Vali Myers, Parijs (1952-1954)
Vali Myers, Parijs (1952-1954) © Ed van der Elksen/Nederlands Fotomuseum, courtesy Annet Gelink Gallery

Dia's fotograaf Van der Elsken gered met nieuwe restauratietechniek

De dia's van Ed van der Elsken, die dreigden te verschimmelen in het archief, zijn gered. Het Nederlands Fotomuseum toont op de jaarbeurs Paris Photo hoe de schimmel wordt bestreden.

Van de 45 duizend kleurendia's van Nederlands beroemdste fotograaf Ed van der Elsken is zo'n 70 procent aangetast door schimmel. Kleuren vervagen en afbeeldingen verdwijnen uiteindelijk. Het goede nieuws is dat de schatbewaarder van Van der Elsken, het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam, een methode heeft ontdekt om bij grote aantallen de schimmel te verwijderen en de dia's in hun oude glorie te herstellen. Morgen presenteert het museum zijn methode voor een internationaal publiek van museumdirecteuren en conservatoren in Parijs. Daar wordt de toonaangevende fotobeurs Paris Photo gehouden.

Na zijn dood in 1990 werd het archief van Van der Elsken overgedragen aan een van de voorlopers van het Fotomuseum, het Nederlands Fotoarchief. Behalve de dia's kreeg het museum ook de meer dan 100 duizend zwart-witnegatieven in beheer. Toen al was op sommige kleurendia's craquelé zichtbaar die de aanwezigheid van schimmels verraadt. 'Van der Elsken vond het effect wel charmant, het deed hem denken aan oude schilderijen. Maar intussen is wel duidelijk dat de schade aan de dia's zonder behandeling desastreus is', zegt hoofd collecties Martijn van den Broek van het museum.

Van der Elsken bewaarde zijn archief in zijn woning, een dijkhuis bij Edam. 'We weten dat daar vochtproblemen waren. Die omgeving, vochtig en relatief warm, vormde ideale omstandigheden voor de groei van schimmels', aldus Van den Broek.

De aantasting wordt sinds de overdracht vertraagd doordat het museum de dia's en negatieven bewaart in optimale klimatologische omstandigheden (3 graden Celsius, 33 procent relatieve luchtvochtigheid). Maar om het werk te kunnen tonen - onder de dia's bevindt zich een nog onbekend aantal meesterwerken - en ze voor de toekomst veilig te stellen, is de grootscheepse restauratie noodzakelijk.

Het kleurenwerk van Van der Elsken is veel minder bekend dan zijn zwart-witfoto's, waarvan bijvoorbeeld de in het boek Een Liefdesgeschiedenis in St Germain des Prés afgedrukte, wereldfaam genieten.

Repro-dia's

Onder de dia's bevindt zich een nog onbekend aantal meesterwerken

Restaurator Katrin Pietsch heeft acht jaar gewerkt aan de methode om de schimmels op de dia's aan te pakken. 'De schimmel geeft zure stofjes af die de emulsie, met als hoofdcomponent gelatine, van de dia's aantasten. Ze zijn ingeraamd en opgeborgen in plastic mapjes. Die raampjes vormen eigenlijk minuscule kamertjes waarin condens kan ontstaan, samen met de gelatine de perfecte voedingsbodem voor schimmel.'

Jarenlang heeft Pietsch geëxperimenteerd met methoden om de schimmel te verwijderen zonder de dia's zelf te beschadigen. Daarvoor werden repro-dia's zonder artistieke waarde gebruikt, niet van Van der Elsken zelf maar wel uit de perioden (van de jaren vijftig tot 1990) waarin hij zijn opnamen maakte. Een klein deel van zijn dia's, naar schatting 1 procent, is dermate aangetast dat restauratie niet meer mogelijk is. Die worden gescand en min of meer prijsgegeven aan het - in de gekoelde kluis uitermate trage - verval.

Een belangrijk vervolg op het ontwikkelen van de chemische methode voor het schimmelvrij maken van de dia's vormt volgens Pietsch de seriematige aanpak. 'Het bewerken van een enkele dia beheersen we al een tijdje. Maar aangezien het een half uur duurt, is dat bij de behandeling van deze enorme collectie dia's geen bruikbare en een te kostbare methode. Wij hebben een manier bedacht waarbij we twintig foto's per behandeling kunnen aanpakken, zodat de hele diacollectie in principe in enkele jaren kan worden gerestaureerd.'

Flinterdun raamwerk

Hierbij worden de dia's verwijderd uit hun raampje, bevestigd aan een flinterdun raamwerk, gewassen in verschillende baden met chemicaliën, gedroogd, per stuk gedigitaliseerd en museaal verpakt.

Hoewel het museum al is begonnen met een pilot voor wat het de grootste fotorestauratie uit de Nederlandse geschiedenis noemt, zoekt het nog naar financiers voor het project. 'Van de zeker twee ton die we hiervoor nodig hebben, is al een kwart binnen', zegt Van den Broek. Hij verwacht dat fotomusea wereldwijd belangstelling hebben voor de methode, die nergens anders wordt beproefd. Ook zij hebben zeker te kampen met door schimmel aangetaste dia-archieven.