Roofstaat gaat over de gehele wereld

Belangwekkende, radicale herschrijving van de vaderlandse geschiedenis.

Ewald Vanvugt laat zien dat het geweld dat Nederlanders overzee gebruikten geen excessen waren maar wezenskenmerken.

Dat de coole gasten van het muzieklabel Top Notch de Roofstaat hebben omarmd, geeft meteen het grote belang van dit boek aan. Ewald Vanvugt (1943) vertelt de Nederlandse geschiedenis opnieuw, vanuit een kritisch perspectief dat jongeren aanspreekt, zeker de nazaten van de slachtoffers van slavenhandel en kolonialisme. De ondertitel 'Wat iedere Nederlander moet weten', klinkt wat arrogant, maar is verdiend.

Het is een leuke combinatie: een schrijver uit wat tegenwoordig de linkse elite wordt genoemd (de protestgeneratie uit de jaren zestig en zeventig) en de jonge gettogeneratie (op zijn Hollands dan). Het boek werd ten doop gehouden in de Amsterdamse poptempel Paradiso. Hiphopartiest Akwasi zei in de VPRO Gids: 'Ewald is een held. Zoveel dingen die ik niet wist.' En: 'Eigenlijk zou het boek de Rootsstaat moeten heten. Om aan te geven waar de rijkdommen vandaan komen.'

Zelfverheerlijking

Roofstaat gaat over de gehele wereld van 1209 (kruistocht) tot nu

Dat 'Roofstaat' klinkt lekker militant, maar is al bedacht door Multatuli als typering van Nederland in de Max Havelaar (verschenen in 1860). Roofstaat is een uitgebreide versie van Vanvugts Zwartboek van Nederland overzee uit 2002; in 2011 ook al eens bijgewerkt en aangevuld. Alles, vanaf Vanvugts boek uit 1985 over de rol van opium bij het vestigen van het Nederlandse koloniale rijk (ja, we zijn ook een narcostaat), is bijeengebracht in Roofstaat. Ook nog eens voorzien van veel gravures, tekeningen, schilderijen en foto's.

Het is opvallend bij het lezen van Roofstaat hoe deze radicale herschrijving van de geschiedenis, een trend in de jaren zestig en zeventig, ondergesneeuwd is geraakt bij Nederlandse historici. In de politiek is juist behoefte aan een herleving van patriottisme, zoals premier Balkenende snakte naar 'de VOC-mentaliteit'.

Vanvugt geeft de vaderlandse geschiedenis een wasbeurt. Hij hekelt in zijn boek om de haverklap de houding van historici. De ouderwetse zelfverheerlijking van 'daar werd wat groots verricht' bezigt niemand meer en de 'zwarte bladzijden' van de geschiedenis worden braaf benoemd, maar de teneur om het geweld en de schendingen van de mensenrechten als incidenten, bijverschijnselen of excessen te zien, vindt hij fundamenteel onjuist. In al zijn verhalen laat hij zien dat geweld juist een vast patroon was, dat oorlog voeren en gelegitimeerde kaperij wezenskenmerken waren van het Nederlandse handelsimperium.

Non-fictie. Ewald Vanvugt. Roofstaat - Wat iedere Nederlander moet weten. Nijgh & Van Ditmar; 856 pagina's; euro 39,99.

Vanvugt belicht ook enkele onderwerpen die helemaal aan de aandacht ontsnapt lijken, zoals de Aziatische slavenhandel. Bijzonder is zijn aandacht voor seksualiteit en de erotische aantrekkingskracht van 'exotische' vrouwen voor de mannen op de schepen en later in de koloniale vestigingen. Journalist Vanvugt schreef ooit een lang artikel voor Playboy over dit verzwegen onderwerp - liefde, romantiek en seksueel misbruik - dat aan de basis stond van de zwartboeken en Roofstaat.

Hoe houd je zo'n uitdijend levenswerk een beetje in de hand? Vanvugt houdt zich vast aan de traditionele chronologische volgorde voor de op zich vrij korte paragrafen binnen de hoofdstukken. Zo hopt de lezer om de paar bladzijden van het ene continent naar het andere. Maar de tussenkoppen boven de paragrafen, weergegeven in een uitgebreide inhoudsopgave, helpen de lezer die bijvoorbeeld achter elkaar de verhalen over de Nederlanders in Japan wil lezen.

De Nederlandse geschiedenis in Indonesië vormt wel de hoofdmoot van het boek. Daarover weet Vanvugt veel te vertellen; ook over Suriname en de Antillen. De delen over Afrika (het fort Elmina in het huidige Ghana bijvoorbeeld) en over Manhattan zijn wat schetsmatiger. Vanvugt baseert zich voornamelijk op de bekende bronnen uit de tijd waarover hij schrijft (zoals die heruitgegeven door de Linschoten-Vereeniging) en geschiedenisboeken van anderen. Inzichten en studies van Afrikaanse historici, die de geschiedenis vanuit Afrikaans perspectief hebben herschreven, ontbreken, hoewel die goed aansluiten bij de visie op de geschiedenis van Vanvugt.

Zo zijn er vast meer lacunes te vinden door gespecialiseerde historici; dat kan niet anders met zo'n brede onderneming als Roofstaat, die gaat over de gehele wereld van 1209 (kruistocht) tot nu. Ook zet de auteur de verwijten soms wat erg dik aan: 'En bijna algemeen lijken de eeuwen van de Europese overheersing overzee vergeten.' Zo erg is het niet, sterker: de discussie over dat verleden is juist opnieuw zeer actueel. In Nederland hebben we de Zwarte-Pietdiscussie, in de Verenigde Staten is het debat over herstelbetalingen aan de nazaten van de 'tot slaaf gemaakten' (zoals ze nu, ook door Vanvugt, worden genoemd).

En dus verschijnt Roofstaat op een heel goed moment. En Ewald Vanvugt zou de geknipte adviseur zijn voor het dolende Scheepvaartmuseum in Amsterdam.