De aanval van televisiemaker Prem Radhakishun op het basisonderwijs was zo scherp dat reacties niet konden uitblijven. ‘Het onderwijssysteem heeft gefaald’, zei Radhakishun in de vorige week donderdag uitgezonden eerste aflevering van De School van Prem. En, bij monde van voice-over Maartje van Weegen: ‘Kinderen met een leerachterstand, veroorzaakt door hun eigen basisschool.’
Radhakishun volgt tien leerlingen uit groep 8 van de basisschool op weg naar de Cito-eindtoets begin februari. Daar hangt veel van af, want de test bepaalt mede voor welke middelbare school de leerling geschikt is. Wat de kinderen uit De School van Prem bindt is dat ze een forse leerachterstand hebben ten opzichte van het verwachte niveau van groep 8. En dat hun ouders een commercieel bijscholingsinstituut hebben ingeschakeld omdat ze vermoeden dat er meer uit te halen is. Elk weekeinde krijgen ze op kasteel Nijenrode extra les en begeleiding.
‘Prem deelt omwille van amusement een onterechte zwartepiet uit aan het onderwijs’, aldus een woordvoerder van de Algemene Onderwijsbond, die vindt dat de tv-serie grote schade toebrengt aan het onderwijs. Sectororganisatie PO Raad noemt het programma erg ongenuanceerd, ‘zoals Radhakishun altijd is’, en onderstreept dat de intensieve begeleiding die de kinderen nu krijgen er op gewone scholen niet in zit. Bovendien wekt de tv-verpakking argwaan: ‘Het is een amusementsprogramma, maar wel met levend materiaal’, zegt een woordvoerder. ‘Voor de kinderen is te hopen dat het goed afloopt.’
Minister Plasterk van Onderwijs, afgelopen weekeinde te gast bij de opnamen is daar minder beducht voor. ‘Er werd respectvol met kinderen en ouders omgegaan.’ Ook denkt hij dat de schade aan het onderwijs wel meevalt. ‘Dat kan wel een stootje hebben.’
Plasterk vindt het goed dat het programma het debat aanwakkert, maar hij heeft ook stevige kritiek. ‘Door zo de nadruk te leggen op het ‘halen’ van een hoog schooladvies, diskwalificeert hij de hele grote groep leerlingen die straks naar het vmbo gaat. Terwijl ze daar op goede scholen worden opgeleid voor prachtige beroepen als meubelmaker of buschauffeur. En zelfs als deze leerlingen na een stoomcursus hoger scoren, mag je niet zeggen dat hét onderwijs heeft gefaald. Om nog maar te zwijgen over de vraag of ze straks op de middelbare school dat hogere niveau wel aan kunnen.’
Ook toetsinstituut Cito in Arnhem vindt het onzin de laatste maanden voor de toets met stampwerk kinderen klaar te stomen. Het is geen examen waarvoor je kunt zakken – al heeft Radhakishun het steeds over het ‘halen’ van de toets – maar een poging te meten wat de leerlingen in hun mars hebben.
Prem Radhakishun vindt alle kritiek voorbarig. Hij blijft herhalen dat het een tiendelige real-life docudrama is. ‘Kijk naar alle tien afleveringen, daarna mag je me alles voor de voeten werpen.’ Hij zegt bewust voor deze aanpak te hebben gekozen. ‘Als je een documentaire over leerachterstanden maakt, bereik je veel te weinig mensen. Met deze opbouw kun je wel een heel breed publiek bereiken. Aan de reacties af te lezen, is me dat alvast gelukt.’