Javier Valdez in 2013.
Javier Valdez in 2013. © AFP

'Laat ze ons allemaal maar vermoorden, als op verslag doen van deze hel de doodstraf staat'

Mexicaanse journalist Valdez moest zijn woorden met de dood bekopen

'Laat ze ons allemaal maar vermoorden, als op verslag doen van deze hel de doodstraf staat.' Dit twitterde de Mexicaanse journalist Javier Valdez eind maart, na de moord op collega verslaggever Miroslava Breach. De vrouw schreef over corruptie, en de misdaden van de drugsmaffia. Ze werd met kogels doorzeefd terwijl ze haar zoon naar school bracht. 'Zwijg niet', twitterde Valdez dapper. Maandag moest ook hij zijn woorden met de dood bekopen.

Valdez (50) verwierf internationale faam met zijn boeken en artikelen over de Mexicaanse drugskartels. Hij ontving aan de lopende band doodsbedreigingen, maar was vastbesloten te blijven schrijven over de ziekmakende corruptie in Mexico, de innige banden tussen de autoriteiten en de drugsmaffia, en de straffeloosheid waarmee ze hun misdaden begaan. Valdez werd op klaarlichte dag dood geschoten in Culiacán, vlakbij de redactie van het door hem opgerichte blad Ríodoce.

Veel journalisten houden ermee op, anderen besluiten toe te geven en gaan over tot zelfcensuur

Mexico behoort tot de gevaarlijkste landen ter wereld voor journalisten. Afgelopen zondag nog werden zeven nationale en internationale verslaggevers bedreigd door ruim honderd gemaskerde mannen. De groep was op reis om verslag te doen van het hevige geweld in deelstaat Guerrero, toen de criminelen hen van apparatuur, telefoons en geld beroofden. 'Ze dreigden ons levend te verbranden', aldus Sergio Ocampo, verslaggever van persbureau AFP.

Volgens persvrijheidsorganisatie Artikel 19 zijn sinds begin deze eeuw 104 journalisten vermoord in Mexico, 25 anderen zijn vermist. Met de dood van Valdez, een prominente en prijswinnende journalist, komt de teller voor dit jaar op zes. Vooralsnog is geen van de daders gepakt. Veel journalisten houden ermee op, anderen besluiten toe te geven en gaan over tot zelfcensuur.

Grote verslagenheid

Mexicaanse journalisten hebben met grote verslagenheid gereageerd op de dood van Valdez. 'Hij was een gids in de hel', schreef de Spaanse krant El País. Verschillende media staakten gisteren. 'In Mexico vermoorden ze journalisten omdat het kan, omdat er niks gebeurt', was gisteren het enige bericht op de voor de gelegenheid rouwzwarte site van Animal Politico. 'De moord op een journalist ontneemt iedere Mexicaan het recht te weten wat er gebeurt in ons land.'

En er gebeurt nogal wat. Sinds oud-president Felipe Calderón in 2006 het leger de straten opstuurde om de drugskartels te bestrijden zijn er zo'n tweehonderdduizend doden gevallen in de drugsoorlog. Dertigduizend anderen zijn vermist. Na het aantreden van president Enrique Peña Nieto in 2012 daalden de moordcijfers even. De president klopte zich op de borst na de arrestaties van drugsbazen als Joaquín 'El Chapo' Guzmán. Maar het aantal moorden is inmiddels weer terug op het niveau van 2011, toen de drugsoorlog op zijn dieptepunt was.

Slechts een op de honderd misdaden in Mexico wordt bestraft; sommige burgers gaan zelf op zoek naar gerechtigheid

Dat komt doordat de vangst van leiders heeft geleid tot een versplintering van drugskartels. Meer criminele organisaties dan ooit vechten onderling om territorium, met op veel plaatsen geweldexplosies tot gevolg. Ondertussen verstevigt de greep van drugskartels op de autoriteiten. Politieagenten doen nauwelijks nog moeite te verhullen dat ze op de loonlijst van de maffia staan. Politici laten zich voor het karretje van drugsbazen spannen. Onder druk, of in ruil voor een deel van de opbrengst.

Slechts een op de honderd misdaden in Mexico wordt bestraft, zo blijkt uit onderzoek van het Centrum voor Studie van Straffeloosheid en Gerechtigheid. Gedreven door frustratie en onzekerheid over het lot van hun geliefden, gaan sommige burgers zelf op zoek naar gerechtigheid. Deze activisten worden, net als journalisten, een voor een de mond gesnoerd.

Geen redding mogelijk

Journalistiek bedrijven betekent lopen over een onzichtbare lijn in een veld vol explosieven

Valdez in 2011

Vorige week nog drongen gewapende mannen het huis binnen van Miriam Rodríguez, een zakenvrouw uit Tamaulipas. Rodríguez vond in 2014 het lichaam van haar veertienjarige dochter terug in een illegaal massagraf. De autoriteiten ondernamen geen actie de verantwoordelijken op te sporen, dus begon Rodríguez zelf een onderzoek. Dankzij haar doorzettingsvermogen kreeg ze de daders achter tralies. Op 10 mei betaalde ze de prijs, met twaalf kogels in haar lichaam.

Ook activist Miguel Ángel Jiménez overleefde het niet. Jiménez leidde de zoektocht naar 43 studenten die in 2014 spoorloos verdwenen. Samen met de ouders van de slachtoffers struinde de taxichauffeur door de heuvels van deelstaat Guerrero. Ze vonden de jongens niet terug, maar ontdekten wel tientallen andere lijken in massagraven. Jiménez nam geen blad voor de mond, zocht de media op en beschuldigde de staat keer op keer van medeplichtigheid. Hij werd in zijn eigen taxi met kogels doorzeefd.

'Waar ik werk is het gevaarlijk om in leven te zijn', zei de maandag vermoorde journalist Valdez in 2011, toen hij de persvrijheidsprijs van het Comité voor de Bescherming van Journalisten in ontvangst nam. 'Journalistiek bedrijven betekent lopen over een onzichtbare lijn, getekend door slechteriken uit de drugshandel en de regering, in een veld vol explosieven. Je moet jezelf beschermen tegen alles en iedereen. Redding lijkt niet mogelijk.'

Narco-hoofdstad Culiacán: hart van de handel

De economie van Culiacán drijft op drugs. De stad is doortrokken van de narcocultuur en drugsbazen worden er als helden vereerd en, letterlijk, bezongen. Een reportage vanuit Culiacán, de stad waar Valdez werkte (+).