Durft Kamer vingers te branden aan hervorming van het onderwijs?
© ANP

Durft Kamer vingers te branden aan hervorming van het onderwijs?

5 vragen over onderwijsvernieuwing

D66'er Paul Schnabel presenteerde in 2016 een ingrijpend plan om het onderwijs klaar te stomen voor de 21ste eeuw. De Kamer debatteert nu over een afgezwakte versie. Zijn politici kopschuw voor vernieuwingen in het onderwijs?

Wat is er mis met het huidige onderwijsaanbod?

Het lesaanbod in het primair (basisschool) en voortgezet (middelbare school) onderwijs is niet bij de tijd. Daarover zijn leraren, leerlingen, schoolbesturen en vakverenigingen het al een paar jaar eens. Aan het curriculum - de inhoud van het onderwijs - is de laatste tien jaar niets veranderd, terwijl de maatschappij wel verandert.

Nederland is een heterogene samenleving geworden. Dat vereist kennis bij jongeren over democratische waarden, de rechtsstaat en gelijke rechten voor iedereen. Het vak burgerschap zou op school niet misstaan. Tegelijkertijd ontwikkelt Nederland zich tot een hoogwaardige technologische maatschappij. Wie afhaakt, valt buiten de boot. Digitale geletterdheid is een voorwaarde voor goed functioneren en ook dat zou als vak onderwezen moeten worden.

Nederlandse leerlingen zijn minder gemotiveerd om te leren

De analyse dat vernieuwing nodig is, werd vorige week bevestigd in het jaarverslag van de Onderwijsinspectie. 'Vergeleken met leerlingen in andere landen zijn Nederlandse leerlingen minder gemotiveerd om te leren', stelde de inspectie. Ze zijn ook minder bereid hard te werken: 'Ze ontwijken vaker complexe problemen en blijven minder lang geïnteresseerd in de stof die ze zouden moeten leren.'

Opvallend is dat er op dit punt geen verschil is tussen kinderen van hoger- of lageropgeleide ouders. Geef leerlingen een schop onder hun kont, is een te simpele conclusie. Vraag en aanbod sluiten onvoldoende op elkaar aan.

Hoe wil staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs, VVD) dit oplossen?

Dekker stelde begin 2015 het Platform Onderwijs 2032 in. Centrale vraag: wat moeten kinderen die nu voor het eerst naar school gaan straks hebben geleerd? Onder leiding van Paul Schnabel, D66-senator en oud-directeur van het Sociaal- en Cultureel Planbureau, inventariseerde het platform de wensen die in alle geledingen van het onderwijs leven.

Om tot een uitdagend en relevant aanbod voor leerlingen te komen, werd in januari 2016 in het eindadvies Ons Onderwijs 2032 voorgesteld Nederlands, Engels en rekenen (wiskunde) te behouden, burgerschap en digitale geletterdheid toe te voegen en andere vakken te clusteren in drie 'leerdomeinen': mens & maatschappij; natuur & technologie; taal & cultuur. Scholen zouden een grote mate van vrijheid hebben bij het inrichten hiervan, maar zo'n nieuw curriculum zou wel consequenties hebben voor de kerndoelen en de eindtermen waarop landelijk wordt geëxamineerd. Schnabel adviseerde ook die landelijke examens onder de loep te nemen.

Wat vindt de Tweede Kamer?

De sector leek zelf ook een beetje geschrokken van het advies van Schnabel

De blauwdruk van Schnabel ging de meeste politieke partijen te ver. De Kamer kwam met Dekker overeen dat in de tweede helft van 2016 een 'verdiepingsfase' werd ingelast. Op grond van negatieve ervaringen uit het verleden (Middenschool, Basisvorming, Studiehuis) is de Kamer in meerderheid huiverig voor al te ingrijpende onderwijsherzieningen. Maar er moet wel wat gebeuren. Een experiment is nu de meest voor de hand liggende uitkomst.

Ter voorbereiding op het debat van vandaag organiseerde de Kamer twee dagen lang rondetafelgesprekken, waar het hele onderwijsveld nog eens langs kwam. De sector leek zelf ook een beetje geschrokken van het advies van Schnabel - door leraar en publicist Ton van Haperen eerder in de Volkskrant omschreven als 'holle retoriek uit de Schnabeltjeskrant'. Joost Kentson van de Onderwijscoöperatie (leraren, schoolleiders, bestuurders, leerlingen en ouders) gaf de tussenstand als volgt weer: 'Er is afstand genomen van de kennisdomeinen van Schnabel, omdat die het beeld opriepen van het verdwijnen van vakken. En dat is niet het geval.'

Het huidige curriculum motiveert de leerlingen niet

Harold Bekkering, hoogleraar cognitieve psychologie

De wens tot vernieuwing is zeker niet verdwenen. Harold Bekkering, hoogleraar cognitieve psychologie aan de Radboud Universiteit: 'Het huidige curriculum motiveert de leerlingen niet.' Peter van Hulsen van het landelijk platform Ouders en Onderwijs legde zijn achterban de stelling voor: 'Het onderwijsaanbod is verouderd.' Daar was 60 procent van de ouders het mee eens. En Sven Annen van scholierenorganisatie Laks zei: 'Het onderwijs moet betekenisvoller, zinvoller, persoonlijker en meer in samenhang.'

Is het curriculum wel het grootste probleem van het onderwijs?

Voor leerlingen allicht, maar leraren hebben nog veel meer aan hun hoofd. Meesters en juffen op basisscholen, verenigd in 'PO in actie', boden dinsdag de Kamer een petitie aan voor meer salaris en minder werkdruk. Ze dreigen met staking. Het aantal lesuren is in het hele onderwijs een kwestie, net als klassenverkleining.

Hoe gaat het nu verder?

Dekker heeft dinsdag geheim overleg gevoerd met de vier formerende partijen

Dekker heeft dinsdag geheim overleg gevoerd met de vier formerende partijen VVD, CDA, D66 en GroenLinks. Veel onderwerpen liggen stil tijdens de kabinetsformatie, maar de vernieuwing van het curriculum niet. Al kan de oppositie daar vandaag nog wel om vragen. Harm Beertema van de PVV bijvoorbeeld vreest dat '2032' een verkapte vorm van het door hem verfoeide 'nieuwe leren' is en ziet 'alleen maar cliché's'. Dekker hoopt ten minste op groen licht voor een proef met 'ontwikkelteams' waarin leraren het voortouw krijgen om 'vakoverschrijdend' te werken. Hij stelt daarvoor tot mei 2018 4,5 miljoen euro beschikbaar.