De boodschap is niet dat Nederland blind de oorlog is ingerold, premier Balkenende alles fout heeft gedaan en de PvdA alsnog gelijk krijgt. Die partij stond destijds heel wat minder kritisch tegenover politieke steun voor de inval dan ze nu wil doen geloven.
Dat heeft de historicus en jurist Cees Fasseur maandagavond gezegd tijdens een lezing in Den Haag. Fasseur is lid van de commissie-Davids, die de betrokkenheid van Nederland bij de inval in Irak onderzocht en daarover op 12 januari een rapport presenteerde.
De timing is toevallig maar pikant: na wekenlange, moeizame onderhandelingen denkt het kabinet juist vanochtend een reactie op het rapport te kunnen presenteren. Alle ministers komen daartoe om negen uur bijeen.
Fasseur liet zich voor het eerst in het openbaar uit. Hij zei ‘als goed geïnformeerd burger’ te spreken. De commissie wordt op 1 maart ontbonden.
Fasseur wees onder meer op de houding van Wouter Bos en Klaas de Vries. Bos zei een maand voor de inval in Irak dat na Veiligheidsraadresolutie 1441 een tweede resolutie ‘wenselijk maar niet noodzakelijk’ was.
Als PvdA-senator is Klaas de Vries nu één van de felste critici van het Irak-besluit. Maar als PvdA-minister (van zomer 1998 tot zomer 2002) huldigde hij eind jaren negentig standpunten die veel leken op de argumentatie waarmee premier Balkenende en minister De Hoop Scheffer (Buitenlandse Zaken) tot politieke steun aan de inval in Irak besloten.
Blijkens notulen van de ministerraad van vóór 2002, die de commissie van het kabinet mocht inzien, betoogde De Vries daar over een eerder Amerikaans ingrijpen in Irak dat ‘machtspolitiek in dit geval prevaleerde boven een strikte toepassing van de regels van de internationale rechtsorde’.
Over de algemene politieke gedragslijn om Amerika te volgen, zei Fasseur: ‘Ook een minister van Buitenlandse Zaken als Max van der Stoel of Hans van Mierlo had zich vermoedelijk niet aan de invloed van de Atlantici op zijn departement en in het kabinet kunnen of willen onttrekken.’
Fasseur wees ook op een verklaring van PvdA en CDA van 24 maart 2003, waarin de partijen stelden ‘het beroep op resolutie 1441 als feitelijke grondslag voor de interventie te accepteren’. Daarmee verspreidde Bos, vier dagen na de inval, ‘mist over het standpunt van de PvdA’, gaf hij later toe. ‘Gelijk had hij’, zei Fasseur maandag.