CIA-directeur, Leon Panetta, er pas in juni van hoorde. Maakten leden van The Company, de bijnaam van de inlichtingendienst, plannen om leiders van Al Qaida te vermoorden, zoals The Wall Street Journal maandag meldde op gezag van bronnen bij de CIA? Of ging het omstreden project nog veel, veel verder?
Republikeinen in het Congres twijfelen sterk aan het belang van de onthulling, maar het nieuws is koren op de molen van de Democraten. Het sterkt hen in hun geloof, in het bijzonder van voorzitter Nancy Pelosi van het Huis van Afgevaardigden, dat de CIA het Congres in acht jaar regering-Bush niet of onvolledig op de hoogte hield over gevoelige nationale veiligheidszaken.
Het bestaan van het supergeheime programma zal de roep ook versterken in het Congres om een onderzoek te beginnen naar de omstreden rol van Cheney in de afgelopen acht jaar.
Als het bericht in The Wall Street Journal klopt, probeerde de CIA uitvoering te geven aan een order van president Bush direct na ‘11/9’ om leiders van Al Qaida gevangen te nemen of, onder bijzondere omstandigheden, te doden. Sinds midden jaren zeventig is het de CIA namelijk verboden gerichte moordaanslagen uit te voeren op buitenlandse leiders.
Volgens drie anonieme CIA-medewerkers had een kleine CIA-groep al direct na de aanslagen bekeken of leiders van Al Qaida met gerichte moordaanslagen konden uitgeschakeld. Gezamenlijke teams van de CIA en Amerika’s commando-eenheden zouden, in navolging van wat Israël deed na de moord in 1972 op Israëlische atleten in München, de jacht hebben moeten openen op de leiding van het terreurnetwerk van Osama bin Laden. ‘Het kwam direct uit een film’, aldus een voormalige inlichtingenfunctionaris in de krant. ‘Er heerste een sfeer van: ‘Laten we ze allemaal doden’.’ De plannenvorming zou echter na een half jaar op niets uitlopen, omdat zowel Bush als Cheney er niets in zag.
Na de presidentiële order van Bush ging de inlichtingendienst echter opnieuw aan de slag met het maken van plannen om vooraanstaande terroristenleiders te pakken of, in het geval hun gevangenneming te gevaarlijk zou zijn, zelfs te doden.
Operationeel zou het project, waaraan volgens het Republikeinse Congreslid Pete Hoekstra slechts rond een miljoen dollar is besteed, in de afgelopen acht jaar echter nooit zijn geworden.
Nadat Panetta op 23 juni, zo’n vijf maanden na zijn aantreden, door CIA-medewerkers was gewezen op het bestaan van het programma waarvan het Congres niets mocht weten, trok hij de stekker eruit. In twee briefings, de volgende dag, werden leden van de inlichtingencommissies van de Senaat en het Huis op de hoogte gesteld van het geheime project.
‘Zo’n groot programma verborgen houden voor de leiders van het Congres is niet alleen ongepast, het kan ook onwettig zijn’, aldus de Democratische senator Dick Durbin.
Maar Republikeinen wijzen erop dat het in die acht jaar slechts bleef bij plannenmakerij in Langley, het hoofdkwartier van de CIA in Virginia. ‘Er werd over gesproken, er werden plannen gemaakt en misschien een beetje getraind’, aldus Hoekstra. ‘Maar het werd nooit uitgevoerd.’
Het onthullen van het project komt juist op een moment dat de regering-Obama in de clinch dreigt te komen met de Democratische meerderheid in het Congres over hun wens om voortaan alle leden van de inlichtingencommissies in te lichten over dit soort geheime programma’s. Nu wordt alleen een select groepje, de ‘Bende van Acht’, ingelicht. Obama heeft gedreigd met een veto als het Congres een wet hiertoe aanneemt.