‘De brief waarin Iran aankondigt de activiteiten te beginnen om uranium tot 20 procent te verrijken voor brandstof voor de kernreactor in Teheran, is overhandigd’, zei de Iraanse gezant bij het IAEA, Ali Asghar Soltanieh.
De aankondiging is een nieuwe provocatie van Iran, dat sinds oktbober vorig jaar weigert akkoord te gaan met een plan van het IAEA om 1200 kilo licht verrijkt uranium verder te laten verrijken in Rusland en Frankrijk. Iran zou het daarna terugkrijgen als nucleaire brandstof, bestemd voor een civiele kernreactor in Teheran. Op die manier kunnen er geen kernwapens van worden gemaakt.
Het IAEA is de atoomwaakhond van de Verenigde Naties. Iran was in 1968 een van de eerste ondertekenaars van het verdrag tegen de verspreiding van kernwapens, het zogeheten nonproliferatieverdrag (NPT). Het sloot zes jaar later een overeenkomst met het IAEA over samenwerking en controle. Teheran stelt geen kernwapens te willen en het volste recht te hebben nucleair onderzoek te doen.
Iran zegt het verrijkte uranium te willen gebruiken als brandstof voor de kerncentrales die het land bouwt. Voor dat doel is echter verrijkt uranium met een splijtbaar gehalte van slechts 3 procent voldoende.