Als een donderwolk hangt de uitspraak van CDA-voorzitter Peter van Heeswijk, eind maart in de Volkskrant, boven het Binnenhof. Over regeringsdeelname van de PVV na de Kamerverkiezingen van 2011 – bijvoorbeeld met CDA en VVD – zei hij: ‘Ik sluit geen enkele coalitie op voorhand uit.’
Na de week van de JSF-turbulentie begon het parlement vrijdag aan zijn lentereces. Wilders draait stationair rond de dertig zetels in de polls. Als 11 mei de politieke machine weer op gang komt, begint de aanloop naar de Europese Verkiezingen van 4 juni. De uitslag daarvan kan niet meer worden afgedaan als zomaar een peiling. Doet de PVV het goed, dan is Wilders als potentiële machtsfactor definitief zichtbaar. De traditionele partijen weten zich geen raad.
De PVV manifesteert zich niet eenduidig. In de debatten over de economische recessie en de JSF opereerde Wilders aan de zijde van de SP. De islam-bejegening is ultrarechts. Op andere onderwerpen sluit Wilders bij het midden aan. Hoe kan een politicus daartegen effectief ten strijde trekken?
'Watchen'
Fred Teeven is de PVV-watcher van de VVD, de partij waaruit Wilders afkomstig
is en waar hij nu veel kiezers wegkaapt. ‘Helaas valt er niet veel te watchen
bij de PVV, omdat hun bijeenkomsten niet openbaar zijn’, zegt Teeven. ‘Ik
mag er niet in, maar ik heb wel iemand die meekijkt. Ik weet wat er gebeurt.
Op die avonden is de taal nog harder dan in de Tweede Kamer. Met weinig
respect.’
Teeven noemt de PVV ‘gewoon een rechts-conservatieve partij’, waar de VVD ‘eenduidig liberaal’ is. De PVV is het best te bestrijden, zegt Teeven, door te benadrukken dat de VVD oplossingen biedt en de PVV niet. ‘Het voordeel van een kabinet met CDA, PVV en VVD zou zijn dat je op veiligheid en migratie zaken kunt regelen die met andere partijen moeilijker zijn. Maar de PVV is op financieel-economisch terrein een vergiet.’
Blijven ademhalen
Kamerlid Jan Schinkelshoek is een van de strategische denkers in de
CDA-fractie. Ook de christen-democraten hebben electoraal veel van de PVV te
vrezen. ‘Wie mij naar Wilders vraagt, geef ik het advies van mijn moeder:
gewoon blijven ademhalen. Dat is geen pleidooi voor lijdzaamheid. De
essentie van Wilders’ methode is dat hij aan allerlei ongelijksoortig
onbehagen stem geeft, waardoor hij moeilijk grijpbaar is. We moeten niet in
paniek raken, hem zeker niet negeren, maar bovenal de middelen die hij
beproeft niet overnemen.’
Alexander Pechtold van D66 voert tegen Wilders een snoeiharde oppositie die hem veel virtuele stemmen oplevert. Zijn de gevestigde partijen niet te soft? Schinkelshoek: ‘Pechtold emigreert als Wilders het hier voor het zeggen krijgt. Dat klinkt krachtig, maar is een zwaktebod. Je moet niet weglopen, je moet een alternatief bieden. Je moet de onzekerheden van Wilders’ kiezers serieus nemen en er een beter antwoord op geven.’
Foefje
Volgens Schinkelshoek wordt het politieke midden van twee zijden
‘fundamenteel’ uitgedaagd. ‘Op links hijgt de SP in de nek van de PvdA, op
rechts is Wilders bezig en dan niet met het floret maar met de moker. CDA,
PvdA en VVD zitten in de bankschroef. Wij voeren met onze opponenten een
slag om het vertrouwen. De kracht van het CDA is dat wij na 1945 mede dit
land hebben opgebouwd tot een solide democratie en verzorgingsstaat. Met
Wilders’ populisme los je de desoriëntatie bij de burger niet op. Wij zijn
een bewezen stabiele factor die zekerheid biedt.’
Rita Verdonk, ook afgescheiden van de VVD en doende haar Trots op Nederland ‘over het land uit te rollen’: ‘Dat verwijt van geen oplossingen bieden hoor ik ook altijd. Dat is een Haags foefje. Wij geven in debatten altijd oplossingen. Handhaven, bijvoorbeeld, maar dat wil de kliek hier niet horen. De regenten hebben van Nederland een oligarchie gemaakt waarin zo’n tweehonderd mensen het voor het zeggen hebben. De democratie moet terug naar de burger.’
Natuurlijk was het een vreemde gewaarwording, zegt Verdonk, eerst zelf hoog in de peilingen te staan en daarna de stemming te zien omslaan ten gunste van Wilders. Diens rechtsvervolging heeft daarmee veel te maken, denkt zij. Haar alternatief? ‘Wilders’ politieke beweging is gesloten, wij zijn open. Wij hebben een positieve boodschap, Wilders een negatieve. Wilders gaat uit van wantrouwen, wij van vertrouwen. Wij sluiten geen groep mensen uit op grond hun geloof. Wie meedoet, is welkom. Wij zijn hard maar fatsoenlijk: aanpassen of wegwezen.’
Te radicaal
Op het wetenschappelijk bureau van de PvdA denkt directeur Monika Sie dat
Wilders de integratieproblematiek vergroot in plaats van verkleint. ‘Wat ik
te vaak hoor is dat de analyse van Wilders wel klopt, maar dat zijn
oplossingen te radicaal zijn. De essentie is juist dat de analyse veel te
smal is. Je kunt de problemen van Nederland niet terugvoeren op 800 duizend
moslims. Dat past niet in de scheiding van kerk en staat, niet in de
Nederlandse traditie van verdraagzaamheid en zeker niet bij de geschiedenis
van de sociaal-democratie.’
Volgens Sie kunnen PvdA en PVV onmogelijk tot één coalitie toetreden. ‘Ik zie de PVV ook niet als een electorale concurrent. Wel als een morele. Als ik politicus was, zou mijn lijn zijn: alle problemen tot de islam herleiden deugt niet en die PVV-politiek moet consequent, elke dag worden bestreden.’
Oud-premier Dries van Agt zei in Trouw Wilders’ PVV ‘een verwerpelijke partij’ te vinden. ‘We buigen zeker niet naar ultrarechts.’ Hans Wiegel daarentegen, met wie Van Agt in 1977 in luttele dagen een kabinet vormde, verklaarde in De Pers het goed denkbaar te achten dat de volgende coalitie er een is van PVV, VVD én CDA. Zo drijft Wilders gezworen kameraden uit elkaar en blijft hij voorlopig de bliksem van het Binnenhof.