De zwaartekracht van liefde
Sara Stridsberg

De zwaartekracht van liefde

Fictie

Een mythisch ziekenhuis

Stridsberg klampt zich vast aan de lichtinval als wapen tegen het naderend duister

Beckomberga, net buiten Stockholm, was een van de grootste psychiatrische ziekenhuizen van Zweden in de twintigste eeuw. Het had plaats voor zo'n zestienhonderd patiënten en achthonderd personeelsleden. De meeste patiënten werden nooit meer ontslagen. Halverwege de jaren negentig sloot het zijn deuren, tekenend voor de veranderende houding in het Westen ten opzichte van de psychiatrie.

Het ziekenhuis staat centraal in de aangrijpende, mozaïek-achtige roman De zwaartekracht van liefde van Sara Stridsberg (1972). In korte, fragmentarische scènes onderzoekt ze de betekenis van het ziekenhuis in de levens van een aantal personages, en in de samenleving als geheel - zo merkt ze op dat Beckomberga, dat van 1932 tot 1995 open was, samenviel met de tijd van de welvaartsstaat.

Stridsberg voert een vrouw ten tonele, Jackie, wier vader in haar tienerjaren in Beckomberga zat. Jackie spijbelt dagelijks van school om in het ziekenhuis rond te hangen. Ze wil haar vader beschermen voor opnieuw een 'val', zoals de patiënten gekte noemen, maar er zijn meer, onduidelijke redenen waarom ze zich aangetrokken voelt tot de plek. Later, wanneer ze zelf een kind heeft, blijkt dat ze bang is om zelf een duisternis vanbinnen te hebben geërfd.

Stridsberg schrijft een onderkoeld soort proza, even beeldend als versluierend. Ze heeft een uitstekend oog voor de natuur, op elke pagina ruisen de bomen, schittert er een draderige zon, of figureert 'een eenzame rooksliert in het grijze licht'. Maar dit is geen pure esthetiek. Stridsberg klampt zich vast aan de lichtinval als wapen tegen het naderend duister.