Nederland moet voorlopig op ouderwetse wijze stemmen, dus met rood potlood en stembiljet. Het kabinet heeft vrijdag het stemmen per computer afgeschaft. Staatssecretaris Bijleveld van Binnenlandse Zaken vindt dat pas weer elektronisch mag worden gestemd zodra ‘goede en moderne’ apparatuur voorhanden is.
Daarmee is een lange discussie voorlopig beslecht. Vlak voor de Kamerverkiezingen in 2006 wist een groep hackers (Wij Vertrouwen Stemcomputers Niet) de stemmachines te kraken. Op afstand konden uitgebrachte stemmen worden ‘afgeluisterd’.
In april 2007 concludeerde een commissie ‘wijze mannen’ onder leiding van VVD’er en oud-minister van Onderwijs Hermans dat ambtenaren al decennia wisten dat de stemmachines niet deugden. Eind vorig jaar kwam daar een advies bij van een commissie van VVD’er en oud-minister van Justitie Korthals Altes. De raad was: voorlopig stemmen met een potlood.
Het kabinet neemt dit advies over. Totdat er een onfeilbare stemcomputer bestaat, zal worden gewerkt met formulieren en stembussen. De eerste verkiezingen die weer met het potlood worden gehouden, zijn volgend jaar, voor een nieuw Europees Parlement. November dit jaar zijn er waterschapsverkiezingen, maar daarbij kan worden gestemd per post en internet.