Boris Ryzji, een gedoemd poëet en een goede hooligan

‘Ik laat jullie er niet in,’ krijgt de documentairemaakster Aliona van der Horst te horen als zij en Olga, de zus van de jonggestorven dichter Boris Ryzhy (1974-2001), her en der aankloppen in de Staalschrootwijk van Jekaterinenburg, tegen Siberië aan....

Zo makkelijk dring je niet binnen in het besneeuwde universum van de dichter die zich tussen bajesklanten en lijfwachten van maffiosi thuis voelde. ‘Hij was een goede hooligan,’ herinnert vriend Sergej Loenin zich: ‘Hij kon iemand een goede knal verkopen.’ Tegelijk was Boris een romantisch taalvirtuoos, en geofysicus. In 2000 trad hij op tijdens Poetry International in Rotterdam – geluidsopnamen daarvan zitten in de film. Al vroeg trouwde hij de eveneens jeugdige Irina, die gelukkig veel aan het woord komt in de film Boris Ryzhy – Engelse spelling; in de uitgaven van zijn gedichten en dagboek bij Hoogland & Van Klaveren heet hij Ryzji –, ze kregen in 1993 een zoontje, Artjom. Maar op 7 mei 2001 hing Boris (26) zich op. Het is verleidelijk om het waarom te verklaren vanuit zijn positie als buitenstaander. Wel vechtjas en drinker, maar geen crimineel. En dichter. Zijn jonge weduwe bekijkt oude foto’s, en zegt: ‘Hoe minder je kijkt, hoe minder je huilt.’ Boris schaamde zich, zegt een vriend , omdat hij leefde, terwijl er zoveel anderen stierven. Het kwam misschien door de losgeslagen tijd van de perestrojka, de ontdooiing die uitmondde in de afschaffing van het communisme in 1991. Niemand kon omgaan met het ontstane vacuüm – het kapitalisme bleef nog ver weg. En dan zijn er de teksten van Ryzji, die het onheil annonceren: ‘Lelijkheid, dat is schoonheid/ die te groot is voor je ziel./ Er is wel heel veel van dat grote.’ Foto’s, filmpjes, herinneringen, de ingekeerde blikken die de cameravrouw op straat vangt, de ijskou en hopeloosheid, de grafsteen tussen de Oeralsparren; alle beelden dragen suggesties aan, terwijl het antwoord op die ene vraag uitblijft. Irina verklaart slechts te kunnen gissen. Is dat niet zwaar, wordt haar gevraagd. ‘Ja.’ Wat dan volgt moet u haar zelf zien zeggen (maandag, 23.15 uur, Ned. 2, VPRO): ‘Maar wie had beloofd dat het makkelijk zou zijn?’ Die vraag is het beste antwoord.