Groot-Brittannië: Labour van Brown krijgt forse klappen
Zoals van tevoren in Groot-Brittannië werd verwacht, heeft de Labourpartij in
de Europese verkiezingen dramatisch slecht gescoord. In de regio’s waar de
uitslagen bij sluiting van deze editie – half twee vanochtend Nederlandse
tijd – bekend waren, zag Labour zijn aandeel zakken tot zo’n 17 procent. Dat
is nog slechter dan vijf jaar geleden. Tijdens de verkiezingen in 2004
haalde Labour 23 procent, wat toen het laagste percentage was in bijna een
eeuw.
De Conservatieven zijn net als vorige keer de grootste met rond 27 procent, maar boekten amper winst. De UK Independence Party had uitzicht op de tweede plaats. In Leeds haalde de racistische BNP voor het eerst een Europese zetel.
De Britse verkiezingen werden afgelopen donderdag reeds gehouden, maar met het tellen werd pas zondag begonnen. In de dichtstbevolkte regio, het Zuidoosten, waren bovendien computerproblemen.
Frankrijk: Winst pro-Europese partijen
De UMP, de partij van president Sarkozy, is met 28,5 procent de grote winnaar
in Frankrijk. De tegenstand is zeer versplinterd. De Socialistische Partij
(16 procent) wordt door de kiezers afgerekend op de interne verdeeldheid.
Opzienbarend is de score van Europe Ecologie, de groene partij van Daniel
Cohn-Bendit, die nagenoeg even hoog scoort als de socialisten. De strijd om
de derde partij is daarmee een wassen neus: middenpartij MoDem (8,5 procent)
moet boeten voor een te verbeten partijleider François Bayrou, die
uitglijders maakte. Op de linkerflank wint de bundeling van communisten en
afvallige socialisten (6,7) het van de anti-kapitalistische partij van
Olivier Besancenot (4,9), op uiterst rechts haalt het Front National (6,3)
een matige score.
De opkomst was met 40 procent zeer matig. Opmerkelijk is dat met UMP en Europe Ecologie de partijen winnen die voor een sterk Europa pleiten.
Duitsland:Slechtste stembusuitslag ooit voor SPD
Als de verkiezingen van zondag de opmaat zijn voor de parlementsstrijd in
september, dan mag de Duitse bondskanselier Angela Merkel gerust zijn. De
CDU bleef zondag volgens de exit-polls met 38,5 procent de grootste partij,
ondanks een verlies van 6 procent vergeleken met 2004.
De SPD behaalde 21,3 procent van de stemmen, een verlies van een half procent. Het is echter de slechtste verkiezingsuitslag ooit voor de sociaal-democraten. ‘Dit is een teleurstellende uitslag’, reageerde SPD-leider Steinmeier.
Forse winst was er voor de FDP. De liberalen, die Merkel na de Bondsdagverkiezingen zou willen binnenhalen als coalitiepartner, ten koste van de SPD, kregen meer dan 10 procent van de stemmen. Vier jaar terug behaalden zij nog 6,1 procent. Die Linke kwam uit op 7,5 procent. De Groenen kregen 12 procent, bijna net zo veel als in 2004. De opkomst in Duitsland was 42,5 procent.
Oost-Europa: fraude en een laagterecord
Met een opkomst die opvallend veel lager lag dan in de rest van de Europese
Unie hebben de Oost-Europese lidstaten net als vijf jaar geleden voor een
negatieve uitschieter gezorgd. In Polen, de belangrijkste ‘nieuwe’ lidstaat,
kwam een kwart van de potentiële kiezers opdagen. Maar dat was nog veel
vergeleken bij buurland Litouwen. Daar werd met een opkomst van ongeveer
15 procent een nieuw Europees laagterecord gevestigd. Buurland Slowakije
deed het nog slechter. Met een opkomst van minder dan twintig procent kwam
dat land in de buurt van zijn in 2004 gevestigd record. Toen kwamen voor de
Europese verkiezingen amper 16 procent van de stemgerechtigde Slowaken
opdagen.
Van de voormalige Oostbloklanden deed Bulgarije het met een opkomst van bijna 40 procent het minst slecht, maar daar werden kiezers met geld naar de stembus gelokt. In enkele dorpen ten zuiden van de hoofdstad Sofia zouden massaal stemmen gekocht zijn. Ook Roemenië, dat net als Bulgarije in 2007 lid werd van de Europese Unie, werd geplaagd door verkiezingsfraude. In sommige steden zouden partijen omgerekend tussen 12 en 24 euro geboden hebben voor een stem.